Spaans woordenboek

Arrabal

Een Arrabal (van het Spaans-Arabisch “arrabáḍ” en deze van het klassieke Arabische “rabaḍ”) is een territoriale uitbreiding of groepering van huizen en bedrijven die niet onder de gemeentelijke controle of stadsplannen vallen. Het was kenmerkend voor de groei van Europese steden tijdens de Middeleeuwen, een spontane stedelijke formatie buiten de muren, dat wil zeggen buiten de ommuurde ruimte, zich uitbreidend langs de hoofdwegen en vlakbij poorten, in de buurt van de bevolkingscentra, of rond nieuwe kloosters die werden gesticht op het terrein grenzend aan de steden. De bouw van nieuwe muren of omheiningen, om de gemeentelijke perimeter uit te breiden, maakte dat deze oorspronkelijke voorsteden in de stad als een nieuwe wijk opgenomen werden

Auto de Fe

De term Auto de fé betekent in het (oud-)Spaans “handeling van (het) geloof”, en is afgeleid uit het Latijnse “Actus Fidei”. Het is een ritueel van penitentie van door de inquisitie veroordeelde ketters en afvalligen. De term wordt vandaag de dag vooral geassocieerd met de brandstapel, waarop mensen werden gedood wegens ketterij.

Behetrías

Een volk, wiens buren het recht hebben hun Heer te kiezen.

Bien Muebles

Vandaag de dag is dit een classificatie van roerende goederen van bijzonder economisch belang, veel belangrijker dan de waarde van onroerend goed, in tegenstelling tot wat er meer dan een halve eeuw geleden is gebeurd, bijvoorbeeld wat er met een lijn- of vliegtuig gebeurt met betrekking tot een huis. Daarom ging het merendeel van de wetgevingen, gezien het belang ervan, vooral over onroerend goed ten koste van meubilair, dat op dat moment weinig economische waarde had. Om de hierboven uiteengezette redenen is de bescherming vandaag de dag meestal evenwichtig.

Burgos

Geschreven als, burgos en niet als Burgos (de stad).

In de Middeleeuwen, fort gebouwd door de feodale edelen om toezicht te houden op de gebieden van zijn rechtsgebied, waar de gilden, onder anderen, van kooplieden en ambachtslieden zich vestigden. Een deel van de stad kon een onderdeel zijn van een grotere burgos.

Capellanía

Stichting (geldstorting, donatie) opgericht door een persoon die sommige van zijn bezittingen toeschrijft aan de betaling van een pensioen aan een predikant om de mis of andere diensten in een bepaalde kapel te vieren. Vaak ging het bij edelen of koningen om meerdere, soms wel duizenden missen, ter nagedachtenis, of om kwijtschelding van zonde.

Carreterismo

Het carreterismo , soms ook condadismo of purisme ( de laatste term die gebruikt wordt door de volgelingen van deze stellingen), is een ideologische stroom die noemt zichzelf Castellanista gebaseerd op de stelling van segovianos schrijvers Luis Carretero Nieva en zijn zoon Anselmo Carretero . In tegenstelling tot de sectoren Castellanismo, die geloven dat Castilla bestaat uit Castilla la Vieja , Castilla la Nueva en de Region Leonesa. De carreterismo maakt een onderscheid tussen Castilla en Leon, rekeninghoudend met de laatste als een non – Castiliaans regio, volgens zijn woorden.

Colonato

Het colonato is een vorm van exploitatie van landbouwgrond , het was een overgangsvorm tussen het slavenstelsel van het Romeinse rijk en het feodale systeem dat tijdens de middeleeuwen de  boventoon voerde. De colono (deelpachter) had een tussenstatus tussen slavernij en vrijheid: het was die vrije persoon die een land cultiveerde dat niet van hem was, en eraan gekoppeld was zonder het te kunnen verlaten. Door het te cultiveren, betaalde hij een canon of jaarlijkse huur , hetzij in geld of in natura.

Comarca

Een gebied vaak bestaande uit diverse bevolkingsgroepen. De afmetingen zijn variabel, maar hebben de neiging om een natuurlijke regio die niet alleen fysieke kenmerken (topografie, hydrografie, klimaat, vegetatie, bodem), maar ook menselijke (demografische, economische toepassingen, huisvesting op het platteland, stedenbouw) en historische determinanten samenvat in een geografische landschap.

Comes

Comes (meervoud: comites) is het Latijnse woord voor kameraad, ofwel in individuele zin, ofwel als lid van een collectief genaamd comitatus (vergelijk comitatenses), in het bijzonder het gevolg van een commandant of magistraat, in sommige gevallen groot en/of formeel genoeg om een specifieke naam te verwerven, zoals de cohors amicorum. Het woord comes komt van com- “met” + ire “gaan”.
In de Romeins heidense religie was een comes een gebruikelijk epitheton (titel die aan de naam toegevoegd wordt, zoals katholieken nu nog steeds doen met Jesus en heiligen, zoals in ‘Onze lieve Vrouwe van Lourdes’) voor een held of een (mindere) godheid, als aanduiding van een verband met een hogere of gelijkwaardige godheid, of meerdere goden bij elkaar als een kernfamilie.

Later als Keizerlijke hoftitel: Historisch significanter werd Comes als een wereldse titel voor betrouwbare (ex-)hovelingen en anderen, als teken van keizerlijk vertrouwen, wat zich ontwikkelde tot een formele rang, equivalent met de hellenistische Philos (Basilikos) of de Karolingische paladijn (ridder), en daarom bleef men de titel houden wanneer men werd benoemd -vaak gepromoveerd- naar een post ver weg van het hof, vaak in het veld of in het provinciale bestuur. Vervolgens was het een logische stap om de titel te verbinden met specifieke plichten voor een functionaris van hoge rang, en om het zelfs deel te maken van de officiële titel.

Comes Africae

In de laatste periode van het Romeinse rijk was de comes Africae de commandant van de troepen comitatenses en limitanei in het Bisdom van Afrika.

Comitatense

In de loop van de historie werd comitatenses de geaccepteerde, vervangende, naam van de Romeinse keizerlijke troepen (legioenen en hulptroepen) die niet slechts gelegerd waren aan de limes (verstevigde grenzen, de Rijn en Donau) in Europa.

Zie verder: https://es.wikipedia.org/wiki/Comes_Africae

Compulsoren

Romeinsche gerechtsdienaars, die het volk, bij openbare werkzaamheden, en tot betaling der belastingen, moesten aanzetten; ook zij, die in de kloosters de horae bekend maakten en de nalatigen aandreven.

Coroza

De coroza

De coroza was een geschilderde papieren of kartonnen hoed  in een conische vorm die werd gedragen door degenen die veroordeeld waren door de Spaanse inquisitie (of de Portugese inquisitie) en die diende als aanvulling op de ‘sambenito‘ . De functie van beiden was om de beklaagde in de ‘auto de fe‘ te wijzen op het feit dat hij God en zijn kerk had aangevallen en daarom de symbolen van schande moest dragen.

Zie ook: sambenito

Corregidor

(In vroegere tijden) Burgemeester van een aantal belangrijke steden die werd benoemd door de koning en bevoegd was in administratieve en gerechtelijke aangelegenheden.

Cortes

Geschreven als, Cortes.

Eerste – en Tweede kamer (hist. vrgb)
Volksvertegenwoordiging, Parlement.

A Cortes generales = (vglb) kamerverkiezingen

Crónica Profética

De crónica profetica is een historische tekst, geschreven in 883, die de Gotische oriëntatie uitlegt die de Asturische monarchie in zijn laatste fase heeft gebracht.
De tekst is in feite een profetie waarin de Goten, na de heerschappij van de Arabieren, wederom dezelfde straffen en ontberingen zouden opleggen die ze tijdens de overheersing zouden hebben doorstaan. De Arabieren zouden worden verdreven en Alfonso III zou opnieuw koning van een verenigd Spanje worden. In de kroniek wordt de Moor op zich als een wreed , laf en wellustig figuur verklaard. Het genereert ook de legende die de moslimoverwinning rechtvaardigt als een uiting van goddelijke toorn voor de slechte actie van de Visigotische edele.

Estafermo

De ‘Estafermo’ zouden wij in Nederland een houten (in dit geval een stalen) Klaas noemen.

Een pop die gemonteerd werd op een roterende horizontale mast op een basis. Hij was gewapend met een schild in zijn linkerhand en hield met zijn rechterhand een riem waaraan ballen of zandzakken hingen. De pop werd geplaatst aan het einde van een baan waarbij de ruiters te paard probeerden een echte gevechtssituatie te simuleren. De behendigheid bestond uit het slaan van het schild met de speer (lans) en daarna te voorkomen dat de pop tijdens het draaien de deelnemer met de buidels sloeg.

Foedus

In de eerste eeuwen na het begin van de jaartelling kreeg het begrip foederati een ruimere invulling. Eerst bonden de Romeinen bepaalde stammen als foederati aan zich door ondersteuning met geld of voedsel. Later werd het foederati steeds vaker toegestaan zich binnen de grenzen van het Romeinse Rijk te vestigen. Door de feitelijke opname binnen het Rijk genoten de foederati een zekere bescherming. Aan de andere kant betaalden de foederati belasting voor deze dienst: ze leverden Rome hulptroepen voor de legioenen. Veel bekende Germaanse aanvoerders die later in opstand zouden komen tegen Rome – zoals Arminius, Julius Civilis en Alarik I – begonnen hun militaire carrière in het Romeinse leger.
Naarmate de Romeinse macht in de vijfde eeuw verder afnam gingen de foederati in het West-Romeinse Rijk zich steeds onafhankelijker gedragen. Opstanden van foederati kwamen steeds vaker voor en omstreeks 455 ontstond er een situatie dat er geen belasting meer aan de fiscus werd afgedragen. De lokale Romeinse autoriteiten werden aan de kant geschoven en foederati als de Visigoten en de Bourgonden namen het heft zelf in handen door onafhankelijke koninkrijken te stichten.

Zie: https://nl.wikipedia.org/wiki/Foederati

Foralismo

Het forallismo is een politieke doctrine gebaseerd op het terugeisen van bestuurlijke bevoegdheden, het verheerlijken van oude fueros en wetten van de verschillende gebieden van Spanje. Dit wordt gevoed door verschillende bewegingen waarvan sommige met geavanceerde ideeën over de maatschappij aan anderen met conservatieve ideeën.

Foralisme, het handhaven van de voorrechten en traditionele voorrechten tegenover het centraliserende beleid van het oude regime, volgens welke de regio’s hun autonome overheidsinstellingen, hun eigen systeem van rechtvaardigheid, belastingvrijstelling en rekrutering voor militaire dienst moeten behouden.

Fuero

De plaatselijke privileges , gemeentelijke handvest of fueros waren de wettelijke statuten die in een bepaalde plaats of gebied van toepassing waren, waarvan het doel, over het algemeen is het reguleren lokale leven, de creatie van een set van wettelijke regels, rechten en privileges verleende door de Koning , de Heer van de land of de raad zelf , dat wil zeggen, de wetten van een bepaald gebied of een plaats. Het was een systeem van lokale wetgeving dat, tijdens de Middeleeuwen in het Iberisch schiereiland heel normaal was. Het was de belangrijkste bron van de Spaanse middeleeuwse wetgeving. Het werd ook gebruikt in bepaalde delen van Frankrijk.

Hospitalitas

Oorspronkelijk was hospitalitas het wettelijke kader waarbinnen soldaten werden ondergebracht op Romeinse burgerboerderijen. De Romeinse wetten op de hospitalitas dwongen een eigenaar van een boerderij om voedsel en onderdak te bieden aan soldaten in een kwartier, terwijl het misbruik van de vordering door soldaten verboden was.

Junta de Fabrica

Traditioneel was de Junta de Frabrica (fabrieksbijeenkomst) een technische commissie die belast was met het beheer van de constructieve en artistieke interventies van de tempel of een gebouw, waarbij de overeenkomstige records werden vastgelegd in het “libro de fábrica” (fabrieksboek) met betrekking tot de uitgevoerde werken. Evenzo was er vroeger een “maestro de obras” (bouwmeester of constructiemanager) die na de uitvoering van de tempel (gebouw) waakte over het onderhoud van de tempel.

Limitanei

Limitanei of ripenses waren grenstroepen in het late Romeinse leger. Zij waren gelegerd aan de Rijn-grens en Donau-grens, de zogenaamde Limes. Het waren lichte troepen die tot taak hadden invallers tijdelijk tegen te houden totdat zwaardere legereenheden arriveerden. De Limitanei stonden onder het gezag van een dux (waar de titel ‘Doge’ ‘duc’ of ‘duke’ van is afgeleid).

Zie verder: https://nl.wikipedia.org/wiki/Limitanei

Magister militum

Magister militum (“meester der soldaten”) was de Romeinse term voor opperbevelhebber van het leger sinds Constantijn de Grote. In de laatste jaren van het West-Romeinse Rijk besliste de magister militum (bijna altijd van Germaanse afkomst) meestal welke Romein er keizer mocht worden en was zelf de werkelijke machthebber achter de troon.
Bekende magistri militum waren de Germaanse generaals in Romeinse dienst Stilicho, Ricimer en Gundobad.

Mayordomo mayor

Mayordomo mayor del Rey‘. Waardigheid van de oude koninkrijken van León en Castilla . Het was ook de figuur van de ‘submayordomo mayor‘. De functie werd altijd uitgevoerd door leden van de hoge adel of zelfs royalty, en met toegang tot de troon van Carlos V (Carlos I van Spanje) vervangen door de functie van de ‘Mayordomo mayor del Rey de España‘, dit was de functie de Alfa in Nederland innam tijdens de tachtigjarige oorlog. Al met al een titel die bijna niet te vertalen valt.

Functies 

    • Chef hoofdkwartier van het Koningshuis, niet alleen eervol, maar ook effectief.
    • Verantwoordelijk voor de ceremonie van de Hof en het koninklijke etiquette.
    • Beheerder van het onroerend goed, hoewel deze functie door de eeuwen heen afnam ten gunste van andere ondergeschikte officieren van het hof.

Vereisten voor de uitoefening van de functie

In artikel IX van de tweede van de Siete Partidas  worden de eisen omschreven om toegang te krijgen tot de functie van Mayordomo Mayor del Rey en hun functies worden vermeld: 

    • Het zijn van een goede afkomst, omdat het, volgens de mentaliteit van de tijd, je zou dwingen om het goed te doen.
    • De rentmeester moest op de hoogte zijn van het kapitaal (de wijze waarop het koningshuis geld inde) en rechten van de koning om kapitaal (het staatsinkomen) te beheren en te verhogen.
    • De rentmeester moest weten hoe hij de boekhouding van het Koninklijk Huis moest bijhouden, zodat hij de koning kon informeren over de status van de rekeningen.
    • Loyaal wezen aan de koning, om de vriendschap van zijn onderdanen te winnen, aangezien alles met betrekking tot het Koninklijk Huis onder zijn jurisdictie viel.
Mozárabe

Mozaraben is de benaming voor de christenen die leefden onder moslim-dominantie in het Iberisch schiereiland, het tegenwoordige Spanje en Portugal, vanaf 711.

Voor de moslims waren ze, net als de Joden, dhimmis (beschermelingen). Ze konden hun geloof verder belijden doch dienden een speciale belasting te betalen(die relatief goedkoper was dan de belasting die de moslims moesten betalen). De Mozaraben hadden een eigen bestuur en eigen rechtbanken. Bekering tot de islam werd aangemoedigd. Bekering tot het christelijke geloof of tot het jodendom was verboden. De bouw van nieuwe kerken werd niet toegelaten. De Mozaraben hadden hun eigen ritus, de Visigotische ritus of ook wel Mozarabische ritus genoemd.

Naarmate de reconquista vorderde -de herovering van Spanje door christenen vanaf de 11de eeuw- werden de Mozarabische christenen opgenomen in de nieuwe christelijke koninkrijken van Noord-Spanje. Er kwam ook een migratie naar het noorden op gang, zeker in tijden van vervolging.

Municipio

Een municipio is een administratieve entiteit die één of meerdere locaties kan groeperen. Locaties die kunnen verwijzen naar steden, dorpen of gehuchten. Dit is een beknopte uitleg en in de toekomst zal ik er zeker een artikel over schrijven dat meer duidelijkheid zal geven

Palatino

Conde Palatino, Paltsgraaf (Latijn: comes palatinus; Duits: Palatin) is een ambt dat in de loop der eeuwen ook een vorstelijke titel werd.

Parias

Paria’s waren Taifa koninkrijken ( 1031 – 1492 ) die belasting moesten betalen aan de christelijke koningen, met name het Koninkrijk van León maakte veel gebruik van deze wijze van belastingplicht. In ruil hiervoor zouden ze de Taifa niet aanvallen en ze beschermen tegen aanvallen van andere koninkrijken zelf als er zich gevechten voordeden tussen Taifa’s onderling.

Dat de islamitische Taifa’s over het algemeen kleiner waren dan die van de christelijke, militair machtige, koninkrijken, waren de moslims economisch en cultureel welvarender, waardoor het mogelijk was om aan de strenge eisen van de christenen te voldoen. Dit zorgde ervoor dat de verschillende Taifa-koninkrijken onbewust de christelijke legers financierden.

Toen de verbrokkeling van het kalifaat van Cordoba plaatsvond vanaf het jaar 1031 , begon het militaire overwicht van de christenen af te nemen.

Primer término

(op de) Voorgrond.

Priscillianisme

Het Priscillianisme was een beweging in de christelijke kerk, ontstaan in de 4e eeuw op het Iberisch Schiereiland, die door velen als een ketterij werd beschouwd. De naam van de stroming is afgeleid van Priscillianus van Ávila, een Spaans geestelijke en bisschop.

Real Provisión

Koninklijke Bepaling, is een beschrijving, een besluit, dat voorafging aan de echte wet, het was een algemeen gebruik in het koninkrijk Castilië van de XIII eeuw tot de XVI eeuw , dat als doel had om wetten te reguleren.

Sambenito

De sambenito waarop het kruis van San Andrés genaaid is.

De sambenito (een klein soort kazuifel) werd al gebruikt door de middeleeuwse pauselijke inquisitie . In het Handbook of Inquisitors (1378) beschrijft Nicholas Eymerich het als een tuniek die bestaat uit twee stoffen flappen, één aan de voorkant (borst) en één aan de achterkant (rug), waarop rode kruisen zijn genaaid.

Oorspronkelijk was het een wollen zak (saco = zak), gezegend (bendito = gezegend) door de priester, waaruit de naam voorkomt van gezegende zak (saco bendito) dat aanleiding gaf tot sambenito door fonetische assimilatie met San Benito (een Spaanse heilige bij ons beter bekend als Benedictus van Nursia) .

Zie ook: coroza.

Seo

Kathedraal in enkele Spaanse regio’s, met name Catalonië en Aragon.

Spatario

Term afkomstig van de Grieken; spatarios. In het late Romeinse rijk stond het woord ‘espatario‘ voor een bewaker in dienst van een privépersoon, voor de bewaker van de keizer betekende het letterlijk “degene was die een zwaard draagt”. De imperiale spatario verscheen voor het eerst tijdens het bewind van Theodosius II.
Bron: Tekst ontrokken van www. enciclonet.com

Tenente

Was de verantwoordelijke persoon (van adel) voor het feodale mandaat dat overeenkwam met een stad of regio, aangewezen door de koning of heer tijdens de middeleeuwen in de christelijke koninkrijken van het Iberisch schiereiland. Het contract gaf geen eigendomsrechten en was tijdelijk. De huurder diende rechtspraak in, verzamelde koninklijke en militaire belastingen. Het resulterende inkomen was meestal gelijk verdeeld tussen de huurder en de koning.

Topónimos mayores y menores

Er is een groot verschil tussen mayores (grote) en menores (kleine) toponymie: de manier waarop deze wordt overgedragen. De grote toponymie,  steden en dorpen in het algemeen, worden via een dubbele route mondeling en schriftelijk doorgegeven, terwijl kleine toponiemen niet altijd schriftelijke bewijzen heeft omdat ze geen economisch of sociaal belang hebben en alleen mondeling worden doorgegeven, van generatie op generatie. Maar dit mondelinge en vluchtige karakter hangt af van transmissies in kleine groepen en kan worden onderbroken, zodat het toponiem kan verdwijnen en al dan niet vervangen kan worden door een toponiem in een andere taal, zelfs met een toponiem in een andere taal als er sprake is van exogene populaties.
Grote toponiemen worden meestal behouden, zelfs na duizenden. Vooral de namen van de rivieren, die in veel gevallen duizenden jaren oud zijn, zijn bijzonder duurzaam.
De kleine toponymie in gebieden van uitbundige natuur en nog meer als het bezit van het land is gebaseerd op versnippering van het grondgebied, is de microtoponimia is als de natuur zelf, bladrijk, gevarieerd en toont soms verschillende stadia van de vorming, sommige zeer modern en andere zeer oude, vooral als er geen grote bewegingen van de bevolking zijn geweest.
De vergelijking tussen de kleine toponymie van de gebieden waar de islamitische invasie van de 8e eeuw niet floreerde en die van de bezette gebieden, met uitzondering van de noordelijke overvloed aan toponiemen als gevolg van natuurlijke oorzaken in tegenstelling tot de relatieve schaarste van de aard van de geïslamiseerde gebieden, merkt men een veel grotere tijdsdiepte en een volhardend behoud van heel wat pre-Romeinse en Romeinse microtonnage en zonder overblijfselen van de arabisering.
De microtoponymie leert ook over de vormen van bezetting, eigendom en agrarische toewijding (of niet) van het land.

Usurpator

Een usurpator (overweldiger) is een persoon die op een illegale wijze bevoegdheden of bezit overneemt, zoals het onrechtmatig overnemen van een troon of van een ambt in een republiek. Deze illegale daad wordt usurpatie (werkwoord usurperen) genoemd.

Usurpatie

Aanmatiging, Bezitsaanmatiging, Inbezitneming (wederrecht), Inlijving, Machtsmisbruik, Onrechtmatig bezit, Overweldiging, Wederrechtelijke bezetting, Wederrechtelijke inbezitneming.

La Banda sonora de una vida

Just another WordPress.com site

QUE BONITO ES VIAJAR

Un blog de mis viajes y los de mis amigos.

CAZUELA DE BARRO

Just another WordPress.com weblog

MONTSE ANTARES BLOG CINEMA

BANDAS SONORAS.. SOUNDTRACKS.. Y MÁS

De kwintencirkel

Blog van Pieter Simons

Abel Cuevas

Posters & Illustrations

%d bloggers liken dit: