Tenerife

Tenerife het grootste eiland van Canarias (provincie Santa Cruz de Tenerife)

het wapen

de vlag
Gegevens
Hoofdstad Santa Cruz de Tenerife
Comunidad autónoma Canarias
Officiële taal Spaans
Oppervlakte 2.034 km²
Hoogtes
  • Gemid.
  • Max.
  • Min.

     92 m.b.z.
3.718 m.b.z.
        0 m.b.z.
Bevolking (2020)
Bevolking tot.
Bevolkingsdichtheid

928.604 inw.
456,54 inw/km²
Bevolkingsnaam tinerfeño, -a 
chicharrero, -a
Patroon
Patrones
De algemene patrones van de Canarische eilanden
San Miguel Arcángel
Virgen de los Remedio

Virgen de Candelaria
ISO 3166-2 ES-ZA

Tenerife, gelegen in de Atlantische Oceaan, is een eiland  dat behoort tot de Spaanse autonome gemeenschap van de Islas Canarias, dat op zijn beurt verdeeld is in twee provincies. Tenerife behoort samen met La Palma, La Gomera en El Hierro tot de provincie Santa Cruz de Tenerife. Tenerife is op één na, Mallorca is groter, het grootste eiland van Spanje, wel is het ’t dichtst bevolkte eiland van Spanje. En als we kijken naar de regio Macaronesië, dan is Tenerife ook het grootste en dichtst bevolkte van deze verzameling van eilanden.

Santa Cruz de Tenerife is de hoofdstad van het eiland en van de gelijknamige provincie. Met zijn meer dan 200.000 inwoners is het ook de dichtstbevolkte stad van de provincie. Het predicaat hoofdstad van de Comunidad autónoma deelt ze met Las Palmas de Gran Canaria. Santa Cruz de Tenerife was tussen 1833 en 1927 de enige hoofdstad van de Canarische archipel, totdat men in 1927 bij decreet bepaalde dat de hoofdstad van Canarias werd gedeeld met Las Palmas de Gran Canaria, en dat is tot op heden nog steeds het geval. De op één na dichtstbevolkte gemeente van het eiland, met meer dan 155.000 inwoners is San Cristóbal de la Laguna. Het historisch centrum van deze stad op Werelderfgoedlijst van UNESCO. Het grootstedelijk gebied Santa Cruz de Tenerife telt meer dan 400 000 inwoners.

Wat u interesseert:

Op het eiland bevindt zich nog een ander Werelderfgoed van UNESCO, namelijk  het parque nacional del Teide (Nationaal Park Teide), het meest bezochte nationale park van Spanje en een van de meest bezochte ter wereld. Hier bevindt zich de hoogste vulkaan van Spanje en de op twee na grootste vulkaan ter wereld vanaf zijn basis op de oceaanbodem, de Teide. En het Macizo de Anaga (Anagamassief) werd op 9 juni 2015, door UNESCO in de lijst van biosfeerreservaten opgenomen vanwege zijn natuurlijke en etnografische rijkdommen. Het is het natuurgebied met het grootste aantal endemische soorten in Europa.

Het auditorio van Tenerife ‘Adán Martín’ is een van de spectaculaire moderne gebouwen van de architect Santiago Calatrava.

Het belangrijkste feest, van groot belang voor de economie van het eiland, is het Carnaval van Santa Cruz de Tenerife, uitgeroepen tot Fiesta de Interés Turístico Internacional (Festival van Internationaal Toeristisch Belang). Samen met dat van Rio en Venetië, wordt het beschouwd als één van de belangrijkste ter wereld. Daarnaast heeft het eiland een gevarieerde architectuur, waaronder koloniale en hedendaagse architectuur, waarvan de grootste exponent het moderne gebouw van het Auditorio de Tenerife in Santa Cruz de Tenerife is. Het eiland staat ook bekend als een belangrijke toeristische bestemming, die jaarlijks meer dan zes miljoen toeristen ontvangt, waardoor het de belangrijkste toeristische bestemming van de Canarische Eilanden is, en tevens een van de belangrijkste van Spanje en de wereld.

Toponymie


De verschillende culturen gaven Tenerife in de loop van de geschiedenis verschillende namen. Voor de inheemse Guanchen heette het eiland bijvoorbeeld Achined, Achinet of Chenet. De naam, afhankelijk van de geraadpleegde bibliografie, kan verschillende spellingsvarianten aannemen. Volgens de historicus Ignacio Reyes zou de primitieve vorm (w)a-zenzen zijn met de waarde van ‘resonantie, gebrom, gerommel’, terwijl Álvarez Delgado aangeeft dat Achinech -at-ti-ney- “een aanhankelijke of affectieve uitdrukking” is die zich laat vertalen als ‘hier is mijn’ of ‘mijn’, ‘mijn land’.

In Romeinse beschrijvingen van de Afortunadas (vooral Plinius de Oudere in zijn werk Naturalis Historia) werd er een genoemd, Nivaria of Ninguaria (van het Latijnse nix, nivis, sneeuw), wat zou verwijzen naar de sneeuw op de vulkaan van Tenerife die bekend staat als Teide.

Op Portulaanse kaarten uit de 14e en 15e eeuw wordt het eiland verschillend wordt geïnterpreteerd. Insuladel’inferno (Helle-eiland) genoemd, vanwege de erupties waarbij de vulkaan betrokken was. Een Venetiaanse navigator in dienst van de Portugese kroon, genaamd Alvise Cadamosto, geeft een realistischer verslag van Tenerife en de berg Teide in 1445: “…. Ik moet speciaal Tenerife noemen, het dichtbevolkte en een van de hoogste eilanden ter wereld, want bij helder weer is het van een enorme afstand te zien; en geloofswaardige zeelieden beweren het, naar hun mening, vanaf zestig en zeventig Spaanse mijlen gezien te hebben, want in het midden ervan bevindt zich een piek, in de vorm van een diamant, die zeer hoog is en die voortdurend brandt…”.

Panoramisch uitzicht op het keteldal van Las Cañadas del Teide.

Aangenomen wordt dat de huidige naam van het eiland te danken is aan de verschijning van de berg Teide, zoals die door de Benahoarieten (inboorlingen van La Palma) werd gegeven uit de woorden Tener (wit) en ife (berg). De oudste bekende schriftelijke vermelding van Tenerife is in de vorm Tenerefiz en dateert van rond 1350, in een literair werk met de titel Libro del Conoscimiento (Boek van de kennis). In de loop van de geschiedenis zijn er echter andere verklaringen gegeven voor de oorsprong van de naam van het eiland. Zo suggereerden onder meer de achttiende-eeuwse historici Juan Núñez de la Peña en Tomás Arias Marín de Cubas dat de naam van het eiland afkomstig zou kunnen zijn van de legendarische Guanche-mencey Tinerfe, bijgenaamd “el Grande” (de Grote), die over het hele eiland heerste in de tijd vóór de verovering van de Canarische Eilanden door Castilla (15e eeuw). Een Mencey was de leider of koning van de oorspronkelijke bewoners (Guanches) van het eiland.

Fysieke geografie


Tenerife is een grotendeels ruig eiland, met een reliëf dat gevormd is door opeenvolgende vulkaanuitbarstingen in de loop van de geschiedenis, waarvan de meest recente die van Chinyero in 1909 was. 

Het eiland legt iets noorden van de Kreeftskeerkring en neemt een centrale positie in tussen Gran Canaria, La Gomera en La Palma. Het ligt op iets meer dan 300 km van de Afrikaanse kust en op ongeveer 1.000 km van het Iberisch schiereiland.

Tenerife heeft een driehoekig vorm en is het grootste eiland van de Canarische archipel. Het  heeft een oppervlakte van iets meer dan 2034 km² en de langste kustlijn (342 km). Tenerife is het hoogste eiland van Spanje, in het centrum ervan staat de top van de berg Teide, die met 3718 m boven de zeespiegel het hoogste punt van Spanje is. Het is het hoogste eiland in de Atlantische Oceaan en de op twee na grootste vulkaan ter wereld vanaf zijn basis op de oceaanbodem, alleen overtroffen door Mauna Kea en Mauna Loa (beide in de Hawaïaanse archipel). Er liggen wel tweehonderd kleine eilandjes of rotsen omheen, waaronder Anaga, Garachico en Fasnia, die samen een oppervlakte hebben van bijna 214 m². 

De oorsprong en vorming van het eiland

Tenerife is een eiland van vulkanische oorsprong, waarvan de vorming tussen 20-50 miljoen jaar geleden op de oceaanbodem begon.

Volgens een van de meest aanvaarde theorieën in de wetenschappelijke gemeenschap (de “uplifted blocks theory”), komt het magma uit de aardmantel omhoog tijdens perioden van tektonische activiteit vanuit breuken of scheuren op de oceaanbodem. Deze volgen de structurele assen van het eiland, en werden gevormd tijdens de Alpine orogenese van het Tertiaire Tijdperk door de beweging van de Afrikaanse plaat. Deze onderzeese uitbarstingen op de breuklijnen van de platen geven aanleiding tot de zogenaamde kussenlava’s, die ontstaan door de snelle afkoeling van het magma wanneer het in contact komt met het water, waardoor het een zeer karakteristieke vorm krijgt. Deze materialen stapelden zich op en bouwden het eilandgebouw onder de zee op. Toen het ’t oppervlakte naderde, kwamen er gassen vrij uit het magma ten gevolge van een daling van de omgevingsdruk, en de vulkanische episoden gingen van een rustig naar een uitgesproken explosief karakter, waarbij fragmentarisch materiaal werd gevormd.

Na een lange periode van opeenhoping van materialen vond het ontstaan van het eiland plaats aan het eind van het Mioceen (Tertiair Tijdperk). Zeven miljoen jaar geleden ontstonden de gebieden Teno, Anaga en Macizo de Adeje, in wat bekend staat als de Serie Basáltica Antigua (Oude Basaltreeks) of Serie I. Hierdoor werden drie chronologisch en stratigrafisch (gelaagde) verschillende eilanden gevormd aan de westelijke, oostelijke en zuidelijke uiteinden van het huidige Tenerife.

Een tweede, veel intensievere vulkanische cyclus (Formaciones Postmiocenas of Series Recientes II, III en IV) begon ongeveer 3 miljoen jaar geleden en omvatte elementen in het centrale gedeelte van het eiland, die ontstond tussen de drie hierboven beschreven vulkanen en er één geheel van maakte. Het toen gevormde bouwwerk staat bekend als het Edificio pre-Cañadas, op de resten van dit ‘gebouw’ brachten latere erupties nog een of meerdere lagen aan die het Edificio Cañadas I vormden. Deze laatste onderging verschillende instortingen en stootte een grote verscheidenheid van explosief materiaal uit dat aanleiding gaf tot de zogenaamde Bandas del sur (het huidige zuid-zuidoosten).

Hoe het eiland zich in de loop der tijden ontwikkelde.

Later, op de ruïnes van dit complex, zou het Edificio Cañadas II verrijzen, boven 2500 meter, eveneens met intense explosieve processen. Rond 1 miljoen jaar geleden begon de bouw van de Cordillera Dorsal, met een breuklijn vulkanisme, vanaf de overblijfselen van de reeds gedeeltelijk ontmantelde gebouwen van de I-Serie. De Cordillera Dorsal is het hoogste hoogte- en lengtegebergte van de Canarische archipel, met een hoogte van 1.600 meter en een lengte van 25 kilometer. In deze zelfde chronologische ruimte (800.000 jaar geleden) vonden twee enorme aardverschuivingen plaats die leidden tot het ontstaan van de valleien van La Orotava en Güímar.

Tenslotte, zo’n 200.000 jaar geleden, begonnen de uitbarstingen die het Edificio Pico Viejo-Teide in het midden van het eiland, over de Caldera de Las Cañadas heen, zouden doen rijzen.

Orografie en landschap
El Teide, die met 3.718 meter de hoogste berg van Spanje is.

De abrupte orografie van het eiland en de verscheidenheid aan klimaten resulteren in een eiland met talrijke landschappen en vormen, van het Nationale Park van de Teide met zijn amalgaam van kleuren die het resultaat zijn van opeenvolgende vulkaanuitbarstingen, tot de kliffen van Los Gigantes (acantilados de Los Gigantes) met hun verticale wanden, tot halfwoestijnen met droogteresistente planten in het zuiden, of milieus van zuiver vulkanische aard zoals de Malpaís de Güímar of de Malpaís de La Rasca.

Het heeft ook natuurlijke stranden zoals El Médano (met beschermde gebieden zoals Montaña Roja en Montaña Pelada), valleien met tropische en subtropische gewassen, laurierbossen in de massieven van Anaga en Teno (met diepe, steile ravijnen) en uitgestrekte dennenbossen boven deze laatste vegetatie.

Edificio central

Letterlijk  vertaald is dat het ‘Centraal gebouw’ terwijl het eigenlijk een geologische structuur is. De belangrijkste structuren van Tenerife, die hieronder worden beschreven, vormen het Edificio Central, met het Teide-Pico Viejo complex (de oude vulkaan) en het keteldal van Las Cañadas. Dit is een halve ketel van 130 vierkante kilometer, die is gevormd door een reeks geologische processen die in het hoofdstuk Ontstaan en Vorming worden toegelicht. Het keteldal wordt gedeeltelijk ingenomen door de stratovulkaan Teide-Pico Viejo en aangevuld door het materiaal dat deze tijdens zijn verschillende uitbarstingen heeft uitgestoten. In het binnenland vallen de Roques de García op, waarvan de Roque Cinchado de bekendste is. Een andere opvallende formatie is Los Azulejos, die bestaat uit groenachtige fonolieten die door hydrothermale activiteit zijn ontstaan.

Ten zuiden van La Caldera ligt de berg Guajara, die met 2.718 meter de hoogste is van de bergen die samen het amfitheater van Las Cañadas del Teide vormen. Aan de voet van deze wanden zijn endoreïsche vlakten van zeer fijn sedimentmateriaal ontstaan, waarvan de bekendste de Llano de Ucanca is.

De top van de Teide is met 3.718 meter boven de zeespiegel en meer dan 7.000 meter boven de oceaanbodem het hoogste punt van het eiland, van het Spaanse grondgebied en van alle opkomende landen van de Atlantische Oceaan. Deze vulkaan, de op twee na grootste ter wereld vanaf zijn basis, is het symbool bij uitstek van Tenerife en het meest emblematische natuurmonument van de Canarische archipel. Zijn centrale ligging, zijn omvang, zijn silhouet en zijn besneeuwde landschap geven hem een unieke persoonlijkheid. Het werd reeds door de inheemse Guanchen beschouwd als een plaats van aanbidding en verering.

Sinds 1954 zijn El Teide en het hele keteldal eromheen (hoewel de grenzen ervan later zijn verlegd) uitgeroepen tot nationaal park. Bovendien is het sinds juni 2007 door de UNESCO als natuurlijk erfgoed opgenomen op de Werelderfgoedlijst. In het westen ligt de vulkaan Pico Viejo. Aan de ene kant hiervan bevindt zich de vulkaan Chahorra of Narices del Teide, waar de laatste uitbarsting in het gebied rond de Teide plaatsvond in 1798.

Massieven

Het Anagamassief, aan de noordoostkant van het eiland, heeft een onregelmatig en ruig topografisch profiel waar, hoewel het niet erg hoog is. Door de ouderdom van de materialen (5,7 miljoen jaar), de diepe erosieprocessen en het dichte netwerk van dijken die het massief doorkruisen, komen aan de oppervlakte talrijke gesteenten voor, zowel van fonolitische als van trachitische oorzaak. Er zijn een groot aantal steile ravijnen die diep in het terrein zijn ingebed. De kust van Anaga wordt gedomineerd door kliffen, zodat er weinig stranden zijn; de stranden die er zijn, vallen echter meestal samen met de uitmondingen van ravijnen, waarvan sommige rotsachtig zijn en andere  zwart zand bevatten.

Het westelijke deel van Tenerife waar we de kliffen van Los Gigantes zien, die op sommige plaatsen de 500 meter behalen.

Het Teno-massief bevindt zich in het uiterste noordwesten. Net als in Anaga is het een gebied van ontmantelde structuren en diepe ravijnen die door erosie zijn ontstaan. De materialen hier zijn echter een stuk ouder (ongeveer 7,4 miljoen). Opvallend is de berg Gala, die met 1342 meter de hoogste is. Het meest unieke landschap van dit massief is te vinden aan de zuidkust. Dit zijn de kliffen van Los Gigantes, met verticale wanden die op sommige plaatsen een hoogte van 500 meter bereiken.

Het Adeje-massief bevindt zich in het uiterste zuiden van het eiland, met als grootste exponent de Roque del Conde, op een hoogte van 1001 meter. Het massief valt niet zo op door zijn gereduceerde oorspronkelijke structuur, een feit dat, gevoegd bij de geologische geschiedenis van de plaats, heeft geleid tot een intense ontmanteling van de materialen, waardoor het zijn oorspronkelijke uiterlijk en omvang heeft verloren.

Bergkammen

De Cordillera Dorsal of de Dorsal de Pedro Gil is een gebergte (een dorsal is in dit geval een bergkam of een bergrug) dat loopt van het begin van de berg La Esperanza, op een hoogte van ongeveer 750 meter, naar het centrale gedeelte van het eiland, in de buurt van de Caldera de Las Cañadas, met de Izaña als hoogste punt, op 2350 m. b. z. Deze structuur is gevormd door een breuklijn-vulkanisme van een basaltachtig type, dat door een breuk van de assen of structuurlijnen aanleiding heeft gegeven tot het vulkanisme van het eiland.

Het beschermd landschap van Las Lagunetas.

De Abeque bergkam wordt gevormd door een keten van vulkanen die het Teno massief verbinden met het centrale insulaire bouwwerk Teide-Pico Viejo. De historische vulkaan van Chinyero, waarvan de laatste uitbarsting in 1909 werd geregistreerd, behoort tot deze bergkam.

De dorsal Sur (zuidelijke bergkam) of dorsal de Adeje wordt beschut door de laatste van de structurele assen. De overblijfselen van het massief zien we als een oerformatie, en als een lijnen van kleine vulkanische kegels en rotsen die verspreid liggen over dit gebied in het zuiden van Tenerife.

De Anaga bergkam verdeelt het Anaga massief op natuurlijke wijze van oost naar west. Het scheidt de valleien van San Andrés (in het zuiden) en Taganana (in het noorden).

Valleien

De valleien zijn een van de opvallendste vormen van reliëf. De belangrijkste zijn de vallei van La Orotava en de vallei van Güímar, die zijn ontstaan door de aardverschuiving van grote hoeveelheden materiaal in de richting van de zee, waardoor een holte in het terrein is ontstaan. Er zijn nog andere valleien verspreid over de geografie van Tenerife, zij het in dit geval van een andere aard. Meestal zijn het valleien die zijn gevormd na de afzetting van grotere hoeveelheden geologisch materiaal in laterale heuvels, of gewoon brede geulen van bepaalde ravijnen die in hun evolutie het uitzicht van typische valleien hebben aangenomen.

Ravijnen

Tenerife wordt, vooral door zijn hoge ligging en zijn silhouet dat op een zadeldak lijkt, doorkruist door een groot aantal ravijnen. Deze vormen een van de karakteristiekste elementen van het landschap, ontstaan door de erosie die in de loop van de geschiedenis door afvloeiing van het oppervlak is veroorzaakt. Van bijzonder belang zijn de ravijnen van Ruiz, Fasnia en Güímar, de ravijnen van Infierno en Erques, die door de Canarische instellingen allemaal zijn uitgeroepen tot beschermde natuurgebieden.

De bedding van de Barranco del Infierno, op dit punt bekend als de Barranco de la Fuente. (barranco = ravijn)
Kusten

De kusten zijn over het algemeen ruig en abrupt, hoewel meer in het noorden dan in het zuiden. Toch bestaat 67,14 kilometer van de kustlijn van Tenerife uit stranden, alleen het eiland Fuerteventura overtreft hiermee dat van Tenerife. Aan de noordkust zijn kiezel- of zwarte zandstranden gebruikelijk, terwijl in het zuiden en zuidwesten van het eiland stranden met fijner, lichter gekleurd zand de overhand hebben.

Vulkanische pijpen

Magmakamers, of vulkanische pijpen of buizen, zijn vulkanische grotten, gewoonlijk in de vorm van tunnels, die in het inwendige van min of meer vloeibare magmastromen zijn gevormd tijdens de duur van de reogenetische activiteit. Onder de vele vulkaanbuizen op het eiland is de zogenaamde Cueva del Viento, gelegen in de noordelijke gemeente Icod de los Vinos, het is de grootste vulkaanbuis van Europa.

Flora en Fauna

Het eiland Tenerife kent ondanks zijn geringe oppervlakte een opmerkelijke ecologische diversiteit, die het gevolg is van zijn bijzondere milieuomstandigheden, aangezien de ruwe orografie plaatselijk de algemene klimaatomstandigheden wijzigt, waardoor een grote verscheidenheid aan microklimaten ontstaat. Dit grote aantal microklimaten, en dus natuurlijke habitats, komt tot uiting in de vegetatie van het eiland. die bestaat uit een rijke De rijke gevarieerde flora van het eiland bestaat uit ongeveer 1400 verschillende vaatplanten (vroeger ook wel hogere planten genoemd), waaronder zo’n 200 endemische – en 140 exclusief Tenerife soorten.

Uitzicht over een van de landschappen van het eiland.

Door de concentratie van dit plantenerfgoed van ongeveer 140 exclusieve soorten heeft het eiland Tenerife de grootste lijst van endemische flora in Macaronesië. Bovendien zorgt de verschillende chemische samenstelling van de verschillende vulkanische materialen die het eiland hebben opgebouwd, steeds onder de gecombineerde invloed van klimatologische factoren, voor een groot verschil aan bodems. De combinatie van deze factoren is bepalend voor de aanwezigheid van talrijke habitats waarin talrijke planten- en dierengemeenschappen leven die samen het unieke ecosystemen van Tenerife vormen.

De studie van de flora en fauna van Tenerife kan op een meer geordende manier worden uitgevoerd, als ze wordt ingedeeld volgens de verschillende ecologische niveaus waarin het terrein van het eiland is verdeeld. Bij deze indeling wordt vooral rekening gehouden met de noordelijke of zuidelijke oriëntatie van de hellingen van het eiland en, uiteraard, met de hoogte:

Bosque de Laurisilva in het Anaga massief.

Tajinastes rojos.

Retama del Teide (Spartocytisus supranubius).

Ocotea foetens in zijn natuurlijke habitat.

  • Cardonal-tabaibal (distelachtig-wolfsmelkachtige): 0-700 m: Deze laag wordt gekenmerkt door veel zonneschijn en weinig neerslag. De plantensoorten die opvallen zijn de Euphorbia atropurpurea (wolfsmelkfamilie), Carthamus lanatus en Ceropegia dichotoma, Aeonium ciliatum, enz. Wat de fauna betreft, zijn er weinig gewervelde diersoorten in dit ecosysteem; als er al zijn, zijn het enkele vogels of reptielen. Anderzijds zijn insecten zeer goed vertegenwoordigd.
  • Thermofiele bossen: 200-600 m: Deze bodem heeft een hogere vochtigheidsgraad en meer neerslag, en minder zonneschijn. Belangrijke boomsoorten zijn palmen, jeneverbessen, wilde olijfbomen en een reeks endemische soorten zoals peralillos, guaidiles, españeros, malvas de risco en cinerarias. De fauna omvat de vanessa vulcania vlinder en insectenetende vogels zoals de kleine zwartkop en de zwartkop.
  • Laurisilva (Laurierjungle): 500-1000 m: Dit is een dicht woud van grote bomen, erfgenamen van de flora van het Tertiair, dat groeit in gebieden met overvloedige mist en frequente regenval. De meest voorkomende plantensoorten zijn de laurier, de Ocotea foetens, de vinatigos, de barbusanos, en andere kleinere soorten zoals de bicácaro, de cresta de gallo, de corregüela en een grote verscheidenheid aan varens. Wat de fauna betreft, is het laurierbos de laag met de meeste ongewervelde dieren en het hoogste percentage endemische soorten, waaronder regenwormen, weekdieren en, vooral, geleedpotigen. De gewervelde fauna omvat enkele soorten vleermuizen en twee endemische vogels die met uitsterven worden bedreigd, de Bolles laurierduif en de verwante laurierduif.
  • Fayal-brezal: 1000-1500 m: Dit is ook een bos, maar in dit geval is het droger en arm aan soorten. De belangrijkste soorten zijn fayas, brezos (heide), Ilex canariensis… Er is ook een overvloed aan verschillende soorten paddenstoelen die zowel eetbaar als zeer giftig kunnen zijn.
  • Dennenbos: 800-2000 m: In open formatie, gekenmerkt door een toename van de zonneschijn en minder gelijkmatige dag-nacht- en seizoenstemperaturen. De Canarische den steekt boven andere soorten uit. De fauna is niet erg divers, er zijn twee prachtige endemische vogels, zoals de blauwe vink en de grote bonte specht.
  • Hooggebergte: Boven 2000 m: droog klimaat, zeer veel zon en extreme temperaturen. Ondanks deze veeleisende omstandigheden groeien hier endemische planten van wetenschappelijk belang en schoonheid, zoals tajinastes rojo, retama del Teide, codeso, violeta de Teide en diersoorten, voornamelijk ongewervelden zoals kevers, wantsen en vlinders.

Wat zeker niet vergeten mag worden is de uitgebreide mariene fauna, waarvan de belangrijkste de oude tandbaarzen (meros), abades, salemas, samas, pargos, enz. zijn. Ook van groot belang zijn de onechte karetschildpad en de permanente kolonies walvissen en dolfijnen die de zuidkust van het eiland bevolken. Tenerife telt 56 vogelsoorten, 13 landzoogdieren, 5 reptielen, enkele duizenden ongewervelde dieren, 2 amfibieën en 400 vissoorten en enkele soorten zeeschildpadden en walvisachtigen.

Pre-historische fauna

Vóór de komst van de aboriginals werden de Canarische Eilanden, en vooral Tenerife, bewoond door endemische prehistorische dieren, waarvan de meeste nu uitgestorven zijn. Deze specimens werden groter dan normaal, dit is wat men noemt eilandgigantisme.

Van de bekendste soorten die op Tenerife werden aangetroffen waren;

  • De reuzenhagedis (Gallotia goliath): Hij bewoonde het eiland Tenerife vanaf het Holoceen tot de 15e eeuw n.Chr. Het was een exemplaar dat een lengte van 120 tot 125 centimeter bereikte.
  • De reuzenrat (Canariomys bravoi): Zijn fossielen dateren hoofdzakelijk uit het Plioceen en Pleistoceen. Zijn schedel was tot 7 centimeter lang, zodat hij de grootte van een konijn kon hebben, waarmee hij de grootste van zijn familie was en aanzienlijk groot in vergelijking met andere Europese rattensoorten. Fossielen van Canariomys bravoi komen vaak voor in vulkanische buizen en grotten in associatie met Gallotia goliath.
  • De reuzenschildpad (Centrochelys burchardi): Dit was een grote landschildpad, vergelijkbaar met die welke tegenwoordig op sommige oceanische archipels voorkomen, zoals de Galapagos-eilanden in de Stille Oceaan en de Seychellen-eilanden in de Indische Oceaan. De gevonden overblijfselen dateren uit het Mioceen. Aangenomen wordt dat hij het eiland bewoonde tot het Boven-Pleistoceen en zijn uitsterven zou te wijten zijn aan vulkanische gebeurtenissen lang vóór de komst van de mens. Zijn schaal was ongeveer 65-94 cm.

Schedel van Canariomys bravoi.

Gefossiliseerd dijbeen van Centrochelys burchardi.

Gemummificeerd specimen van Gallotia goliath.

Beschermde natuurgebieden

Bijna de helft van het eiland (48,6%) valt onder de verschillende vormen van bescherming die worden verleend door het Canarische Netwerk van Beschermde Natuurgebieden. Van de 146 natuurgebieden die in de hele archipel onder het bovengenoemde netwerk vallen, zijn er 43 op Tenerife te vinden, waarmee dit het eiland is met het meeste aantal gebieden. Het netwerk omvat maar liefst acht verschillende beschermingscategorieën, die alle op het eiland vertegenwoordigd zijn: naast het nationale park van de Teide, beschikt het over het grootste natuurpark van de Canarische Eilanden (Corona Forestal), twee plattelandsparken (Anaga en Teno), vier integrale natuurreservaten, zes speciale natuurreservaten, in totaal veertien natuurmonumenten, negen beschermde landschappen en maar liefst zes gebieden van wetenschappelijk belang. Op 9 juni 2015 werd het Macizo de Anaga door de Unesco uitgeroepen tot biosfeerreservaat. Dit Anagamassief heeft het grootste aantal endemische soorten van Europa.

De gemeente La Orotava, staat grotendeels ten bate van het parque nacional del Teide, en van de gemeente Santa Cruz de Tenerife, met het parque rural de Anaga, staat 74 % van haar oppervlakte onder bescherming. En ook het feit dat het grootste deel van het parque rural de Teno in de gemeente Buenavista del Norte ligt, betekent dat een groot deel van het oppervlakte ervan beschermd is.

De volledige lijst van beschermde gebieden op Tenerife is als volgt:

Nationale parken
  • Parque national de Teide
Integrale natuurreservaten
  • Reserva natural integral del Pijaral
  • Reserva natural integral de Ijuana
  • Reserva natural integral de Pinoleris
  • Reserva natural integral de los Roques de Anaga
Speciale natuurreservaten
  • Reserva natural especial del Barranco del Infierno
  • Reserva natural especial del Chinyero
  • Reserva natural especial del Malpaís de Güímar
  • Reserva natural especial del Malpaís de la Rasca
  • Reserva natural especial de Montaña Roja
Natuurparken
  • Parque natural de la Corona Forestal
Landelijke parken
  • Parque rural de Anaga
  • Parque rural de Teno
Natuurmonumenten
  • Monumento natural del Barranco de Fasnia y Güímar
  • Monumento natural de la Caldera del Rey
  • Monumento natural de Los Derriscaderos
  • Monumento natural de Montaña Amarilla
  • Monumento natural de La Montaña Centinela
  • Monumento natural de La Montaña Colorada
  • Monumento natural de la Montaña de Guaza
  • Monumento natural de La Montaña de los Frailes
  • Monumento natural de la Montaña de Tejina
  • Monumento natural de Montaña Pelada
  • Monumento natural de Las Montañas de Ifara y Los Riscos
  • Monumento natural del Roque de Garachico
  • Monumento natural del Roque de Jama
  • Monumento natural del Teide
Beschermde gebieden
  • Paisaje protegido de Los Acantilados de la Culata
  • Paisaje protegido del Barranco de Erques
  • Paisaje protegido de Costa de Acentejo
  • Paisaje protegido de Ifonche
  • Paisaje protegido de la Resbala
  • Paisaje protegido de Las Lagunetas
  • Paisaje protegido de las Siete Lomas
  • Paisaje protegido de Los Campeches, Tigaiga y Ruiz
  • Paisaje protegido de la Rambla de Castro
Wetenschappelijk interessante gebieden
  • Sitio de interés científico del Acantilado de La Hondura
  • Sitio de interés científico de Los Acantilados de Isorana
  • Sitio de interés científico del Barranco de Ruiz
  • Sitio de interés científico de Interián
  • Sitio de interés científico de La Caleta
  • Sitio de interés científico del Tabaibal del Porís

Classificatiekaart van beschermde gebieden.

Paisaje Lunar, een beschermd gebied binnen het Corona Forestal natuurpark.

Panoramisch uitzicht op Taborno, vanaf Las Carboneras.

Gedeeltelijk zicht op de malpaís.

Deel van het park bij de kust, met het eiland La Gomera op de achtergrond.

Een hoek van Las Lagunetas.

La Orotava Vallei. Rechts, zicht op de helling van Pinoleris.

Klimaat
Passaatwinsden zijn een onderdeel van de algemene circulatie.

Tenerife staat internationaal bekend als het “Eiland van de Eeuwige Lente”. Deze klimatologische benaming is grotendeels te danken aan de passaatwinden, waarvan de vochtigheid vooral condenseert in het midden van het noorden en noordoosten van het eiland, en brede wolkenzeeën vormt die zich bij voorkeur bevinden tussen 600 en 1800 meter boven de zeespiegel.

Een andere factor die van invloed is op de zachtheid van het klimaat van de eilanden ten opzichte van het klimaat dat zou overeenkomen met de breedtegraad (de Sahara-woestijn) is de koude zeestroming van de Canarische Eilanden, die de temperatuur van het water dat de kusten en stranden van de eilanden overspoelt, afkoelt ten opzichte van de omgevingstemperatuur. Tenslotte moet ook rekening worden gehouden met de orografie van Tenerife zelf in dit trio van personen die verantwoordelijk zijn voor de verwezenlijking van de eerder genoemde slogan.

In het algemeen is het klimaat op Tenerife gematigd, gematigd en zeer mild in elk seizoen van het jaar. Er zijn geen koude periodes, maar ook geen snikhete. De gemiddelde temperaturen bedragen 18 °C in de winter en 25 °C in de zomer, hoewel dit relatieve en algemene waarden zijn. Vanzelfsprekend zijn er belangrijke contrasten, zoals die welke zich voordoen tijdens de wintermaanden, wanneer het mogelijk is om in de kustgebieden van de zon te genieten en toch, 3.000 meter hoger, de witte, besneeuwde toppen van de Teide te aanschouwen, waar het elk jaar sneeuwt.

Een ander voorbeeld van klimatologisch contrast is te vinden in de stad Santa Cruz in vergelijking met de stad La Laguna. Deze gemeenten zijn fysiek verenigd, maar liggen ver uit elkaar wat de klimatologische omstandigheden betreft. Santa Cruz heeft over het algemeen het hele jaar door een warm klimaat met temperaturen die aanzienlijk hoger liggen dan in het naburige La Laguna, waar het vaak iets kouder is en er een grotere kans op regen is, en waarvan het klimaat vergelijkbaar is met dat van het noordelijke midden van het schiereiland.

Wolkenzee op het eiland Tenerife, gezien vanaf een hoogte van 1800 meter.

Het noorden en het zuiden van Tenerife hebben ook verschillende klimatologische kenmerken. Aan de loefzijde valt 73 % van de totale neerslag, is de relatieve vochtigheid van de lucht hoger en is de zonneschijn geringer. De meeste regen valt aan de loefzijde op een gemiddelde hoogte van 1000-1200 m, bijna uitsluitend in de bergen van La Orotava.

Wellicht nog belangrijker is echter het feit dat het gehele noorden van het eiland een gebied ontbeert met een gemiddelde jaarlijkse neerslag van minder dan 250 mm. Op de zuidelijke hellingen van het eiland is de neerslag daarentegen aanzienlijk geringer. Bij wijze van anekdote is het interessant te weten dat Europese artsen, vooral Engelse en Nederlandse, in de 19e eeuw het klimaat van het noorden van Tenerife prezen en het hun patiënten aanraadden om ouderdomskwalen en aandoeningen van de bloedsomloop te verlichten.

Het water

De vulkanische bodem van Tenerife is over het algemeen poreus en doorlatend, zodat een aanzienlijk deel van het regenwater, samen met de condensatie in beboste gebieden en het smeltwater van de hoogste bergtoppen van het eiland, in de ondergrond infiltreert.

De bouw van reservoirs en stuwdammen als de voornaamste methoden om water te verkrijgen wordt ontmoedigd wegens de bovengenoemde geologische omstandigheden, die de opslag van het kostbare vocht aan de oppervlakte niet toelaten, alsmede wegens de onregelmatigheid van de regenval.

Het grootste deel van het water (90 %) is dus afkomstig uit putten en hoofdzakelijk uit galerijen, het belangrijke systeem om water aan de waterdragende lagen in de ondergrond te onttrekken. Tenerife telt momenteel meer dan duizend geboorde galerijen.

De bodem

De complexe geologische formatie en evolutie van Tenerife, in combinatie met de verschillende orografische en bioklimatologische kenmerken, geven aanleiding tot een breed scala van bodems, hoofdzakelijk naar gelang van hun meer of mindere mate van ontwikkeling. In die zin zijn de bodems van de zuidelijker gelegen gebieden minder ontwikkeld; de noordelijker gelegen gebieden, die worden beïnvloed door de passaatwinden, die voor een hoge vochtigheidsgraad zorgen, vertonen daarentegen een hogere ontwikkelingsgraad. In dit hoofdstuk is het van belang ze in te delen naargelang ze al dan niet geschikt zijn voor gebruik in de landbouw, alsook naargelang hun beperkingen en de risico’s die zij inhouden.

      • Grond met een hoge gebruikscapaciteit: Deze gronden zijn geschikt voor bijna elke activiteit, inclusief matig intensieve landbouw. Dit is met name het geval voor grond dat uit andere delen van het eiland wordt aangevoerd. Het belangrijkste nadeel is dat deze gronden vanuit orografisch oogpunt vaak bedekt zijn met vulkanisch materiaal dat onlangs door nieuwe uitbarstingen is opgeworpen. Het zijn over het algemeen vlakke gebieden, maar opgebouwd uit zeer recente elementen, waar erosie nog niet in staat is geweest bodem te doen ontstaan bovenop het gesteente. Daarom wordt grond aangevoerd van plaatsen die minder geschikt zijn voor bebouwing, maar waar de grond wel geschikt is voor dit gebruik.
      • Grond met een middelmatig gebruiksvermogen: deze gronden zijn bestand tegen een weinig intensief gebruik, aangezien zij een groot erosiegevaar inhouden. Zij bevinden zich op recenter vulkanisch materiaal.
      • Grond met geringe bruikbaarheid: Deze gronden worden gekenmerkt door hun ligging op steile hellingen. Zij zijn daarom niet het meest geschikt voor de teelt. Er is een aanzienlijke risico dat wanneer zij worden afgegraven er aardverschuivingen plaatvinden.
      • Grond met een zeer geringe bruikbaarheid: aangezien zij zich op recente lavastromen bevinden, zijn deze gronden voor vrijwel geen enkele activiteit geschikt.

Geschiedenis


De Guanchen moeten ruim voor de eerste jaartelling  op het eiland aangekomen zijn. Bijna tweeduizend jaar lang bevolkten zij het eiland en probeerden zij zich aan te passen aan de bijzondere milieu-omstandigheden, totdat zij in 1496 door Spaanse troepen werden onderworpen.

De archeologische vindplaats van de Cueva de los Guanches in de gemeente Icod de los Vinos heeft de oudste chronologieën van de Canarische Eilanden opgeleverd, daterend van rond de 6e eeuw v. Chr.

Wat het technologische niveau betreft, kunnen de Guanchen worden ingedeeld bij de volkeren van het Stenen Tijdperk, hoewel deze terminologie wordt verworpen wegens de dubbelzinnigheid die zij inhoudt. De cultuur van de Guanchen wordt gekenmerkt door een geavanceerde culturele ontwikkeling, die mogelijk verband houdt met de uit Noord-Afrika geïmporteerde Berberse culturele trekken, en een zwakke technologische ontwikkeling, die bepaald wordt door de schaarste aan grondstoffen, vooral mineralen voor de extractie van metalen. Hun voornaamste activiteit was de herderseconomie, maar zij hielden zich ook bezig met landbouw, verzamelen, visserij, schelpdiervisserij en kunstnijverheid.

Idolillo de Guatimac, in het Archeologisch Museum van Puerto de la Cruz.

Wat hun geloof betreft, was de godsdienst van de Guanchen polytheïstisch, hoewel astrale verering (zon) wijd verbreid was. Er was ook een animistische religiositeit die bepaalde plaatsen heilig maakte, vooral rotsen en bergen. Tot de belangrijkste Guanche-goden behoorden Achamán (god van de hemel en opperste schepper), Chaxiraxi (moedergodin, later geïdentificeerd met de Maagd van Candelaria), Magec (zonnegod) en Guayota (de duivel), naast vele andere goden en voorouderlijke geesten. De cultus van de doden was bijzonder uniek, met de mummificatie van lijken. Op het eiland zijn ook kleine antropomorfe en zoömorfe stenen beeldjes en beeldjes van klei gevonden die verband houden met rituelen en die als afgodsbeelden worden beschouwd. Het Guatimac-idool, waarvan wordt aangenomen dat het een geest of een beschermende geest voorstelt, is zeker opvallend te noemen.

Territoriale kaart van Tenerife vóór de verovering.

De Guanche-maatschappij was verdeeld in lagen die bepaald werden door de rijkdom, vooral in termen van vee, met aan de ene kant de adel en aan de andere kant het volk. Het eiland was verdeeld in gebieden waarvan de koning de mencey was (de naam gegeven aan de vorst van de Guanchen van Tenerife, die heerste over een menceyato of gebied). Ongeveer honderd jaar voor de verovering, was er een mencey genaamd Tinerfe el Grande, zoon van de mencey Sunta. Tinerfe had zijn hof in Adeje van waaruit hij over het hele eiland regeerde. Toen hij stierf, kwamen zijn negen zonen in opstand en verdeelden het eiland in negen menceyatos en twee onafhankelijke achimenceyatos (door de veroveraars capitanías genoemd). De menceyatos en hun menceys (in volgorde van afstamming) waren als volgt:

      • Taoro: Momenteel Puerto de la Cruz, La Orotava, La Victoria de Acentejo, La Matanza de Acentejo, Los Realejos en Santa Úrsula, hun menceys waren Bentinerfe, Inmobach, Bencomo en Bentor.
      • Güímar: tegenwoordig El Rosario, Candelaria, Arafo en Güímar en zijn menceys waren Acaymo, Añaterve en Guetón.
      • Abona: Fasnia, Arico, Granadilla de Abona, San Miguel de Abona, Arona en de menceys daarvan waren Atguaxoña en Adxoña (of Adjoña).
      • Anaga: Santa Cruz de Tenerife en San Cristóbal de La Laguna (het gebied van de lagune zelf) en de menceys waren Beneharo en Beneharo II.
      • Tegueste: Tegueste, deel van het kustgebied van La Laguna en de vega lagunera zelf, zijn menceys waren Tegueste I, Tegueste II en Teguaco.
      • Tacoronte: Tacoronte en El Sauzal en hun mannen waren Romen en Acaimo.
      • Icode: San Juan de la Rambla, La Guancha, Garachico en Icod de los Vinos en hun menceys waren Chincanayro en Pelicar.
      • Daute: El Tanque, Los Silos, Buenavista y Santiago del Teide y sus menceyes fueron Cocanaymo y Romen.
      • Adeje: Guía de Isora, Adeje en Vilaflor en hun menceys waren Atbitocazpe, Pelinor, en Ichasagua.

Er was ook de Achimenceyato van Punta del Hidalgo, geregeerd door Aguahuco (de “arme Hidalgo”, onwettige zoon van de Gran Tinerfe) en Zebenzui.

Ondanks de tijd die is verstreken sinds de verovering van de archipel, zijn er nog veel plaatsnamen die herinneren aan de taal van de Guanchen. Er zijn veel plaatsen die, hoewel met aanzienlijke variaties, hun voor-Spaanse namen behielden.

Interessante archeologische vindplaatsen

Het eiland heeft ook verschillende archeologische vindplaatsen uit deze periode van vóór de verovering. In het algemeen wordt dit erfgoed vertegenwoordigd door grotschilderingen die, hoewel ze over het hele eiland verspreid zijn, vooral te vinden zijn op de zuidelijke helling.

Twee van de belangrijkste archeologische vindplaatsen van het eiland zijn: de archeologische zone van de Cueva de los Guanches, waar de oudste nederzettingen van Tenerife zijn gevonden en die de oudste chronologieën van de archipel heeft opgeleverd, daterend van rond de 6e eeuw v.Chr., en de zogenaamde Cuevas de Don Gaspar, vanwege de ontdekking van plantenresten in de vorm van verkoolde zaden, wat bewijst dat er in de tijd van de Guanchen landbouw werd bedreven op het eiland Tenerife. Beide sites bevinden zich in de gemeente Icod de los Vinos. Ook vermeldenswaard op het eiland is de plaats van aanbidding van de zonnegod Masca dat een heiligdom van de inheemse bevolking was voor de viering van rituelen in verband met vruchtbaarheid en het vragen om regenwater. Deze is gelegen in de gemeente Buenavista del Norte.

Andere belangrijke archeologische vindplaatsen zijn de archeologische zone Los Cambados en de archeologische zone El Barranco del Rey, beide in de gemeente Arona, alsmede de grot van Achbinico (het eerste mariale heiligdom op de Canarische Eilanden, uit de Guanche-Castiliaanse periode), waar verschillende archeologische werktuigen uit de Guanche-periode zijn gevonden, ver voor de verovering. Een andere plaats van archeologisch belang is de Macizo de Anaga, dit gebied van het eiland is een van de rijkste aan archeologische vondsten van de Canarische Eilanden, waar een groot aantal Guanche mummies zijn gevonden, evenals grotten met enkele overblijfselen van gemummificeerde dieren, en stenen met inscripties, zoals de zogenaamde “Piedra de Anaga” (Steen van Anaga). Aan de andere kant van het eiland in de gemeente El Tanque werd nog een steen met inscripties gevonden, de “Piedra Zanata”, die verband schijnt te houden met de magisch-religieuze wereld van de Guanches, en de omstreden piramiden van Güímar, waarvan er vele hypothesen bestaan over de bouw ervan, hoewel er nog geen officiële definitie van de oorsprong is gegeven.

Er zijn ook overblijfselen op Tenerife die wijzen op de Punische aanwezigheid op het eiland, zoals de stèle die algemeen bekend staat als “Piedra de los Guanches” in de plaats Taganana. Deze archeologische vindplaats bestaat uit een structuur gevormd door een groot blok steen, in de open lucht, met rotsgravures op het oppervlak. Daaronder bevindt zich een afbeelding van de Carthaagse godin Tanit, voorgesteld door een symbool in de vorm van een fles, omgeven door kruisvormige motieven. Men denkt dat het monument oorspronkelijk een offeraltaar was dat verwant is aan de altaren die in het Semitische gebied zijn gevonden en later is hergebruikt voor het mummificatieritueel van de Guanchen.

De verovering

Tenerife was het laatste Canarische eiland dat werd veroverd en het eiland dat er het langst over deed om zich aan de Castiliaanse troepen te onderwerpen. Hoewel de traditionele data voor de verovering van Tenerife zijn vastgesteld tussen 1494 (landing van Alonso Fernández de Lugo) en 1496 (verovering van het eiland), mag niet uit het oog worden verloren dat de pogingen om het eiland Tenerife bij de Kroon van Castilla in te lijven minstens dateren van 1464. Tussen de eerste poging om het eiland te veroveren in 1464 en de definitieve verovering ervan in 1496 lagen tweeëndertig jaar.

La matanza de Acentejo, volgens de negentiende-eeuwse visie van Gumersindo Robayna, Santa Cruz de Tenerife, Museo Municipal de Bellas Artes.

Dat jaar, 1464, vond de symbolische overname van het eiland door de heer van de Canarische Eilanden, Diego García de Herrera, plaats in het ravijn van Bufadero. Hij tekende een vredesverdrag met de menceys, en kort daarna stond de mencey van Anaga hem toe een toren op zijn land te bouwen, waar de Guanchen en Europeanen zaken deden, totdat deze omstreeks 1472 door de Guanchen zelf werd afgebroken.

In 1492 organiseerde de gouverneur van Gran Canaria, Francisco Maldonado, een rooftocht die uitliep op een ramp voor de Europeanen, die werden verslagen door de Guanchen van Anaga.

In december 1493 verkreeg Alonso Fernández de Lugo van de Reyes Católicos (Katholieke Vorsten) de bevestiging van zijn veroveringsrechten op het eiland Tenerife. In april 1494 landde de conquistador, komende van Gran Canaria, op de kust van wat nu Santa Cruz de Tenerife is, met een troep Spanjaarden en Canarische eilandbewoners (voornamelijk Gomeros en Gran Canarios) die bestond uit ongeveer 2000 man te voet en 200 te paard. Nadat hij een fort had gebouwd, begon hij landinwaarts te trekken.

De menceys van het eiland Tenerife namen verschillende posities in op het moment van de verovering. Zo was er een groep die koos voor vrede en een groep die ervoor koos om te strijden, waarbij de eerste bestond uit de Güímar, Abona en Adeje, en de tweede uit Anaga, Tegueste, Tacoronte, Taoro, Icoden en Daute (de negen erfgenamen van Tinerfe ‘el Grande’). De tegenstanders vochten hardnekkig tegen de Castilianen, zodat de verovering van Tenerife twee jaar duurde. De Castiliaanse troepen leden een nederlaag door toedoen van de Guanchen in de Eerste Slag bij Acentejo  in 1494. De Guanchen, overwonnen door de technologie en nieuwe ziekten waarvoor ze niet immuun waren, vielen echter ten prooi aan de troepen van de Kroon van Castilla in de Slag bij Aguere en de Tweede Slag bij Acentejo, waarmee de verovering in september 1496 werd voltooid.

Zoals in de rest van de eilanden werden vele aboriginals tot slaven gemaakt, vooral diegenen die tot de strijdende partijen behoorden, terwijl een groot deel van de inheemse bevolking bezweek aan ingevoerde ziekten zoals griep en waarschijnlijk pokken, besmettelijke ziekten waarvoor de neolithische samenleving, wegens haar isolement, haar immuunsysteem niet had ontwikkeld. Na de verovering, en vooral in de daaropvolgende eeuw, werd het eiland geleidelijk herbevolkt en gekoloniseerd door immigranten uit verschillende gebieden die tot het beginnende Spaanse Rijk behoorden (Portugal, Vlaanderen, Italië, Duitsland).

De bossen van Tenerife werden geleidelijk aangetast door de bevolkingsgroei en de daaruit voortvloeiende noodzaak om land vrij te maken voor de exploitatie van landbouwgronden voor eigen gebruik en voor de export. Dit was het geval met de invoering van de suikerrietteelt aan het begin van de 16e eeuw, terwijl in de daaropvolgende eeuwen de economie van het eiland zich concentreerde op de exploitatie van andere gewassen, zoals wijnstokken en cochenille voor het maken van verfstoffen, evenals bananen.

De handel met Amerika

In de 18e eeuw, na de Spaanse Successieoorlog, ontwikkelde zich op de Canarische Eilanden de zogenaamde Canarisch-Amerikaanse handel”, die bij Koninklijk Besluit van 1697 werd geregeld. Dit verleende de Canarische Eilanden handel met Amerika voor acht jaar en beperkte deze tot duizend ton. Tenerife had recht op 600, La Palma op 300 en Gran Canaria op 100 ton.

Tenerife was in dit opzicht het hegemoniale eiland, goed voor meer dan 50 % van het aantal schepen en 60 % van de tonnage. Op de eilanden La Palma en Gran Canaria bedroeg dit percentage ongeveer 19% voor de eerstgenoemde en 7% voor de laatstgenoemde. De omvang van het verkeer tussen Amerika (in die tijd in Spanje las Indias genoemd) en de Canarische Eilanden is onbekend, maar het moet zeer belangrijk zijn geweest en bijna uitsluitend op Tenerife geconcentreerd zijn geweest.

Tot de ingevoerde producten behoorden karmijnzuur, rum en suikerriet, die kwamen uit de Amerikaanse havens van La Guaira, Havana, Campeche en Veracruz. Het belang van Tenerife gaf een beslissende impuls aan de haven van Santa Cruz de Tenerife, die de enige handelshaven van het eiland werd en in belang die van Garachico en Puerto de la Cruz overtrof in de handel met Amerika.

Amaro Pargo (1678-1741), een zeerover en koopman van Tenerife die deelnam aan de Carrera de Indias (de Spaans-Amerikaanse handelsroute).

Veel zeelieden uit Tenerife sloten zich aan bij deze transcontinentale zeehandel, waaronder de zeerover Amaro Rodríguez Felipe, beter bekend als Amaro Pargo. Zijn deelname aan de Zilvervloot (La Flota de Indias) begon in 1703-1705. Hij was kapitein van het fregat El Ave María y las Ánimas, een schip waarmee hij van de haven van Santa Cruz de Tenerife naar de haven van Havana voer. Andere belangrijke zeelieden uit Tenerife in die tijd waren Juan Pedro Dujardín en Bernardo de Espinosa, beiden metgezellen van Amaro Pargo.

Met de algemene invoering van de vrije handel in 1778 en de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog kwam het verkeer volledig tot stilstand, tot de vrede van 1783. Vanaf dat moment begon deze handelsroute af te nemen. Aan het einde van de 18e eeuw en het begin van de 19e eeuw kwam er een einde aan de Canarisch-Amerikaanse handel als gevolg van een periode van grote oorlogsconflicten tussen landen die de handel gedurende verscheidene jaren lamlegden.

De aanval van Horatio Nelson

Tenerife werd, net als de andere eilanden, in de loop van zijn geschiedenis herhaaldelijk aangevallen door kapers van verschillende nationaliteiten (Fransen, Engelsen, Nederlanders en Berbers), naar gelang van de ontwikkeling van de Spaanse bondgenootschappen en oorlogen. Onder deze aanvallen neemt de Britse aanval van 1797 een bijzondere plaats in de geschiedenis in.

Op 25 juli viel Admiraal Horatio Nelson Santa Cruz de Tenerife aan, de hoofdstad van het eiland en hoofd van de Captaincy General (onderdeel van de Spaanse strijdmacht). Na een felle aanval sloeg de door generaal Gutiérrez georganiseerde verdediging de Britten af. Nelson verloor zijn rechterarm door een kanonskogel (volgens de legende kwam die van het kanon Tigre) toen hij probeerde aan land te komen in de buurt van Paso Alto.

Horatio Nelson raakt gewond tijdens de aanval.

Op 5 september werd een nieuwe landingspoging in de omgeving van Puerto Santiago afgeslagen door de inwoners van de Santiago del Teide vallei, die stenen naar de Britten gooiden vanaf de top van de kliffen van Los Gigantes.

Andere kapers, voornamelijk Engelsen, hebben met meer of minder geluk ook het eiland Tenerife aangevallen: Robert Blake (1656), Walter Raleigh, John Hawkins, John Genings (1706), Woodes Rogers, onder anderen.

Emigraties naar Amerika

Tenerife heeft, net als andere eilanden, een nauwe band met Amerika onderhouden. Vanaf het begin van het kolonisatieproces van de Nieuwe Wereld waren er verschillende expedities die, alvorens de Atlantische Oceaan over te steken, op het eiland halt hielden en aan de doortocht talrijke inboorlingen van Tenerife toevoegden die een integrerend deel uitmaakten van de veroveringsexpedities of die gewoon op weg naar het Amerikaanse continent op zoek gingen naar betere garanties voor de toekomst. Naast de menselijke doortocht was ook de uitwisseling van dier- en plantensoorten tussen de twee landen van belang.

Na anderhalve eeuw van relatieve groei leidde rond 1670 de ingewikkelde buitenlandse handel in de wijnsector tot de emigratie van vele families, vooral naar Venezuela en Cuba. In die tijd kreeg de Kroon ook belangstelling voor het bevolken van die lege gebieden van Amerika om te voorkomen dat zij door andere mogendheden zouden worden bezet, zoals het geval was geweest met de Engelsen met Jamaica of de Fransen met de Guianas of het westen van La Española (Hispaniola), zodat ook grote aantallen Canarische Eilanders, waaronder de inwoners van Tenerife, naar de nieuwe Colombiaanse bestemming vertrokken. De groeiende cacaoteelt in Venezuela en de tabaksteelt in Cuba aan het einde van de 17e en het begin van de 18e eeuw droegen bij tot de bijna volledige ontvolking van steden als Buenavista del Norte, Vilaflor en El Sauzal.  San Carlos de Tenerife nu beter bekend als San Carlos (in de Dominicaanse Republiek) werd hoofdzakelijk gesticht door inwoners van Tenerife, en had een duidelijk strategisch doel, omdat de stad zo kon worden behoed voor de belegering door de Fransen die zich in het westelijke deel van het eiland Hispaniola hadden gevestigd. Tussen 1720 en 1730 werden 176 families van de Canarische Eilanden, waarvan vele uit Tenerife, door de Kroon overgebracht naar het Caribische eiland Puerto Rico. In 1726 emigreerden ongeveer 25 families van het eiland naar Amerika om er de stad Montevideo te stichten. Vier jaar later, in 1730, vertrok een andere groep en stichtte het jaar daarop de stad San Antonio, Texas, in de Verenigde Staten. Daarna, tussen 1777 en 1783, stuurde de haven van Santa Cruz de Tenerife de stichters van San Bernardo, in de staat Louisiana, en ook enkele zendingen met bestemming Florida.

Als gevolg van de economische problemen die voortvloeiden uit de schaarste van grondstoffen en de afstand tot Europa, verliep de emigratie naar het Amerikaanse continent, in de 19e en het begin van de 20e eeuw, voornamelijk via Cuba en Venezuela. De laatste decennia is dat anders, met het nieuwe beleid ter bescherming van de economie van de Canarische Eilanden en de bloei van de toeristenindustrie, is de migratiedynamiek omgekeerd en tegenwoordig is het Tenerife dat zorgt voor de terugkeer van deze eilandbewoners, hun nakomelingen en andere immigranten, waardoor de instroom die vijf eeuwen geleden is ontkiemd, wordt bestendigd.

Historische vulkaanuitbarstingen

Er zijn slechts vijf vulkaanuitbarstingen op Tenerife waarvan onbetwistbare historische gegevens bestaan. De eerste daarvan was in 1492 op de vulkaan Boca Cangrejo, die door Christoffel Columbus werd waargenomen. De volgende vond plaats in 1704, toen de vulkanen van Arafo, Fasnia en Siete Fuentes synchroon uitbarstten. Twee jaar later, in 1706, vond de grootste uitbarsting uit de geschiedenis plaats toen de vulkaan Trevejo uitbarstte. Deze spuwde grote hoeveelheden lava uit die de stad en de haven van Garachico, in die tijd de belangrijkste van het eiland, bedolven. De laatste vulkaanuitbarsting van de 18e eeuw vond plaats in 1798 in Las Cañadas de Teide, meer bepaald in Chahorra. Tenslotte brak in 1909 eruptieve activiteit uit bij de vulkaan Chinyero, in de gemeente Santiago del Teide. Na die datum en tot op heden zijn er geen nieuwe uitbarstingen op het eiland geweest. Bovendien hebben, ondanks het absoluut vulkanische karakter van Tenerife, de vijf historische erupties geen dodelijke slachtoffers geëist.

Recente geschiedenis

Andere, minder vijandige bezoekers zouden in de opeenvolgende eeuwen op het eiland aankomen. In 1799 beklom de natuuronderzoeker Alexander von Humboldt de top van de Teide die de schoonheid van het eiland beschreef.

Vanaf de jaren 1890 begonnen talrijke toeristen Tenerife te bezoeken, vooral de noordelijke steden Puerto de la Cruz  en Santa Cruz de Tenerife.

In maart 1936 werd generaal Francisco Franco door de republikeinse regering, die bang was voor zijn militaire en politieke invloed, naar Tenerife overgeplaatst om hem van de machtscentra te verwijderen.

De botsing tussen twee vliegtuigen op 27 maart 1977 op de luchthaven Tenerife Norte, in het noorden van het eiland, blijft het ongeval met het hoogste dodental in de luchtvaartgeschiedenis. De vliegtuigen die bij de tragedie betrokken waren, waren op weg naar Gran Canaria, maar waren omgeleid naar Tenerife als gevolg van de ontploffing van een bom (geplaatst door de separatistische terreurgroep MPAIAC) op de luchthaven van Gran Canaria.

Aan het begin van de 21e eeuw vond op 31 maart van dat jaar de overstroming van 2002 op Tenerife plaats. Het was, wat ze in Spanje noemen een gota fría (letterlijk vertaald ‘koude druppel) een  verschijnsel dat gekenmerkt werd door herhaaldelijke stortregens die gepaard gingen met een enorm onweer, die het grootstedelijk gebied van Santa Cruz de Tenerife troffen en zich in noordoostelijke richting uitstrekten naar het gebied van San Andrés. De regens veroorzaakten 8 doden, 12 vermisten en tientallen gewonden. Naast menselijke verliezen veroorzaakte de overstroming aanzienlijke materiële schade, 70.000 mensen kwamen zonder elektriciteit te zitten en ten minste 400 huizen werden geheel of gedeeltelijk verwoest. 

Anderzijds was Tenerife in november 2005 het Canarische eiland dat het zwaarst werd getroffen door de tropische storm Delta. Aan de kust werden windsnelheden van 140 km/u geregistreerd en op de Teide, de top van Tenerife, bijna 250 km/u.

De symbolen van het eiland


De vlag van Tenerife.

De vlag van Tenerife werd oorspronkelijk in 1845 aangenomen als registratievlag van wat toen de maritieme provincie van de Canarische Eilanden werd genoemd, met als thuishaven Santa Cruz de Tenerife. Tegenwoordig vertegenwoordigt dit vaandel het hele eiland Tenerife. Het is op verzoek van de eilandsraad goedgekeurd bij besluit van de regering van de Canarische Eilanden van 9 mei 1989 en op 22 mei 1989 gepubliceerd in het Staatsblad van de Canarische Eilanden.

Het wapen van Tenerife.

Het heraldisch wapen van Tenerife werd op 23 maart 1510 bij koninklijk besluit verleend door koning Fernando V “El Católico”, in Madrid namens zijn dochter Juana, koningin van Castilla. Het wapenschild is afgebeeld in een veld van goud, met de heilige aartsengel Michaël (beschermheilige van het eiland) gewapend, boven een berg van zijn natuurlijke kleur waaruit vlammen opstijgen, en die de top van de berg Teide voorstelt. Onder deze berg ligt het eiland in sinopel op blauwe en zilveren golven. Rechts is een kasteel in gules, en links een klimmende leeuw in gules. Het wapen van het Cabildo Insular verschilt van dat van de Ayuntamiento de La Laguna door het devies op de rand en door de toevoeging van enkele palmtakken.

Natuurlijke symbolen

Volgens een wet van de regering van de Canarische Eilanden zijn de natuurlijke symbolen van het eiland sinds 1991 de blauwe vink en de drakenboom.

De blauwe vink.
De drakenboom.

Demografie en territoriale verdeling

Tenerife is het dichtstbevolkte eiland van de Canarische Eilanden en van Spanje. Dit ten gevolgen van de stijging van het geboortecijfer maar ook het grote aantal buitenlandse immigranten dat het eiland de afgelopen tien jaar heeft ontvangen (er wonen 200.000 immigranten op Tenerife). Op 1 januari 2020 had het eiland volgens bronnen van het INE in totaal 928.604 geregistreerde inwoners.

Het eiland is verdeeld in 31 gemeentes.

Daarvan zijn er slechts drie door land omgeven: Tegueste, El Tanque en Vilaflor. La Orotava is de hoogst gelegen gemeente van Spanje, waar zich de top van de berg Teide bevindt, terwijl Vilaflor de Chasna de hoogst gelegen gemeentelijke hoofdstad van de Canarische Eilanden heeft, op een hoogte van 1.400 meter.

Tegelijkertijd is het gebruikelijk om een ander type eilandindeling te vinden, waarbij het grondgebied wordt vastgesteld volgens een grootstedelijke zone, rond het invloedsgebied van de steden Santa Cruz en La Laguna, de noordelijke zone (de gemeenten die zich in het noorden naar de oceaan uitstrekken) en de zuidelijke zone (de gemeenten die dat in het zuiden doen). Deze indeling, samen met de gemeentelijke indeling, is te zien op de kaart hiernaast.

Ongeveer 25 % van de totale bevolking van het eiland Tenerife (208 563 inwoners) woont in de hoofdplaats Santa Cruz de Tenerife, en ongeveer 45 % (± 400.000 mensen) in het grootstedelijk gebied. In tegenstelling tot andere Canarische eilanden is de bevolking van Tenerife sterk verspreid over verschillende steden en gemeenten. De steden Santa Cruz de Tenerife en San Cristóbal de La Laguna worden in stedenbouwkundig opzicht verenigd door de bevolkingscentra La Cuesta en Taco, die samen meer dan 359.000 inwoners tellen en samen het grootstedelijk gebied Santa Cruz de Tenerife vormen.

Het eiland heeft een hoog percentage niet in de volkstellingen geregistreerde ingezetenen. Dit heeft ertoe geleid dat verschillende bronnen aangeven dat er in werkelijkheid meer dan een miljoen inwoners op het eiland Tenerife wonen. Het eiland is ook het meest multiculturele van de archipel, met het hoogste aantal geregistreerde buitenlanders, die 14% van de totale bevolking van het eiland vertegenwoordigen. Tenerife onderscheidt zich ook in de context van de archipel, omdat het ook de hoogste concentratie niet-EU-buitenlanders heeft.

De 9 grootste gemeenten van Tenerife en de buitenlandse inwoners
Santa Cruz de Tenerife San Cristóbal de la Lagune Arona Granadilla de Abona Adeje La Orotava
Inwoners (2021) Plaatsnaam Buitenlanders Aantal (2020)
208.563
158.010
82.563
51.850
48.733
42.219
36.824
30.179
28.463
Santa Cruz de Tenerife
San Cristobal de La Laguna
Arona
Granadilla de Abona
Adeje
La Orotava
Los Realejos
Puerto de la Cruz
Candelaria
Italië
Venezuela
Engeland
Duitsland
Cuba
China
Colombia
Roemenië
Marroko
Frankrijk
26.862
13.657
12.723
9.092
7.157
4.495
4.304
4.299
4.228
3.346
bron: INE

De grootste gemeente met 207,31 km² is La Orotava, die een groot deel van het Teide Nationaal Park beslaat. De kleinste gemeente op het eiland en in de archipel is Puerto de la Cruz,38 met een oppervlakte van minder dan 9 km².

Voorts zijn al deze gemeenten van oudsher gegroepeerd in 8 comarcas. In 2011 heeft de Eilandsraad echter, via het beheersplan voor het eiland Tenerife, tot 11 comarca-modellen gedefinieerd, waarvan de basislijnen grotendeels samenvallen met die welke traditioneel in aanmerking zijn genomen bij de werkzaamheden die vanuit verschillende invalshoeken op het eiland zijn verricht. Het eiland is dus verdeeld in de volgende elf comarcas:

      • Abona
      • Acentejo
      • Anaga
      • Área Metropolitana
      • Icod-Daute-Isla Baja
      • Macizo Central
  • Sureste
  • Suroeste
  • Teno
  • Valle de Güímar
  • Valle de La Orotava

Toerisme


De economie van Tenerife is, net als die van de andere Canarische Eilanden, fundamenteel gebaseerd op het toerisme (60% van het directe BBP). Reeds in de 19e eeuw en een groot deel van de 20e eeuw was de toevloed van buitenlands toerisme, vooral uit Engeland, opmerkelijk, vanwege de landbouwbelangen die het eiland van vroeger uit had. Tenerife trekt veel nationaal en internationaal toerisme aan (het is zelfs het meest bezochte Canarische eiland), toeristen komen naar het eiland op zoek naar de stranden, het gevarieerde culturele aanbod en het bruisende nachtleven.

Flamingo’s en kraanvogels in Loro Parque, in het noorden van Tenerife.

Gedurende de wereldoorlogen, kreeg deze sector veel te lijden, maar in de tweede helft van de vorige eeuw begon het zich op een zeer opmerkelijke manier te ontwikkelen. Aanvankelijk viel Puerto de la Cruz op door het milde klimaat en alle attracties die de noordelijke vallei van La Orotava te bieden had, maar om zon- en strandtoerisme aan te trekken, begon rond 1980 de toeristische boom in het zuiden van Tenerife, waar steden als Arona en Adeje in trek waren, rond toeristische centra als Los Cristianos, Playa de Las Américas en Costa Adeje, die vandaag de dag meer dan 65% van de hotelbedden van het hele eiland herbergen. Tenerife ontving, voor de pandemie, jaarlijks meer dan 5 miljoen toeristen, waarmee het in dit opzicht het populairste eiland van de hele Canarische archipel was. Uit dit cijfer blijkt echter ook hoeveel middelen deze activiteit verbruikt (ruimte, energie, water, enz.). 

Teide Observatorium, behorend tot het Instituto de Astrofísica de Canarias.

Het Nationaal Park Teide is ook van groot toeristisch belang, aangezien het het op één na meest bezochte nationaal park ter wereld is.

Een andere attractie van het eiland (met internationaal Starlight-certificaat) die het tot een van de aantrekkelijkste bestemmingen op de planeet maakt, is de schoonheid van zijn sterrenhemel. De Gregor-telescoop, de grootste van Europa, bevindt zich in het Teide Nationaal Park, waar u kunt genieten van enkele van de meest spectaculaire beelden van de sterrenhemel.

Kunst


Schilderkunst

De eerste kern van schilderkunst op Tenerife is te vinden in de stad La Laguna, waar in de loop van de 16e eeuw enkele vermaarde schilders verschenen. Later sloten kunstenaars uit andere plaatsen, zoals Garachico, Santa Cruz, La Orotava en Puerto de la Cruz zich bij de scène aan. Twee van de beste schilders van de archipel in de 17e eeuw kwamen uit La Orotava: Cristóbal Hernández de Quintana en Gaspar de Quevedo, met talrijke werken verspreid over de kerken van het eiland.

Virgen de la Candelaria, olieverf op doek, 168,2 x 109,8 cm, Cristóbal Hernández de Quintana (1651-1725),Puerto Rico, Museo de Arte de Ponce.

In Puerto de la Cruz, meer bepaald in de kerk van Nuestra Señora de la Peña de Francia, is de bijdrage van Luis de la Cruz y Ríos te zien. Geboren in 1775, voormalig kamerschilder van Koning Ferdinand VII van Spanje en miniatuurschilder, verwierf hij aanzien aan het Hof, waar hij bekend stond als El Canario (De Kanarie).

De landschapschilder Valentín Sanz werd in 1849 in Santa Cruz de Tenerife geboren. Het Stedelijk Museum voor Schone Kunsten van Santa Cruz bezit een grote collectie van zijn werk. In dit museum in de hoofdstad hangen ook schilderijen van Juan Rodríguez Botas (1880-1917), die wordt beschouwd als de eerste impressionist van de Canarische Eilanden.

Binnen de expressionistische groep moet ook Mariano de Cossío genoemd worden. De fresco’s in de kerk van Santo Domingo in San Cristóbal de La Laguna worden aan deze kunstenaar toegeschreven. Anderzijds werd in 1874 Francisco Bonnín Guerín geboren, een aquarellist uit Santa Cruz die een school oprichtte om zijn picturale werk te bevorderen. Tenslotte werd in 1906 in Tacoronte een van de meest universele Canarische schilders geboren: Óscar Domínguez. Hij behoorde tot de modernistische stroming die bekend staat als het surrealisme, vond de techniek van de decalcomanie uit en droeg bij aan een picturaal werk van internationale erkenning, vooral dankzij de reizen die hij naar Parijs maakte.

Tot de huidige kunstenaars behoort o.a. de vermaarde Cristino de Vera (Santa Cruz de Tenerife, 1931), die in 1998 de Nationale Prijs voor Schone Kunsten ontving. Hij ontving ook de Gouden Medaille voor Verdienste in de Schone Kunsten in 2001 en de Canarische Kunstprijs in 2005.140 Vermeldenswaard is ook Pedro González (San Cristóbal de La Laguna, 1927), een schilder die doceert aan de Faculteit der Schone Kunsten en die ook de Canarische Kunstprijs kreeg in 1988.

Beeldende kunst
El Nazareno de Los Realejos en Tenerife (1637) van Martín de Andujar Cantos (1637).

Men zou kunnen zeggen dat de beeldhouwkunst op Tenerife is begonnen in de 17e eeuw, toen de architect en beeldhouwer Martín de Andújar Cantos vanuit Sevilla op het eiland aankwam, waar hij instructies had gekregen van de meester Juan Martínez Montañés. Met hem kwamen nieuwe technieken en benaderingen van de school van Sevilla mee, die hij doorgaf aan zijn leerlingen, onder wie de Garachiquense kunstenaar Blas García Ravelo opvalt.

Andere beeldhouwers die in deze periode en in de daaropvolgende 18e eeuw het licht zagen, waren Sebastián Fernández Méndez, Lázaro González de Ocampo, José Rodríguez de la Oliva, en vooral Fernando Estévez, een leerling van Luján Pérez, die heeft bijgedragen aan een uitgebreide collectie religieuze beelden en houtsnijwerk die verspreid zijn over verschillende kerken op Tenerife, bijvoorbeeld in de Parroquia Matriz del Apóstol Santiago de Los Realejos, in de Kathedraal van La Laguna, in de Kerk van de Ontvangenis, eveneens in La Laguna, in de Basiliek van Candelaria, in het Real Santuario del Cristo de La Laguna en in verschillende gebedshuizen in La Orotava; in de Kathedraal van La Laguna, de Kerk van La Concepción eveneens in La Laguna, de Basiliek van Candelaria, het Real Santuario del Cristo de La Laguna en in verschillende gebedshuizen in La Orotava.

Momenteel wordt de beeldhouwkunst van Tenerife onder meer vertegenwoordigd door José Abad, Fernando Garcíarramos en José Luis Fajardo.

Architectuur
Interieur Canarische binnenplaats, gelegen in het Casa Montañés in La Laguna, hoofdkwartier van de Consejo Consultivo de Canarias.

Net als op de andere eilanden wordt de architectuur van Tenerife gekenmerkt door de statige landhuizen en de meer bescheiden, populaire huizen. Dit type architectuur, dat opmerkelijke invloeden uit Andalucia en Portugal vertoont, heeft niettemin een sterke eigen persoonlijkheid.

Van de landhuizen zijn vooral de voorbeelden in La Orotava en La Laguna opmerkelijk. Deze gebouwen worden gekenmerkt door hun typische balkons en de aanwezigheid van patios (binnenplaatsen). Hout, vooral grenen, speelt een belangrijke rol in deze gebouwen. De gevels van deze huizen zijn eenvoudig met weinig versieringen.

Grote houten balkons en het gebruik van vakwerk zijn typisch. De ramen zijn schuiframen en aan de binnenzijde bevestigde banken zijn gebruikelijk. De binnenplaatsen fungeren als echte tuinen die dienen om de kamers te verlichten. De kamers zijn met de binnenplaats verbonden door middel van galerijen die vaak met steen en hout zijn afgewerkt. Voorzieningen zoals destiladeras, waterpompen, banken en tafels zijn elementen die vaak deel uitmaken van deze binnenplaatsen.

De traditionele huizen worden gekenmerkt door lage gebouwen met ruwe muren in een verscheidenheid van kleuren. Soms wordt de continuïteit van deze muren onderbroken door de aanwezigheid van stenen blokken die ornamenteel boven het oppervlak uitsteken. Er zijn vele voorbeelden van deze architectuur te zien over het hele eiland.

De officiële of religieuze gebouwen zijn vormgegeven volgens de verschillende architectonische tendensen die op een bepaald moment de overhand hadden. De stadskernen van de steden La Laguna en La Orotava zijn uitgeroepen tot nationale historisch-artistieke monumenten.

Kasteel van San Andrés, uitgeroepen tot Centrum van Nationaal Toeristisch Belang op 28 november 1967.

Een ander architectonisch voorbeeld op het eiland zijn de verdedigingsgebouwen die na de Castiliaanse verovering als torens of kleine kastelen werden opgericht. Het doel van deze constructies was het eiland te beschermen tegen aanvallen van piraten of buitenlandse invallen, zoals die van de Engelse admiraal Horatio Nelson in juli 1797. Tot deze forten behoren het kasteel van San Cristóbal, het kasteel van San Andrés en het kasteel van San Juan of Castillo Negro in de hoofdstad van Tenerife. In het noorden van het eiland bevinden zich ook enkele van deze gebouwen, zoals het kasteel van San Miguel in Garachico of het kasteel van San Felipe in Puerto de la Cruz, onder andere.

In de afgelopen jaren heeft het concept van de uitvoering van grote, soms ostentatieve projecten, ontworpen door beroemde architecten, de overhand gekregen bij de verschillende regeringen. Hiertoe behoren bijvoorbeeld de herinrichting van de Plaza de España door de Zwitserse architecten Herzog & De Meuron, het nieuwe project van de Franse architect Dominique Perrault voor het strand van Las Teresitas, het Magma Arte & Congresos-centrum, de Santa Cruz Towers en het Auditorium van Tenerife. Dit laatste gebouw, ontworpen door de Spaanse architect Santiago Calatrava, staat ten noordoosten van het Parque Marítimo in Santa Cruz de Tenerife. Een van de meest opvallende kenmerken is het gevleugelde zeil dat een schip simuleert, waardoor het het architectonische embleem van de stad Santa Cruz is geworden.

 
Auditorio de Tenerife en Santa Cruz de Tenerife.
Ambachtelijk handwerk
Guanche potten in het Museo de la Naturaleza y el Hombre.

Net als op de rest van de Canarische Eilanden bestaat er een hele traditie van pottenbakkerskunst. Het gebruik van klei stamt uit het primitieve aardewerk dat werd gemaakt door de oude Guanchen, die niet wisten hoe ze de pottenbakkersschijf moesten gebruiken. De pottenbakkers van het eiland bewerken de klei met de hand, wat hun werk een grote authenticiteit verleent.

Cultuur

Het ontstaan van het onderwijs op het eiland was te danken aan de religieuze ordes. In 1530 kreeg Tenerife toegang tot de cultuur dankzij de filosofie van de Dominicanen in het klooster van La Concepción de La Laguna. Desondanks was het pas in de 18e eeuw dat de weinige scholen die er in die tijd waren, begonnen te functioneren.

Het uitbreken van de burgeroorlog en de daaropvolgende dictatuur van Francisco Franco brachten een aanzienlijke tegenslag toe in dit soort onderwijs. Onderwijs in handen van religieuze ordes had een zeker belang in het leven van de bevolking van Tenerife tot 1970, toen de Algemene Onderwijswet het belang van deze religieuze instellingen verminderde ten gunste van openbare scholen. Deze laatste, en in mindere mate de eerste, begonnen zich sedertdien te vermenigvuldigen en werden bevorderd met de invoering van de democratie.

Musea
  • Museo de la Naturaleza y la Arqueología MUNA
  • Museo de Historia de Tenerife
  • Museo de la Ciencia y el Cosmos
  • Museo de Antropología de Tenerife
  • Centro de Documentación Canario-Americano (CEDOCAM)
  • Centro de Fotografía Isla de Tenerife
  • TEA – Tenerife Espacio de las Artes
  • La Casa del Carnaval
  • Museo Municipal de Bellas Artes
  • Museo de la Educación de la Universidad de La Laguna
  • Casa del Vino-La Baranda
  • Casa de la Miel
  • Museo de Artesanía Iberoamericana
  • Museo Arqueológico del Puerto de la Cruz
  • Museo Militar Regional de Canarias
  • Museo del Parque Etnográfico Pirámides de Güímar

Tenerife Espacio de las Artes (TEA).

Een van de piramides van Güímar.

Traditionele feesten

Tenerife heeft een uitgebreide feestkalender waarin het carnaval van Santa Cruz de Tenerife, het belangrijkste van het land en een van de belangrijkste ter wereld, eruit springt. De officiële feestdag van het eiland is 2 februari ter ere van de Virgen de Candelaria (beschermheilige van de Canarische Eilanden), die op die dag op Tenerife als feestdag van het eiland wordt gevierd, terwijl het feest van 15 augustus (de dag van Maria ten Hemelopneming) in Spanje een feestdag is, hoewel het op de Canarische Eilanden de dag is waarop de Virgen de Candelaria als beschermheilige van deze archipel wordt gevierd. Andere feesten zijn de bedevaarten, Corpus Christi, de Goede Week en het feest van de Santísimo Cristo de La Laguna op 14 september.

Misschien wel het feest van Tenerife met de grootste nationale en internationale uitstraling is het carnaval van Santa Cruz de Tenerife, niet tevergeefs uitgeroepen tot Fiesta de Interés Turístico Internacional. Behalve in de hoofdstad wordt het carnaval in vele plaatsen in het noorden en zuiden van het eiland gevierd, maar in de hoofdstad is het carnaval het belangrijkst. Met de verkiezing van de koningin wordt het carnaval afgesloten maar dan begint wat de inwoners van Tenerife het carnaval op straat noemen, met grote bijeenkomsten van carnavalsvierders in het centrum van Santa Cruz. Dit is een carnaval voor de doorduwers, hier wordt tien dagen carnaval gevierd.

De koningin van de carnaval van Tenerife.

Wetenschappelijk onderzoek

Historisch gezien heeft het onderzoeksgebied zich niet op een bijzonder relevante manier ontwikkeld. Het Instituto de Astrofísica de Canarias (Astrofysisch Instituut van de Canarische Eilanden), dat zijn zetel op het eiland heeft, steekt echter met kop en schouders uit boven de centra die zich met deze werkzaamheden bezighouden.

De Telescopio Óptico Nórdico in het Observatorio del Roque de los Muchachos (La Palma).

Ook het bio-organisch instituut Antonio González, dat verbonden is aan de universiteit van La Laguna, moet worden vermeld. Aan deze universiteit zijn ook verbonden het Andrés Bello Instituut voor Linguïstiek, het Centrum voor Middeleeuwse en Renaissance Studies, het Universitair Bedrijfsinstituut, het Instituut voor Regionaal Recht en het Universitair Instituut voor Politieke en Sociale Wetenschappen, alsmede het Instituut voor Tropische Ziekten (dat deel uitmaakt van het Onderzoeksnetwerk van Centra voor Tropische Ziekten, dat zeven over het land verspreide knooppunten telt, waarvan één op de Canarische Eilanden).

Gastronomie


Visschotels

Zoals logisch is door de invloed van de zee, genieten zeevruchten hier een zekere overvloed, zowel in hoeveelheid als in verscheidenheid. Tot de meest gewaardeerde soorten behoren de “viejas” (naakte slijmvis), maar ook, onder andere, de sama (Pagrus auriga), de bocinegro (Pagrus pagrus), de salema (Gestreepte bokvis), de cherne of mero(tandbaars)… Ook de verschillende soorten tonijn die op de kusten in overvloed voorkomen, zijn voortreffelijk. caballas (makreel), sardines en horsmakreel moeten ook worden genoemd bij de meest geconsumeerde vissen. Een andere soort die een zekere faam geniet, is de murene, die gewoonlijk gefrituurd wordt opgediend. Deze mariene soorten worden gewoonlijk eenvoudigweg gekookt, of gegrild, in zout gebakken, enz. Ze worden vaak vergezeld van mojo-saus en gerimpelde aardappelen.

Vleesschotels
Puchero canario

Bij de vleesschotels is de typische carne de fiesta (gemarineerde varkensvleestaco’s) een populair gerecht dat voor dorpsfeesten wordt bereid in ventorrillos (kermiskraampjes), bars en bij particulieren. Conejo en salmorejo (gemarineerd en daarna gebakken en gekookt konijnenvlees), geit, en natuurlijk rundvlees, varkensvlees en ook gevogelte wordt veel gegeten. Een ander typisch gerecht van de gastronomie van Tenerife is de puchero canario, die net als andere Spaanse stoofpotten een van de meest complete potten van de nationale keuken is. De inhoud van puchero kan uiteraard variëren, maar het is rijk aan groenten, peulvruchten en vlees.

Papas arrugadas

Zowel vis- als vleesgerechten gaan gewoonlijk vergezeld van papas arrugadas (gerimpelde aardappels). Dit is een typisch gerecht van de hele Canarische Eilanden, en is gewoon een gevolg van de manier waarop de aardappelen worden gekookt. In 2016 werden ze uitgeroepen tot gastronomisch wonder van Spanje in een wedstrijd gepromoot door Allianz Global Assistance, wonnen ze de eerste plaats door een volksstemming via het internet.

Mojos
Papas arrugadas con mojo rojo.

Een typisch Canarische saus die een zekere pikante smaak geeft aan gerechten. Het geeft de typische sauzen van de eilanden aan. Mojos bevatten meestal koriander, peterselie, paprika of peper. Het gamma van deze sauzen is echter zeer breed en maakt het gebruik van verschillende ingrediënten mogelijk, zoals amandelen, kaas, saffraan, gebakken brood, naast andere mogelijkheden.

Gofio

Gofio is een van de traditionele elementen van de Canarische keuken, met name op Tenerife. Het wordt gemaakt van graankorrels die worden geroosterd en vervolgens gemalen. De meest geconsumeerde soort op het eiland is tarwe, hoewel er ook andere soorten bestaan, zoals gierst of, in mindere mate, kikkererwten. Het gemengde type, tarwe-millo, komt ook betrekkelijk veel voor. Reeds vóór de verovering van de Canarische Eilanden werd het door de Guanchen gebruikt als een bron van voedsel. In latere tijden van hongersnood en voedseltekorten maakte het deel uit van het populaire Canarische dieet. Tegenwoordig wordt het gebruikt als hoofdgerecht (gofio escaldado) of als aanvulling op diverse gerechten: vlees, vis, stoofschotels, desserts. Typisch zijn ook de zogenaamde “pellas de gofio”, waarin dit hoofdingrediënt samen met andere ingrediënten (honing, suiker, water, amandelen, sultana’s, kaas, enz.) wordt gekneed en in kleine ronde vormpjes wordt opgediend. Pellas de gofio” worden vaak gegeten bij pelgrimstochten, traditionele jaarmarkten en druivenoogsten. Enkele bekende chef-koks hebben zelfs gofio-ijs gemaakt, met goede kritieken.

Kaas

Zodra de verovering van de eilanden achter de rug was, was een van de eerste economische activiteiten die onmiddellijk op gang kwamen, de productie en afzet van kaas. Het was een rationele manier om de bestaande kleine veestapel rendabel te maken. Bij wijze van anekdote kunnen we erop wijzen dat kaas zelfs als ruil-, koop- en verkoopmiddel werd gebruikt. Sindsdien is kaas een essentieel voedingsmiddel in landbouwgebieden.

Ook dit is een van de meest bereide en geconsumeerde gerechten. Het wordt geproduceerd op boerderijen in Arico, La Orotava en Teno. Er zijn dan weer verschillende soorten: zachte, gezouten, halfgezouten, gerookte kazen… en de meeste zijn handgemaakt. Tegenwoordig wordt overwegend geitenkaas gemaakt, hoewel soms ook bepaalde hoeveelheden schapen- of koemelk worden gebruikt. Ze worden meestal geserveerd als voorgerecht of gewoon als tussendoortje. De kazen van de Canarische Eilanden worden internationaal geprezen, onder meer om hun zachtheid en smaak, waardoor ze een persoonlijkheid hebben die hen onderscheidt van andere Europese kazen. Met name de gerijpte geitenkaas van Tenerife met paprika- en gofio-toppings van de Quesería de Arico won in zijn categorie een prijs als beste kaas ter wereld tijdens de World Cheese Awards 2008 in Dublin.

Uit een van de laatste studies blijkt dat op Tenerife jaarlijks ongeveer 3400 ton kaas wordt geproduceerd, wat overeenkomt met 50 % van de productie van de provincie en 25 % van die van de hele archipel. Er zijn momenteel 75 ambachtelijke kaasmakerijen, volgens het Registro General Sanitario de Alimentos.

Momenteel hebben de kazen van Tenerife een garantiemerk dat wordt gepromoot door de Stichting Platteland Tenerife om hun kwaliteit te certificeren. Het doel van dit garantiemerk is de belangrijkste kwaliteiten van de kazen bekend te maken, de waarde van het product te verhogen en de afzet ervan te verbeteren.

Repostería

De zoete-of nagerechten van Tenerife zijn vertegenwoordigd en sterk beïnvloed door de banketbakkerij van La Palma, met lekkernijen als bienmesabe, leche asada, Príncipe Alberto, frangollo, huevos moles, quesillo en een lange enzovoort. Evenzo maken rosquetes, truchas en verschillende soorten gebak, waaronder laguneros en de unieke rosquetes de Guía de Isora, deel uit van dit hoofdstuk van het receptenboek.

Assortiment van zoetwaren.
Wijnen

De wijnbouw in de archipel, en vooral op Tenerife, is begonnen na de verovering, toen de kolonisatoren wijnstokvariëteiten meebrachten en de edelheid van de Canarische wijnen inzagen. In de 16e en 17e eeuw werd wijn een belangrijk onderdeel van de economie van Tenerife, aangezien vele families zich toelegden op de wijnbouw en de handel die daaruit voortvloeide. Een speciale vermelding verdient de Canarische malvasía, die als de beste wijn ter wereld werd beschouwd en werd begeerd door de Europese hoven en de grootste wijnhuizen van Europa en Amerika. Schrijvers als William Shakespeare en Walter Scott verwijzen in sommige van hun werken naar deze wijnen. Het eiland telt momenteel vijf oorsprongsbenamingen: Abona, Valle de Güímar, Valle de La Orotava, Tacoronte-Acentejo en Ycoden-Daute-Isora.


Naar boven

Verwant aan dit onderwerp:

Dit was een van de Spaanse Verhalen in de niet commerciële website spaanseverhalen.com. De verhalen in deze website zijn niet statisch, regelmatig worden de verhalen aangepast, kijk hiervoor naar deze mededeling:

    • Laatst bijgewerkt 2022-02-11

Coralma*

Spaanse Verhalen.  https://spaanseverhalen.com

Bronvermelding en referenties:
De veelal buitenlandse teksten van wikipedia zijn beschikbaar onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen. Ik heb deze teksten vertaald, gemengd, en vaak aangevuld met eigen kennis en ervaring, opgedaan in de periode dat ik in Spanje woon en aan deze artikelen werk.
Ook andere bronnen zijn opgenomen, dat kunnen zaken zijn die ik, tijdens het onderzoek naar de artikelen, gelezen heb en in deze teksten verwerkt heb.

    • Spaanstalige Wikipedia|titel=Tenerife|paginacode=141409987| datum=20220205
    • Spaanstalige Wikipedia|titel=Teide|paginacode=141494113| datum=20220206
    • Spaanstalige Wikipedia|titel=Mencey|paginacode=141050139| datum=20220107
    • Spaanstalige Wikipedia|titel=Martín de Andújar Cantos|paginacode=141167249| datum=20220111
    • Engelstalige Wikipedia|titel=Tenerife|paginacode=1070114778| datum=20220210
    • Nederlandstalige Wikipedia|titel=Vaatplanten|paginacode=60204997| datum=20220107

Deze teksten zijn beschikbaar onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen 3.0. CC BY-SA 3.0

Andere bronnen zijn:

Website: Vulkanisme.nl; http://www.vulkanisme.nl/
Website: tenerife connect; https://tenerifeconnect.be/watergalerijen-op-tenerife-3/

De foto’s/afbeeldingen zijn gelicenseerd onder  Wikimedia Creative Commons: CC BY 1.0 ,  CC BY-SA 1.0 ,  CC BY 2.0 , CC BY-SA 2.0,  CC BY 2.5 , CC BY-SA 2.5, CC BY 3.0CC BY-SA 3.0 , CC BY 4.0, CC BY-SA 4.0 , GNU-licentie voor vrije documentatie ,  of Publiek Domein

Als u op één van de link’s hieronder klikt, krijgt u de volledige informatie van deze foto’s/afbeeldingen, de auteur, of de licentie te zien.

Coralma*, is eigen werk dat u terug kunt vinden als een CC BY-SA 4.0 file in Wikipedia Commons.

U bent vrij:

  • Om het werk te kopiëren, te verspreiden en te verzenden
  • Om het werk aan te passen (op uw eigen medium)

Onder de volgende voorwaarden:

  • attributie – U moet de juiste vermelding geven, een link naar de licentie verstrekken en aangeven of er wijzigingen zijn aangebracht. U mag dit op elke redelijke manier doen, maar niet op een manier die suggereert dat de licentiegever u of uw gebruik goedkeurt.
  • gelijk delen – Als u het materiaal remixt, transformeert of erop voortbouwt, moet u uw bijdragen distribueren onder dezelfde of compatibele licentie als het origineel.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

Hans Brongers Buitenfotografie

VOOR DAG EN DAUW IN DE NATUUR

De niet genomen weg

Fietsen, wandelen, foto's, gedachten en meer.

MONTSE ANTARES BLOG CINEMA

BANDAS SONORAS.. SOUNDTRACKS.. Y MÁS

%d bloggers liken dit: