Algemeen woordenboek. (I – Z)

Ichtyologie

Wetenschap van vissen.

Iconoclasme

De  leer, praktijk of houding van iemand die godsdienstige beelden vernietigd of zich verzet tegen iemands eerbied daarvoor. Ook te gebruiken voor de specifieke periode uit de Byzantijnse geschiedenis. Gebruik ‘aniconisme’ voor het verzte tegen het gebruik van afgoden.

Iconografie

De iconografie gaat in op de diepere en voor leken verborgen betekenis van het onderwerp en de details van een kunstwerk. Dit kan gaan om duidelijk aanwezige voorstellingen zoals: die man aan het kruis is Christus, maar ook om kleinere verwijzingen die expliciet door de kunstenaar zijn aangebracht. Een bekend voorbeeld hiervan is het afbeelden van een hond (zoals in het Portret van Giovanni Arnolfini en zijn vrouw), waarbij de hond symbool staat voor trouw tussen de echtelieden. Volgens sommigen is dit een iconografische interpretatie.

Ideeëngeschiedenis

Ideeëngeschiedenis is een onderzoeksgebied binnen de geschiedenis, dat zich bezighoudt met de uitdrukking, bewaring en verandering van menselijke ideeën in de loop der tijden. Ideeëngeschiedenis is verwant met of een stroming binnen de intellectuele geschiedenis.

Ideologie

Het woord werd gelanceerd door Destutt de Tracy. Hij omschreef in zijn boek ‘Les élements de l’ideologie’ de ideologie als wetenschap van de ideeën. Op het politieke vlak pretendeert de ideologie alle essentiële vragen van mens en samenleving te beantwoorden. Toen Napoleon onaangenaam getroffen werd door de weerspannigheid van Destutt en de zijnen tegenover zijn staatkundige plannen, gaf hij het woord zijn negatieve betekenis van doctrinaire bevangenheid. De drie grote ideologieën van de 20e eeuw zijn het communisme, het nationaalsocialisme en in mindere mate het fascisme. Ook buiten het marxistische kamp worden bepaalde religies wel als ideologie voorgesteld, bijvoorbeeld het shintoïsme en de keizerverering in het Japan van voor 1945. De democratie is geen ideologie, zij is in gerealiseerde vorm een rechtsstaat waarbinnen verschillende stromingen (eventueel ideologieën) tot hun recht kunnen komen.

Imāla

In de taalkunde is imela of imala (van Arabisch imāla = verbuiging) de naam die gegeven wordt aan het fonetische fenomeen dat voorkomt in bepaalde oude en moderne Arabische dialecten, waarbij het geluid [a] wanneer lang – [a:] of [ā] – wordt uitgesproken in bepaalde omstandigheden als ē of ī. De imela kwam veelvuldig voor in Al-Andalus, met name in het Arabische dialect dat in het gebied van het Koninkrijk Granada wordt gesproken, en er zijn veel voorbeelden daarvan in de Arabismen die in de Spaanse taal en in de toponymie zijn opgenomen.

Immanentie

Tegenover ‘Transcendente’ staat het begrip ‘Immanentie’, waarmee bedoeld wordt dat het goddelijke in onze werkelijkheid aanwezig is, in onze wereld woont.
Immanentie (letterlijk: er in blijvend) is de filosofische aanduiding voor dat wat tot de structuur van iets behoort en deze niet overschrijdt. In de kennistheorie is immanent bijvoorbeeld dat wat het bewustzijn niet te boven gaat maar binnen de ervaring of het bewustzijn blijft.

Imperialisme

Het proces waarbij landen hun macht in andere delen van de wereld uit willen breiden door gebieden te veroveren en te beheersen.

Incorporatie

1) Inlijving 2) Opneming 3) Vermenging

(taalkundig) Incorporatie is in de taalkunde het verschijnsel dat een bepaalde vorm van het werkwoord meerdere betekenissen tegelijk uitdrukt, doordat een of meerdere argumenten – vooral zelfstandige naamwoorden – in het werkwoord zelf worden opgenomen. Het werkwoord of de werkwoordsvorm verandert hierdoor in een soort samenstelling.

Voor meer, zie: Wikipedia

Incrementeel

Die of dat groeit in aantal of omvang.

Incunabelen

Eerste of vroegste drukken na de uitvinding der boekdrukkunst.

Een incunabel of wiegendruk is een boek of geschrift dat gezet is met losse letters en gedrukt vóór 1 januari 1501 in Europa. Het woord ‘incunabel’ is rond 1640 bedacht door de Westfaalse geleerde Bernhard von Mallinckrodt en stamt van het Latijnse ‘incunabula’ dat windsels (om een baby mee in te bakeren) of luier betekent. Wiegendruk is de letterlijke vertaling daarvan: uit de babytijd van de boekdrukkunst.

Indicatief

Aanduidend; Aantonend; Aantonende wijs; Taalkundige term; Vorm van een werkwoord; Werkelijkheidswijs.

Inert

De eigenschap van lichamen om te volharden in de toestand van rust of beweging waarin zij zich bevinden.
Traag, inactief, nier reagerend, niet werkzaam.

Infante

1) Kinderlijke 2) Koninklijke prinses in spanje en portugal 3) Kroonprins 4) Kroonprinses 5) Pretendent 6) Pretendente 7) Prins 8) Prinses in spanje of portugal 9) Prinses van den bloede 10) Spaanse prinses 11) Succeseur 12) Troonopvolger 13) Troonpretendent.

Infant (vrouwelijk: infante) is een dynastieke titel die sinds de 13e eeuw wordt gedragen door de jongere kinderen van de Spaanse monarchen. Ook de kinderen van het hoofd van de voormalige Portugese koninklijke familie dragen deze titel.

Infant komt van het Latijnse infans en betekent kind (van fari, spreken, dus letterlijk: die nog niet kan spreken). Oorspronkelijk was het in het Spaans de term die voor een kind onder de 7 jaar werd gebruikt.

Voor meer, zie: Wikipedia

Infantazgo of Infantado

Was een systeem van erfenis van het land of van pensioenen die aan kregen zonen of dochters van de koninklijke familie in Frankrijk  of Spanje kregen, vooral sinds de 13e eeuw tot de 16e eeuw.

De Infantado de San Pelayo was een beroemd middeleeuws instituut dat werd opgericht ten gunste van de ongetrouwde kinderen van vorsten die in kloosters woonden, en die voorzagen als bruidsschat dorpen en eigendommen. Deze alleenstaande ‘infantas leonesas‘ hadden de titel van Dominas of Abbesses .

Infantado de San Pelayo

In de stad León werd de gemeenschap van Dominas del Infantado opgericht in het klooster van Palat del Rey , gebouwd in de 10e eeuw door koning Ramiro II, speciaal voor zijn dochter Elvira .

In 966 van de koning Sancho I stichtte het klooster van San Pelayo in de stad Leon , ingewijd ter ere van de Cordoba martelaar San Pelayo , waarvan de resten werden door de koning gebracht naar de hoofdstad van het koninkrijk , maar later werden naar Oviedo . Gelegen naast aan het Pantheon der Koningen van San Isidoro de Leon , dit klooster verving het klooster Palat del Rey als een hoveling klooster en werd de “hoofd van infantazgo ‘, waar infantas nemen van de gewoonte en weduwen koninginnen worden gerekruteerd. Jaren later, in 1148, het klooster verplaatst naar Carbajal de la Legua , bij besluit van de Infanta Sancha , zus van koning Alfonso VII en sindsdien stond bekend als het klooster van Santa María de Carbajal en de benedictijnse nonnen die daar woonden, de “Carbajalas”.

Infiltratie

1) Binnendringen 2) Doorsijpeling 3) Geheim binnendringen van vijanden 4) Indringen 5) Indringing 6) Indruppeling 7) Insluiping 8) Intrekking 9) Inzuigen 10) Inzuiging 11) Langzame indringing 12) Tersluiks binnendringing 13) Vochtafzetting 14) Waterwintechniek
Het proces waarbij regenwater, of water van een beek of rivier, wegzakt in de bodem. Aanvulling van het grondwater door aangevoerd rivierwater in de grond te laten zijgen.

Initiator

Iemand die de eerste aanzet voor een handeling of onderneming geeft of er de eerste stap toe zet; ook: instantie die ergens het initiatief voor neemt; initiatiefnemer

Institutioneel

Als iets te maken heeft meet een of meerdere organisaties.

Insulair

De eilanden betreffende, eilanden betreffend, van de aard van een eiland.

Integraal

Als iets alles omvat. Volledig, in zijn geheel.

Integratie

Opname in een geheel, met name van bepaalde personen of bevolkingsgroepen in de maatschappij.

1) Aanpassingsproces 2) Eenmaking 3) Eenwording 4) Harmonisatie 5) Het opnemen in een geheel 6) Inburgering 7) Opname in een geheel 8) Opname in het geheel 9) Opneming in een groter geheel 10) Samensmelting 11) Wiskundeterm 12) Wiskundige term.

Een belangrijk kenmerk van integratie is dat de opname van personen of bevolkingsgroepen van beide kanten komt. Zowel de binnenkomende partij als de ontvangende partij passen zich aan de ander aan en daarmee ontstaat samensmelting tussen die twee personen of bevolkingsgroepen. Daarmee onderscheidt integratie zich nadrukkelijk van assimilatie waarbij aanpassing slechts van één kant komt. Niet alleen personen of bevolkingsgroepen kunnen zich integreren ook landen, bedrijven of systemen kunnen een proces van integratie ondergaan zoals in: “de integratie van de Europese landen tot de Europese Unie” of “de integratie van de bedrijfsonderdelen ICT en Communicatie.” De meest gebruikte synoniemen voor integratie zijn eenwording en harmonisatie.

Integreren

rechtswetenschap: in een eenheid, bijv. samenleving, opgaan. ….

1) Een worden 2) Eenworden 3) Gebruiken onder de knie krijgen 4) Heeft geïntegreerd 5) In een eenheid opgaan 6) In het geheel doen opgaan 7) Samengaan 8) Samenvloeien 9) Samenvoegen 10) Volledig maken 11) Zich aanpassen

Intendant

1) Ambtenaar die verantwoordelijk is voor het beheer van de huishouding ambacht 2) Officier der intendance (hoofd van een quarantaineplaats)

Intermitterend

Als iets met onderbrekingen gebeurt.
Iets dat met tussenpozen verschijnt of optreedt.

Interpoleren

1) Inlassen 2) Inschuiven 3) Tussenvoegen

Interregnum

Tussenregering, tussenbestuur.

Interveniëren

Actief handelen om een probleem, vooral tussen partijen, op te lossen.
1) Als bemiddelaar optreden 2) Bemiddelen 3) Ingrijpen 4) Interfereren 5) Interrumperen 6) Tussenkomen.

Interventie

Een interventie is een doelbewuste ingreep om een bepaalde zaak te verbeteren. Het is op meerdere gebieden van toepassing en het hangt dan ook sterk af van de context waarin het wordt geplaatst.

Bij een economische interventie stelt de overheid bijvoorbeeld een minimum- of maximumprijs vast om zodoende in te grijpen in het systeem van vraag en aanbod. Consumenten zijn er bij een maximumprijs van verzekerd dat zij niet teveel voor een bepaald goed betalen; anderzijds wordt bij een minimumprijs voorkomen dat producten onrendabel worden verkocht. Maar ook centrale banken interveniëren in een poging om een bepaalde valuta op de juiste koers te houden. Dit doen zij door de nationale valuta te verkopen (wisselkoers omlaag) of te kopen (wisselkoers omhoog). Verder wordt met een interventie ook een medische ingreep bedoeld. Een dieetinterventie is daar een voorbeeld van, waarbij middels een aanpassing van het voedingspatroon wordt getracht om de patiënt op het juiste gewicht te krijgen.

Interventie is ook de tussenkomst van een staat of land in de aangelegenheden op binnenlands vlak van een andere staat of land. Een interventie kan zowel gebeuren door politieke, economische of militaire motieven. Meestal zal de huidige regering van het te interveniëren land hiertoe vragende partij zijn.

Bemiddeling. Bemoeienis. Ingreep. Ingrijpen. Inmenging. Mediatie. Tussenkomst.

Intonatie

1) Verloop van de toonhoogte van een zin als je praat. 2) Het juist spelen van een toon wat betreft toonhoogte.

Intrinsiek

Als iets uit jezelf komt.  [medisch] wezenlijk, innerlijk.

Introspectie

Het nadenken over je eigen gevoelens en gedrag.

1) Innerlijke zelfwaarneming 2) Inwendig onderzoek 3) Term uit de psychologie 4) Waarneming van eigen innerlijk 5) Zelfbeschouwing 6) Zelfwaarneming

Innerlijke zelfbeschouwing: aandacht gericht óp en onderzoek ván de eigen tegenwoordige ideeën, gedachten en gevoelens. Wie dit doet ten opzichte van gedachten en gevoelens uit het verleden bedrijft retrospectie en geen introspectie.

Isotherm

Een isotherm is een isolijn van constante temperatuur op een kaart.

Isothermen worden veel gebruikt op weerkaarten om grootschalige temperatuurverdelingen aan te duiden. Ook in de thermodynamica, met name in fasediagrammen worden isothermen gebruikt.

Iure

Rechtswetenschap – Latijn: in rechte, vanuit het recht

Iure Uxoris

Iure uxoris of jure uxoris is een Latijnse rechtsterm, die kan worden vertaald als: “uit rechte van de echtgenote”. Het wordt vaak gebruikt, om een (adellijke) titel aan te duiden, die door een man wordt gevoerd, die zijn vrouw uit eigen recht (bijvoorbeeld door erfenis) bezit.
Voor meer zie Wikipedia

Inversie

1) Meetkundige term 2) Omkering 3) Omkering van de gewone orde 4) Omstulping 5) Omzetting 6) Stijlfiguur 7) Woordverplaatsing 8) Woordvolgorde 9) Zinsomzetting 10) Zinswoordenomzetting

Investituur

Investituur komt van het Latijnse woord vestitura, dat ‘aankleden’ of ‘bekleden’ betekent.

Bij de ambtsaanvaarding ontving een bisschop in de middeleeuwen van de keizer de ‘investituur’ (bekleding), die bestond uit een ring voor zijn geestelijk werk en een staf voor zijn wereldlijke arbeid. Na het Concordaat van Worms (1122) mocht de keizer nog slechts de tekenen van de wereldlijke arbeid aan de bisschop overhandigen, waarmee een lange machtsstrijd tussen de Rooms-Duitse keizer en de paus van Rome grotendeels ten einde kwam. Deze staat bekend als de Investituurstrijd.

Ook: Tekst uit 1864;  plechtige huldiging bij de aanvaarding eener nieuwe waardigheid; plechtige aanbieding of omhanging van de onderscheidingsteeken eener waardigheid, de nieuwe ridders der Kousenbandorde zullen morgen de – ontvangen.

Jure   zie:    De jure
Jurisdictie

Rechtsmacht: het grondgebied waar een juridische instantie bevoegd is.

Kanton

Onderverdeling van het grondgebied van de staat, kleiner dan een arrondissement.

Karst

Kalksteenerosievorm, karst doet zich voor in streken waar kalksteen aan de oppervlakte ligt en wordt aangetast door de chemische verwering door de zure eigenschappen van regenwater, maar ook de oplosbaarheid van kalksteen onder invloed van koolzuur in de atmosfeer. Karstgebied wordt vaak gekarakteriseerd door grotten, zinkputten en ondergrondse afvoer. Een gebied met karst trekt vaak veel toeristen.

Klerikaal

1) Behorende tot de geestelijkheid 2) Geestelijk 3) Japneus 4) Kerkelijk 5) Kerkelijk gezind.

Klerikalisme

Onder klerikalisme wordt gewoonlijk verstaan de bemoeienis van de (rooms-katholieke) kerkelijke autoriteiten met zaken die het wereldse gezag aangaan.

Kloostergang

Een kloostergang, kruisgang, pandgang, claustrum of ambulatorium is een arcade (gaanderij) rond de binnenplaats van een klooster of van een kerk waar kanunniken huizen. Het is meestal een vierkant van overdekte gangen met arcades rondom een open binnenplaats, de klooster- of pandhof.

Zie verder wikipedia: Kloostergang

Klopsteen

Een klopsteen, hamersteenklopper of percuteur is een stuk handgereedschap uit het stenen tijdperk.

Het betreft een rondachtige steen die van uiteenlopende materalen gemaakt kan zijn, en die door de vuursteenbewerker werd gebruikt om stenen werktuigen te vervaardigen. Ook andere voorwerpen van hout, steen of been konden hiermee worden bewerkt. Ook konden hiermee harde stoffen worden vermalen.

Koorheer (Kanunnik, domheer)

Priesterlid van kathedraal kapittel met soms bepaalde voorrechten, zoals vaste plaats in de kanunnikenbanken, het dragen van paars, enz.

Kosmopolitisch

Op de wereld gericht. Wereldburgerlijk. Verspeid over (bijna) alle delen van de wereld.

Krengen

Een droogvallend schip op de kiel scheef laten vallen, of een drijvend schip via een lijn aan de mast scheeftrekken, om onderhoud of reparatie aan het onderwaterschip te plegen. Ook bekend als kielen, kenteren, kielhalen, overwerpen of opzij halen.

Kwartair

De jongste geologische periode die 2.500.000 jaar geleden is begonnen en die tot op heden doorloopt. Onderverdeeld in de tijdvakken pleistoceen en holoceen.Legati iuridici

De Legatus Iuridicus was een ambt van het provinciaal bestuur van het Romeinse Rijk, opgericht om recht te spreken in een conventus iuridicus van de drie provincies van Romeins Hispania, Tarraconensis, Lusitania en Baetica, en in Dalmatië.

Hij werd rechtstreeks door de keizer benoemd uit de jonge senatoren en werd geplaatst onder de gouverneur van de provincie. Zij werden opgericht ergens tussen de regeerperioden van Augustus en Claudius, met als precedent het bestaan van legati als hulppersonen van de republikeinse provinciegouverneurs en ook in de senatoriale provincies van het Hoge Rijk.

Zij verdwenen aan het einde van de 3e eeuw, met de hervormingen van Diocletianus.

Lateraal

Met lateraal wordt de zijkant van iets bedoeld. Het is een term die afgeleid is van het Latijnse lateralis wat zoveel betekent als: ‘de zijkant betreffend.’ Vooral in de medische wereld en in de scheepvaart wordt het woord nog gebruikt. In de medische context is lateraal vaak een aanduiding binnen de anatomie.

Legaat

Bezit van een overledene dat volgens zijn of haar testament wordt verdeeld.

1) Afgevaardigde 2) Afgezant 3) Afgezant van de paus 4) Boedel 5) Deel van een erfenis 6) Dotatie 7) Erfboedel 8) Erfdeel 9) Erfenis 10) Erfgift 11) Erfgoed 12) Erfmaking 13) Erfstelling 14) Gevolmachtigde 15) Gezant 16) Gift 17) Nalatenschap 18) Onderbevelhebber 19) Pauselijk gezant 20) Pauselijke gevolmachtigde.

Een goed of een bepaald geldbedrag dat je aan iemand nalaat.

De legaten werden ten getale van 3 tot 10 aan de Romeinsche veldheeren toegevoegd, om hen in alles wat betrekking had op den oorlog of op het legerbestuur behulpzaam te zijn. Onder de verantwoordelijkheid van den veldheer voerden zij zijne bevelen uit.

Legatus luridicus

De Legatus Iuridicus was een ambt van het provinciaal bestuur van het Romeinse Rijk, opgericht om recht te spreken in een conventus iuridicus van de drie provincies van Romeins Hispania, Tarraconensis, Lusitania en Baetica, en in Dalmatië.

Hij werd rechtstreeks door de keizer benoemd uit de jonge senatoren en werd geplaatst onder de gouverneur van de provincie. Zij werden opgericht ergens tussen de regeerperioden van Augustus en Claudius, met als precedent het bestaan van legati als hulppersonen van de republikeinse provinciegouverneurs en ook in de senatoriale provincies van het Hoge Rijk.

Zij verdwenen aan het einde van de 3e eeuw, met de hervormingen van Diocletianus.

Legislatuur

Een legislatuur (van het Latijn: lex, legis: wet) is het wetgevend lichaam of de wetgevende macht van een bepaald land.

In België, maar ook in Spanje, wordt de term legislatuur ook gebruikt als verkorte vorm van legislatuurperiode. Het is dan een synoniem voor zittingsperiode of regeerperiode, de periode waarin een parlement of een andere regelgevende vergadering (provincieraad, gemeenteraad enz.) geïnstalleerd is. De legislatuurperiode start bij de installatie van de vergadering na de verkiezing, en eindigt bij de ontbinding van de raad of het parlement.

De maximale duur van een legislatuurperiode is meestal grondwettelijk vastgelegd. Vaak bestaat de mogelijkheid om een legislatuur voortijdig te beëindigen (ontbinding van het parlement).

In de meeste landen is de lengte van de legislatuur van een parlement vier of vijf jaar. Soms is ze beduidend korter, zoals bij het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden, dat elke twee jaar wordt vernieuwd.

Lethargie

Toestand waarin je passief en onverschillig bent.

Lex

Is een begrip uit het Romeinse Rijk, dat in brede zin elk rechtsvoorschrift betekent, in enge zin echter slechts die rechtsvoorschriften, die bepaalde procedures hebben doorlopen. De herkomst van het woord moet worden teruggevoerd op de werkwoorden legere (lezen, ihb. (uit)kiezen) of ligare (binden).

Lexicaal

Wat te maken heeft met de woordenschat.

Lexicologie

Wetenschap die de woordenschat bestudeert.

Lexicon

Dictionaire, Encyclopedie, Naslagwerk, Wetenschappelijk woordenboek, Woordenboek, Woordenschat.

Linguïst

Gramaticus, beoefenaar van de taalwetenschap, kenner van de taal, kenner van taalkunde, taalgeleerde, taalkenner, taalkundige, taalvorser, wetenschappelijke beoefenaar van de taal, woordvorser.

Linguïstiek

1) Kennis van talen 2) Studie van de taal 3) Taalgeleerdheid 4) Taalkunde 5) Taalwetenschap 6) Tak van wetenschap.

Lithische periode

grofweg het stenen tijdperk

Lithologie

Lithologie betekent letterlijk “gesteente” of “gesteentekunde”. In de geologie wordt de term gebruikt om aan te geven met wat voor soort steen men te maken heeft.

Voorbeelden:

De lithologie van een zandsteen is (vanzelfsprekend) zandsteen. De lithologie van een bekken of een tektonische eenheid kan een aantal verschillende soorten steen bevatten, dus de lithologie wordt dan een langere beschrijving. De lithologie van een xenoliet kan worden beschreven om het verschil met het omringende gesteente (dat een andere lithologie kan hebben) aan te geven.

Liturgisch

1) Naar kerkgebruik 2) te maken hebbend met het (vaste) verloop van een kerkdienst.

Loefgierig

Een zeilschip is loefgierig wanneer het, tijdens het zeilen, de neiging heeft, de kop naar loef, dus tegen de wind in, te draaien.

Navigatie : neiging van het schip om in de windrichting te draaien.

Het tegenovergestelde heet lijgierig.

Loefzijde

Zijde ‘boven’ de wind (‘in’ de wind), windzijde.
De naar de windrichting toegekeerde zijde, zijde waar de wind op staat.

Logograaf

Een logograaf was in de Klassieke oudheid een soort advocaat die tegen betaling redevoeringen en pleidooien schreef voor andere mensen, bijvoorbeeld beklaagden bij de rechtbank. Tegenwoordig zou men een logograaf een ghostwriter noemen.

De logografen waren ook de oudste geschiedschrijvers. Ze maakten Logoi (verhalen in proza). Een bekende logograaf was Hecataeus van Milete. Deze schrijver was een belangrijke bron voor Herodotus.

Andere logografen waren:

    • Helanicus
    • Isaeus, was actief in de 1ste helft van de 4de eeuw v.C. Hij schijnt vrijwel alleen redevoeringen voor processen over erfeniskwesties te hebben geschreven. Van hem zijn 12 logoi volledig bewaard.
    • Isocrates (436-338 v.C.). Hij was naast logograaf ook pedagoog en redenaar en werkte in Athene en op Chios. Er zijn van hem 21 redevoeringen integraal bewaard.
    • Lysias, die had voorgesteld een gratis rede te schrijven ten behoeve van Socrates.
Lijgierig

Een zeilend schip is lijgierig, wanneer het de neiging heeft om tijdens het zeilen de kop van de wind af te draaien. Vroeger sprak men ook wel van afvallig. Het tegenovergestelde is loefgierig.
Toelichting: Om haar op koers te houden moet de helmstok dan naar lij worden gehouden.

Lijzijde

Zijde ‘onder’ de wind (‘uit’ de wind), luwtezijde.
[scheepvaart] de kant van het schip die uit de wind ligt.

Macedonisch Falanx

Macedonische Falanx was een infanterieformatie die door Filipo II ontwikkeld en gebruikt werd, en later door zijn zoon Alexander de Grote tot het toppunt van zijn doeltreffendheid gebracht en werd in de Griekse wereld beschouwd als een onoverwinnelijk vechtsysteem, tot de nederlagen van Cinoscephalas (197 v. Chr.) en vooral Pidna (168 v. Chr.). Deze formatie overheerste in de strijd gedurende de Hellenistische periode totdat zij werd verdrongen door de Romeinse legioenen.

Magistraat

Lid van de rechterlijke macht. Bijv. de strafrechter en officier van justitie zijn magistraten, de raadsman niet.
1) Ambtenaar 2) Bewindsman 3) De overheid 4) Gerechtelijk ambtenaar 5) Hoogwaardigheidsbekleder 6) Juridisch ambtenaar 7) Overheid 8) Overheidspersoon 9) Rechter 10) Rechterlijk ambtenaar 11) Rechterlijke ambtenaar 12) Regering 13) Stadsregering

Maillardreactie

Ook wel niet-enzymatische bruinkleuring genoemd is de verzamelnaam voor een complexe reeks chemische reacties die optreden tussen reducerende suikers en aminozuren (bijvoorbeeld in eiwitten) onder invloed van warmte.
Tijdens het bakken worden voedingsmiddelen bruin en dit bruinen wordt de maillardreactie genoemd. Het bruinen is een chemische reactie tussen reducerende suikers en aminozuren. Omdat er altijd wel eiwitten en suikers aanwezig zijn in ingrediënten, bedrijft iedere kok onwillekeurig maillard-chemie. In principe verloopt de maillardreactie op iedere temperatuur, maar hoe lager de temperatuur hoe langzamer de reactie verloopt.

Mansiones

In het Romeinse Rijk was een “herenhuis” aan een Romeinse weg een officiële stopplaats of herberg voor hoge hoogwaardigheidsbekleders of ambtenaren die door verschillende provincies reisden. Rond deze plaatsen werden de villa’s van provinciale ambtenaren gebouwd, waaruit later steden konden ontstaan.

In een stad in het oude Rome konden de patriciërshuizen zeer uitgebreid en luxueus zijn. De herenhuizen op een heuvel in Rome werden zo uitgebreid dat de term paleisachtig werd afgeleid van de naam van die heuvel, Palatijn, en de etymologische oorsprong is van “paleis”.

Maquis

Begroeiing in het Middellandse Zeegebied bestaande uit doornige struiken met harde altijd groene bladeren. Deze vegetatie is ontstaan door het kappen en afbranden van het oorspronkelijke bos en het beweiden door geiten.

Marginaliseren

Ervoor zorgen dat iets of een groep minder belangrijk of invloedrijk wordt.

Matrilineair

In een matrilineaire samenleving wordt je verwantschap bepaald via je moeder.

Mark

Een mark is een grensgebied in het Karolingische rijk. Dit gebied werd beheerd door een markgraaf.
Het woord mark komt van het Oudnederfrankisch woord marka (“grens”) en duidt een grensgebied aan tussen twee landen. Gedurende de heerschappij van de Karolingische Dynastie verspreidde het woord zich door Europa. In tegenstelling tot een bufferzone behoort een mark gewoonlijk duidelijk toe aan een bepaalde staat en in plaats van een gedemilitariseerde zone te zijn, is de verdediging in dit gebied speciaal versterkt tegen mogelijke aanvallen van buurlanden.

Mecenaat

De meeste middeleeuwse auteurs die werken van grote omvang schreven, werkten in opdracht van een mecenas, die een vergoeding over had voor hun werk en hun de financiële middelen verschafte om de schrijfbenodigdheden (perkament was kostbaar) te betalen.

Medina

1) Arabisch stadscentrum 2) Arabische bedevaartplaats 3) Arabische hoofdstad 4) Arabische plaats 5) Arabische stad 6) Arabische wijk in tunis 7) Bedevaartplaats 8) Bordspel 9) Deel van een arabische stad 10) Heilige islamitische stad 11) Heilige plaats 12) Heilige stad van de mohammedanen 13) Heilige stad van de moslims.

Mercantilisme

Het mercantilisme is een economische stroming die is ontstaan in de 17e eeuw. De Mercantilisten zagen de internationale handel als de grootste bron van welvaart, waarbij rijkdom werd gemeten in hoeveelheden goud en zilver. Het streven was meer te exporteren dan te importeren met als doel de goud- en zilvervoorraden verder aan te vullen.

In deze stroming werd met inflatie niet of nauwelijks rekening gehouden.De leer van het Mercantilisme moet gezien worden in het licht van een maatschappij waarin nog sprake was van feodale hiërarchie (alleenheerschappij van de adel) en een geringe economische groei. Als reactie op deze stroming ontstond in de 18e eeuw de Fysiocraten.

Mesozoïcum

Het geologische tijdperk waarin de dinosaurussen leefden  De derde era in de geschiedenis van de Aarde, van 230 tot 65 miljoen jaar geleden. Het era dat tussen het Paleozoïcum en het Kenozoïcum ligt.

Mesofyl

Het mesofyl is het parenchymatische weefsel in een blad en bestaat aan de bovenkant uit het palissadeparenchym en aan de onderkant uit het sponsparenchym. Ook zijn er schimmels, zoals meeldauw en aardappelziekte die door de huidmondjes naar binnen dringen en tussen het mesofyl schimmeldraden maken.

Mesomediterrane

Mesomediterrane , bioklimatologische bodem die kan worden gevonden in elk gebied van het mediterrane klimaat, gelegen tussen de thermomediterrane beneden en de supramediterrane boven.

Afhankelijk van de breedtegraad en andere factoren, is de hoogte waarop het wordt gevonden variabel, hoewel het in alle gevallen een typisch mediterraan klimaat is, met vorst in de winter en hoge temperaturen in de zomer waarin waterstress optreedt . Vegetatie wordt meestal gekenmerkt door bossen van sclerofiele soorten , zoals steeneiken .

Metaforisch

1) Figuurlijk 2) In beeldspraak 3) Leenspreukig 4) Oneigenlijk 5) Overdrachtelijk 6) Verbloemd 7) Zinnebeeldig

Metamorfe gesteente

Sediment- of stollingsgesteente dat door temperatuur- en-of drukverhoging van samenstelling en structuur is veranderd.

Metallurgie

Is een deel van de metaalkunde, en behelst de technische praktijk en achterliggende wetenschap van het vinden/delven van ertsen en van hun bewerking tot bruikbaar metaal.
Studie van de structuur van metalen en legeringen in relatie tot eigenschappen die belangrijk zijn bij hun technologisch gebruik.

Metathese

Metathese, beter bekend als metathesis (van het Grieks meta, na en tithenai, plaatsen) is een fonologisch proces waarbij er transpositie (verwisseling van plaats) van klanken (fonemen) of syllaben (lettergrepen) in woorden plaatsvindt.

Metten

Eén van de canonieke uren (’s nachts, zeer vroeg): eerste gedeelte van het dagelijkse breviergebed, hoofdzakelijk bestaand uit psalmen en lessen.

Milities

Modaliteit is een ander woord voor “manier, wijze” (Latijn: modus) en wordt in deze zeer uiteenlopende betekenissen gebruikt:

  • in de muziektheorie: het gebruik van toonladders en die toonladders zelf.
  • in de logica: een voorstellingswijze van de werkelijkheid: is iets mogelijk? is iets noodzakelijk?
  • in de taalkunde: het uitdrukken van zo een voorstellingswijze met een hulpwerkwoord.
  • een groepering binnen de Nederlands Hervormde Kerk of de Protestantse Kerk in Nederland.
  • een vervoerwijze, bijvoorbeeld auto, trein, fiets, lopen, schip, vliegtuig of pijpleiding.
Mixtilineaire

Verwijst naar de geometrische figuur met rechte en gebogen zijden.

Mobiele Kunst

In de Spaanse archeologie spreekt men wel eens van Arte Mueble, waarmee men prehistorische kunst bedoeld die qua gewicht en grote door één man gedragen kan worden. In Spaanse verhalen vertaal ik dit Arte Mueble tot Mobiele Kunst.

Monastiek

1) Het kloosterleven betreffend 2) Het kloosterleven betreffende 3) Kloosterleven 4) Menselijk gedrag 5) Monachaal

Monoftong

Uit de woordenlijst van de uitspraak; (ook eenklank) een enkele klinker, die lang of kort kan zijn. De i, e, a, o, u en ?? zijn korte monoftongen. De ee, aa, oo, uu, eu en ?? zijn lange monoftongen. De ie en oe zijn in oorsprong lange monoftongen, die in het AN verkort zijn behalve wanneer ze voor een r staan (bv. biet – bier – boek – boer).

Monografie

Verhandeling over een enkel onderdeel van een wetenschap of over een bepaald feit of een bepaald figuur.

Monotheïstisch

Gelovend in één god.

Morfologie

Studie van vorm en structuur.
Morfologie kan ook zijn, de leer van de woordvorming, d.w.z. van de wijze waarop in een taal door afleiding en samenstelling woorden worden gevormd, alsook de leer van de verbuigings- en vervoegingsvormen van een taal.

Morisken

De morisken (Spaans: Moriscos = Moren) is de aanduiding van de Moren die na de inneming van Granada in 1492 niet uitweken en (in schijn) christen werden.

Mozaraben

Mozaraben is de benaming voor de christenen die leefden onder moslim-dominantie tijdens de Moorse bezetting van het Iberisch schiereiland, het tegenwoordige Spanje en Portugal, vanaf 711.

Mycologie

Kennis over schimmels, zwammen en paddenstoelen

Narratief

Op de manier van een verhaal, met een begin, midden en einde.
1) Verhalend 2) Vertellend

Necropolis

Het woord necropolis wordt vooral gebruikt voor begraafplaatsen vlak bij het centrum in oude beschavingen, zo had elke Romeinse stad een necropolis buiten haar muren liggen.

Neolithisch

Verwijst naar de laatste fase in de ontwikkeling van een menselijke cultuur tijdens het stenen tijdperk. De fase kenmerkt zich door het hoogwaardige stenen gereedschap dat werd vervaardigd door middel van polijsten en malen, de wijdverbreide domesticatie van dieren en planten, de vestiging in permanente nederzettingen en de introductie van aardewerk en geweven stof. Neolithische culturen ontstonden voor het eerst tijdens het Holoceen, ongeveer 9.000 v. Chr., en hielden in bepaalde afgelegen gebieden van de wereld stand tot in de 19de eeuw. De artistieke voorwerpen zijn houten en stenen huizen, religieuze monumenten, forten en fortificaties, houtsnijwerk, schilderingen, textiel en aardewerk.

Neolithicum

Het neolithicum of de jonge of nieuwe steentijd is een prehistorische periode die ca. 11.000 v.Chr. begon, en duurde tot de bronstijd. Deze periode wordt gekenmerkt door technische en sociale veranderingen. Deze kwamen voort uit de overgang van een samenleving van jager-verzamelaars met een rondtrekkend bestaan naar een samenleving van mensen die in nederzettingen woonden (sedentarisme) en aan landbouw en veeteelt deden. Zij legden voorraden aan voor slechte tijden. Men spreekt ook wel van de neolithische revolutie.

Meer over het Neolithicum, lees Wikipedia

Neologisme

Woord dat, of uitdrukking die, in een bepaalde taal nog niet eerder bestond. Een taalnieuwigheid. Afgeleid van het Griekse neô (nieuw) en lôgôs (woord). Denk aan woorden als ‘vliegenier’ of ‘googelen’.

Niëllo

Niëllo is een legering van zilver, koper en zwavel en soms lood met een diepzwarte kleur. Het begrip kan ook verruimd worden en dan doelen op een voorwerp gedecoreerd met niëllo. Het woord komt van het Latijnse nigellus: zwartachtig. Het gebruik van niëllo was al in het Oude Egypte bekend. Het wordt gebruikt om zilveren voorwerpen te decoreren. In een zilveren oppervlak wordt een decoratie gegraveerd waarvan de lijnen worden geaccentueerd door ze te vullen met niëllo. Hiervoor worden de ingrediënten samengesmolten, waarbij zilversulfaat wordt gevormd dat voor de zwarte kleur zorgt. Na afkoeling wordt de legering verpulverd en het poeder aangebracht op het zilveren oppervlak dat eerst met water en wat borax bevochtigd is. Aangezien het smeltpunt van de legering veel lager ligt dan dat van zilver kan de niëllo eenvoudig op het oppervlak worden gesmolten. Hierna wordt het geheel geschuurd waardoor de niëllo alleen in de graveringen achterblijft. Dan kan het geheel gepolijst worden. Het grote verschil met email is dat niëllo metaaleigenschappen, zoals plooibaarheid, heeft en email in feite glas is en dus breekbaar.

Nomenclatuur

Nomenclatuur betekent in het algemeen: naamgeving. Onder wetenschappelijke nomenclatuur verstaat men het op systematische wijze benoemen van allerlei zaken. Zo worden eenduidige namen gegeven aan planten, dieren, chemische stoffen, etc.

Nominaal

De naam betreffende, naamwoordelijk.

Numismatiek

Numismatiek is de studie van munten of penningen.

1) Beoefening van de penningkunde 2) Leer van de munten 3) Munt- en penningkunde 4) Muntkunde 5) Penningkunde 6) Wetenschap der munten 7) Wetenschap van de munten

Wilt u meer weten over Numismatiek: Zie Wikipedia

Nuptialiteit

Dit begrip betreft huwelijkssluiting en huwelijks- ontbinding. Het gaat hierbij m.n. om de mate waarin beide voorkomen en wat de kenmerken zijn van de (ex) huwelijkspartners.
Aantal huwelijken per 1000 inwoners.

Oenologie

Wetenschap die zich bezighoudt met de studie van de bereiding en de bewaring van wijn, vooral in biochemisch opzicht.

Zie verder: Wikipedia

Officium

Officium is een politiek-juridische term die door de Romeinen werd gebruikt om de groep mensen aan te duiden die aan een magistraat, gouverneur, administrateur of generaal was toegewezen om zijn functie naar behoren uit te oefenen.

Aangezien Rome nooit een bureaucratisch-administratief apparaat heeft gehad dat vergelijkbaar was met dat van hedendaagse staten, was het officium van de verschillende politieke en administratieve ambten altijd zeer klein, en een deel ervan bestond, volgens een traditie die begon onder de Republiek, uit persoonlijke vrienden van de persoon die het ambt bekleedde, bestond uit persoonlijke vrienden van degene die het ambt bekleedde – Cohors amicorum – en uit leden van zijn eigen familie, slaven, vrijgelatenen en klanten, zodat verwarring tussen de privé-sfeer en de openbare sfeer gebruikelijk was, van de nederigste magistraat van een kleine provinciestad tot de keizer zelf.

De ambten binnen het officium die uit de openbare financiën werden betaald, waren gering en werden gereduceerd tot enkele klerken – scribae – en stadsomroepers – praecones – en vaak, vooral in de administratieve ambten van het keizerlijk bestuur, zoals gouverneurs van provincies of financiële procuratoren, werden zij aangevuld door soldaten van de in de demarcatie of in aangrenzende gebieden gelegerde eenheden, met name uit de legioenen, die begeleiders en politieagenten – Beneficiarii consularis – en gespecialiseerde bureaucraten leverden.

Pas tijdens het Late Keizerrijk nam het bureaucratische apparaat van de Romeinse staat toe met de instelling van talrijke ambten, zoals vermeld in de Notitia Dignitatum, zij het met zeer beperkte doeltreffendheid.

Oligarchie

Regering van slechts weinig personen die behoren tot de bevoorrechte klasse.
Regeringsvorm waarbij een kleine groep de macht uitoefent en deelname van anderen uitsluit.

Oneirisch

Dromerig.

Onomastiek

Onomastiek of naamkunde is de studie die de betekenis, de oorsprong en de verspreiding van namen onderzoekt en wordt gezien als een onderdeel van de taalkunde.

Oppidum

Een oppidum (Latijn: oppidum (mv.: oppida): verhoogde plaats, versterking) is een hoger gelegen plaats (meestal op een heuvel of plateau gelegen) waarvan de natuurlijke verdediging versterkt is door de mens ten tijde van de Kelten.

Opportunistisch

Als je je handelingen laat bepalen door dat waar je het meeste voordeel uit haalt. Gedrag waar je het meeste voordeel uit haalt.

Oratorium

1) Bidplaats 2) Bidvertrek 3) Bidvertrek met altaar 4) Bidvertrek met een altaar 5) Bijbels muziekdrama 6) Bijbels muzikaal drama 7) De oratorianen 8) Dramatisch toonstuk 9) Episch dramatische compositie 10) Episch lyrische compositie 11) Episch muziekstuk 12) Episch-dramatische compositie 13) Gebedslokaal 14) Gebedsruimte 15) Kleine kapel

Organisch gesteente 

Organische gesteenten zijn sedimentgesteenten die zijn gevormd uit afzettingen van voornamelijk organische oorsprong, d.w.z. de overblijfselen van levende organismen. Typische organische gesteenten zijn krijt, steenkool, koraal, olie en turf.

Een bijzonder geval is kalksteen, een gesteente dat kan ontstaan door chemische neerslag, maar dat meestal het product is van de werking van levende organismen. Calciumcarbonaat maakt deel uit van het biologisch materiaal van de meeste levende wezens. Het vormt hun harde delen. De fossilisatie van de resten van deze levende wezens vormt kalksteen. Onlangs is het belang van de eencellige alg Emiliania huxleyi bij de koolstofsynthese aangetoond, waaruit blijkt hoe CO2 uit de atmosfeer in levende wezens wordt vastgelegd; en hoe het leven een beslissende rol heeft gespeeld bij de vorming van de atmosfeer en het reliëf van de aarde.

Organieke wet

In Frankrijk en Spanje wordt de term ‘organieke wet’ gebruikt voor een aparte wetgevingscategorie tussen de grondwet en de gewone wet in. De grondwet wijst aan welke aangelegenheden bij organieke wet moeten worden geregeld. Organieke wetten worden op een afwijkende wijze vastgesteld. Zo moeten ze in Spanje op grond van art. 81 van de Grondwet door het Congres van Afgevaardigden met een absolute meerderheid worden goedgekeurd.
…Wetten die betrekking hebben op de organisatie van de staat en waarvan de basis in de Grondwet is geregeld.

Ornithologie

1) Kennis van vogels 2) Leer van de vogels 3) Studie van de vogels 4) Vogelkunde 5) Wetenschap omtrent de vogels

Orogeen

Geplooid gebied van de aardkorst. Plooiingsgebied

Orogenese

Gebergtevorming, ontwikkeling van een gebergte.

Orografie

Reliëf van het landschap. De orografie is soms van grote invloed op een lokaal weerbeeld, met name voor wat betreft wind, bewolking en neerslag. In een grootschaliger verband is de orografie van de aardbol, beter gezegd de ligging van de grote bergketens, mede verantwoordelijk voor de patronen in de wereldomvattende luchtcirculaties. Maar ook lokaal kan het reliëf de weersomstandigheden sterk beïnvloeden.

Orologie

1) Gebergtekunde 2) Gebergteleer 3) Leer van de gebergte 4) Leer van de gebergten 5) Leer van het gebergte 6) Vergelijkende gebergteleer

Oromediterrane

Oromediterrane , bioklimatologische bodem die kan worden gevonden in elk gebied van het mediterrane klimaat, gelegen tussen het supramediterrane beneden en het cryo-mediterrane boven.

Afhankelijk van de breedtegraad en andere factoren, is de hoogte waarop het wordt gevonden variabel, hoewel het in alle gevallen een bergklimaat is , met frequente vorst in de winter en hoge temperaturen in de zomer. De vegetatie wordt typisch gekenmerkt door bossen van coniferen.

Orthografie

De kunst om woorden op de juiste wijze te schrijven.

Orthostaten

Rechtop staande, stenen plaat, tussen fundering en muur, die dient als sokkel voor de daarop te bouwen muur.

Oscillatie

(natuurkunde) Het rond een vast punt heen en weer gaan van massa of energie.  Voorbeeld: `Er is niet veel energie voor nodig om een vrij bewegende slinger in een toestand van oscillatie te houden.

Beving, slingering, schommeling, trilling.

Osmose

Osmose is een proces op basis van diffusie waarbij een vloeistof, waarin stoffen zijn opgelost, door een zogenaamd halfdoorlatend membraan (een semipermeabele wand) stroomt, dat wel de vloeistof doorlaat maar niet de opgeloste stoffen.

Ostentatief

1) Aandachttrekkend 2) Demonstratief 3) In het oog lopend 4) Met opzettelijk vertoon 5) Met veel uiterlijk vertoon 6) Onbetwistbaar 7) Op een in het oog lopende wijze 8) Op in het oog lopende wijze 9) Opzettelijk opzienverwekkend 10) Opzettelijk vertoon 11) Opzienbarend 12) Praalziek 13) Praalzuchtig

Ottomaanse rijk

Het Ottomaanse of Osmaanse Rijk was een islamitisch rijk dat gesticht werd door Osman I, de stamvader van de Ottomaanse dynastie en naamgever van dit rijk.

Pacificeren

Rust en vrede brengen. Vrede herstellen.

Pactisme

(politiek, sociologie) Neiging om bepaalde politieke of sociale situaties op te lossen door middel van een compromis of pact.

Palatale

Gehemelteletter (uitspraak).

Palatalisatie

Palatalisatie of palatalisering – in iets algemenere zin ook wel verzachting of mouillering genoemd – is een klankverschuiving waarbij de articulatie van een medeklinker – meestal onder invloed van een naburige klank – verschuift in de richting van het harde verhemelte, het palatum. Door het meer vooraan in de mond uitspreken van een klinker (bijvoorbeeld een -a- wordt dan bv. een -ae-).

Palatijn

1) Ambtenaar 2) Een van de zeven heuvelen van rome 3) Één van de zeven heuvels in Rome 4) Een van de zeven heuvels van rome 5) Heuvel in rome 6) Paltsgraaf

Palimpsest

Kan verwijzen naar:

    • Palimpsest (manuscript), een hergebruikt stuk perkament
    • Palimpsest (planetologie), het restant van een inslagkrater op een hemellichaam
    • Palimpsest (compositie), suite voor strijkseptet van Simeon ten Holt (1993)
    • Palimpsest (boek), de titel van een boek van H.D. (Hilda Doolittle)
    • Palimpsest (archeologie), een vindplaats waar in meerdere perioden bewoners dezelfde bodemlaag gebruikten, waardoor de sporen stratigrafisch door elkaar lopen.
Paleobotanie

Paleobotanie is de wetenschap die onderzoek doet naar fossiele planten. De naam is afgeleid vanuit het Grieks Palaios = “uit vroeger tijden” gecombineerd met “botanie” = plantkunde.

Voor meer: zie Wikipedia

Paleolithicum

Het paleolithicum (van het Oudgrieks: παλαιός, palaios = oud, λίθος, lithos = steen) of de oude steentijd is de oudste periode in de voorgeschiedenis van de mens en zijn materiële cultuur.

Zie Wikipedia

Paleolithische kunst

Paleolithische kunst is de kunst van de oude steentijd of paleolithicum.

Zie Wikipedia

Paleozoölogie

Paleozoölogie is een subdiscipline van de paleontologie die fossiele overblijfselen van dieren bestudeert. Het onderzoek richt zich onder andere op morfologie, vergelijkende anatomie, evolutie, structuur, samenstelling en ontwikkeling van populaties, ecologische betekenis van soorten en populaties (paleo-ecologie), biostratigrafie, etc. Paleozoölogie kent vele specialisaties die meestal verdeeld zijn langs de lijnen van de verschillende diergroepen. Belangrijke specialisaties zijn mollusken, zoogdieren en foraminiferen. Hoewel onderzoek aan spectaculaire vondsten van fossiele vogels, dinosauriërs en hominiden vaak veel aandacht krijgt in de pers, wordt het meeste paleozoölogisch onderzoek verricht aan ongewervelden en eencelligen.

Paradigma

Met een paradigma wordt in het algemeen een zienswijze bedoeld. Meer in het bijzonder wordt deze term gebruikt voor:

    • Paradigma (wetenschapsfilosofie), een samenhangend stelsel van modellen en theorieën
    • Paradigma (taalkunde), een groep in zeker opzicht gelijksoortige taalkundige vormen
    • Programmeerparadigma, een programmeerstijl in de informatica
    • Experimenteel paradigma, een in de gedragswetenschappen toegepaste empirische methode

In de wetenschapsfilosofie duidt paradigma op het stelsel van modellen en theorieën dat, binnen een gegeven wetenschappelijke discipline, het denkkader vormt van waaruit de werkelijkheid geanalyseerd en beschreven wordt. Langer bestaande paradigma’s worden vaak niet meer bewust beleefd. Onderwijs maakt een paradigma vanzelfsprekend. Zie: https://nl.wikipedia.org/wiki/Paradigma_(wetenschapsfilosofie)

In de taalkunde is paradigma de benaming voor een groep verschijningsvormen van een of enkele woorden, die tot op zekere hoogte als alternatieven voor elkaar kunnen worden beschouwd. Zulke taalvormen staan tot elkaar in “paradigmatische relatie”, hetgeen wil zeggen dat in een bepaalde context steeds één van de vormen wordt gekozen. De keuze kan dwingend zijn opgelegd door het taalverband, wat in het bijzonder geldt voor synthetische talen. De keuze kan ook min of meer vrij zijn.
Eén woord kan soms meerdere vormen aannemen, en de mate waarin dit mogelijk is, is afhankelijk van het soort woord in kwestie, maar vooral ook van de taal waarin dat woord voorkomt. Talen als Latijn en Grieks kennen vele vormen voor hetzelfde woord: een werkwoord met vele vervoegingen, een zelfstandig naamwoord of bijvoeglijk naamwoord met veel verbuigingen.

1) Model 2) Modelwoord 3) Schema 4) Schema van verbuiging of vervoeging 5) Schema van vervoeging 6) Taalkundige term 7) Voorbarig 8) Voorbeeld

Paria’s

De paria’s, tijden de Spaanse Middeleeuwen, waren een vorm van eerbetoon, betaald door de taifa’s van al-Andalus aan de christelijke koninkrijken van het noorden.

Particularisme

De strijd van standen, steden en gewesten voor het behoud van hun privileges en tegen de politiek van uniformering en centralisatie van de koning of hertog.

Is het bevorderen van het eigen belang boven, en zo nodig ten koste van, de belangen van anderen. Het is de exclusieve wijding aan de eigen groep of de eigen interesse. Het begrip legt de nadruk op de eigen ideologie, de eigen staat en de eigen cultuur. Particularisme en cliëntelisme waren in West-Europa schering en inslag tot de tijd van de invoering van het algemeen kiesrecht.

Passaatwind

De passaatwind is de overheersende wind in de tropen. Op het noordelijk halfrond waait de passaatwind uit het noordoosten; op het zuidelijk halfrond uit het zuidoosten. De naam is afgeleid van het Spaanse woord voor overtocht en verwijst naar de tijd van de zeilscheepvaart.

Patriciër

Patriciër of Patricius in het Latijn is oorspronkelijk de naam voor de leden van enkele Romeinse geslachten. Men geloofde in het begin van de stichting dat de patriciërs de Romeinen waren die afstamden van Romulus, de legendarische stichter van het Romeinse Rijk; het hoofd (pater of vader) van zo’n familie was lid van de Senaat. Patriciërs waren met andere woorden dus leden van de Romeinse adel, en die betekenis heeft het woord de dag van vandaag nog in vele landen. Lijnrecht tegenover de patriciërs staan de plebejers of het plebs. De benaming voor het geheel van alle patricische families tezamen is het patriciaat.
Andere, meer hedendaagse, betekenissen voor patriciër zijn: Burger met aanzien, adellijke burger, welgestelde inwoner.

Patrimoniaal

Tot het vaderlijk erfdeel behorend, van de ouders geërfd of meegekregen.

Patrimonium

Het woord patrimonium betekent eigenlijk “vaderlijk erfdeel”. Soms wordt dit echter gehanteerd in de zin van “vaderlands erfgoed”. Hier is het vaak het cultureel erfgoed van een land, streek, of stad

Peerage

Peerage is een systeem van adellijke titels, gebruikt in Groot-Brittannië. De naam peerage wordt algemeen gebruikt als verzamelnaam voor alle adellijke titels, een drager van een adellijke titel wordt daarom ook gezien als “peer”.

Peniplanización

Peniplanización, ik weet niet wat de Nederlandse vertaling van dit Spaanse woord is. Wel weet ik wat de betekenis is.
Het is een fenomeen dat zich voordoet als gevolg van de interactie van verschillende geomorfologische processen en in bepaalde klimatologische en fyto-topografische omstandigheden (coating van de grond door de vegetatie), dat leidt tot de algemene vernietiging van het reliëf, dat een golvend erossieoppervlak vormt met lichte hellingen.

Perceptie

Zoals iemand iets ervaart en beoordeelt.
1) Apperceptie 2) Beleving 3) Heffing 4) Inning 5) Inzameling 6) Inzicht 7) Observatie 8) Ontvangst 9) Voorstelling 10) Waarneming 11) Waarneming in de geest 12) Waarnemingsvermogen

De individuele, subjectieve ervaring van de werkelijk. B.v.: de aantrekkings- en afstotingsfactoren worden door iedereen verschillend beoordeeld- ervaren. De perceptie wordt mede bepaald door milieu, opvoeding, leeftijd, geslacht, opleiding.

Periferie

Buitenkant, buitenrand, buitenomtrek, buitenkant van een stad, cirkelomtrek, deel van een cirkel, omgeving. omtrek, randgebied, rand, uiterste rand.

Perigrinus

Peregrini (mv). Peregrinus was een term die in het Romeinse Rijk van 30 v. Chr. tot 212 werd gebruikt om een vrije provinciale onderdaan in het Rijk aan te duiden, die echter geen Romeins burger was. Met het Edict van Caracalla in 212 werden peregrinos ook normale burgers.

Periodisering

Periodisering is een manier om de geschiedenis en de archeologie in te delen. Vanwege de enorme omvang van het beschikbare bronnenmateriaal is zonder ordening het bestuderen van beide wetenschappen in hun totaliteit onmogelijk. Elke historicus of archeoloog is genoodzaakt een periodisering aan te brengen door in het materiaal – en daarmee in de weergave van de geschiedenis – een onderverdeling te maken op basis van gemeenschappelijke kenmerken. Deze ordening kan chronologisch, thematisch of een combinatie van beide aspecten zijn.

Voor meer info ga naar: Periodisering

Persistentie

1) Aanhouden (het) 2) Blijven aandringen 3) Doorzettingsvermogen 4) Het aanhouden 5) Volharding
Verwijst ook naar de tijd dat een stof in het milieu blijft, nadat deze daar is ingevoerd.

Pidgin

Een pidgintaal is een (meestal simpele) taal die ontstaat wanneer mensen met verschillende talen samenkomen en die elementen van beide talen bevat.

Planisfeer

Ronde of ovale voorstelling van de aarde in een plat vlak.
Kaart die de aardse of hemelse bol weergeeft.

Plebejer

Plebejer (Lat. plebs: volk, menigte) in de Romeinse maatschappij was een gewoon burger, niet-patriciër, veelal boeren en vaklieden die, in tegenstelling tot de proletariërs (capite censi), grond bezaten. Plebejers hadden burgerrechten en werden door het Romeinse recht beschermd. De animositeit tussen plebejers en patriciërs is een terugkerend thema in de geschiedenis van de Romeinse Republiek.

Plenair

Waar iedereen bij is; voltallig, compleet, volledig.

Plosief

Een plosief of occlusief, ook wel plofklank genoemd, is een medeklinker die gekenmerkt wordt door een belangrijke graad van obstructie. De plosieven behoren tot de ruimere klankencategorie van de obstruenten en stopklanken. Spraakklanken worden gevormd doordat lucht via mond- of neusholte het lichaam verlaat.

Pluvio-nivale

Het is een hydrologisch regime met een overheersende trend van neerslag (regen) aangevuld met sneeuwval. Het wordt gekenmerkt door:  een periode van hoogwater in de herfst-winter, gekoppeld aan de neerslag;  vervolgens een stroming die sterker wordt in het voorjaar wanneer de sneeuw smelt.

Nivo-pluviaal

Het is gebaseerd op sneeuwval en regenval, met een overwicht van de eerste.

Podomorfe

Podomorfen, ook podomorfe gravures of petroglyfen genoemd, zijn inscripties (meestal op rotsen) in de vorm van een voet, of twee of meer voeten, die samengevoegd zijn.

Op het Iberisch schiereiland zijn zij kenmerkend voor de oude culturen van Galicië en Portugal, en in het bijzonder voor de Keltische cultuur. In Portugal hebben ze meestal een ronde vorm, al dan niet gesegmenteerd, en komen ze meestal voor in de buurt van waterlopen. Hun precieze betekenis is nog voor verschillende interpretaties vatbaar.

Podomorfen zijn ook typerend voor de inheemse cultuur van de Canarische Eilanden, verwant aan die van de Berbercultuur van Noord-Afrika. Het grootste aantal is te vinden op de berg van Tindaya (Fuerteventura), met 312 gecatalogiseerde gravures, hoewel ze ook op andere eilanden in verschillende vormen zijn aangetroffen. Van de sites op de andere eilanden springt de Piedra del Majo op Lanzarote eruit. Auteurs als José Carlos Cabrera Pérez interpreteren gravures van andere eilanden als podomorfen, waaronder die van de vindplaatsen El Julan op El Hierro, Barranco de Balos op Gran Canaria en El Roque de Bento en El Roquito op Tenerife.

De best geïdentificeerde Canarische podomorfen zijn vierhoekig van vorm met afzonderlijke strepen om de tenen voor te stellen, hoewel bepaalde ovaalvormige gravures met of zonder digitaties ook tot deze categorie worden gerekend. De streken binnen de omtrek van de gravure zouden een schematische manier kunnen zijn om schoeisel voor te stellen.

Zie Wikipedia

Polychroom

In verschillende kleuren, bont, kleurrijk, veel.kleurig

Polychromie

Polychromie is een term die in de kunst wordt gebruikt om het gebruik van schilderingen in veel kleuren aan te geven, in het bijzonder van beelden en bouwwerken. Het woord is afkomstig van de Griekse woorden poli (veel) en chromos (kleur).

Zie voor meer: https://nl.wikipedia.org/wiki/Polychromie

Polytheïsme

Het polytheïsme is het geloof in meerdere goden. Dit is het tegenovergestelde van monotheisme (het geloof in één God). Het polytheïsme zie je bijvoorbeeld in het Hindoeisme in India, waar meerdere goden worden aanbeden. Dien de goden goed en je gaat naar het paradijs. Ook de oude Egyptenaren geloofden in meerdere goden.

Portorium

Portorium (mv. portoria) was in het Romeinse Rijk de algemene verzamelnaam voor alle soorten van tol, in-, uit- en doorvoerrechten.

Portoria werden geheven, als vorm van bijdragen aan de openbare financiën, van personen en zaken die van een bepaalde weg, brug, veer, poort, etc. gebruik wilden maken, of die een bepaalde grens overschreden, hetzij de rijksgrens, hetzij de grenzen van een stadsgebied, van een provincie of van een groep van tot één tolstelsel verenigde provincies of gebiedsdelen.

Positivisme

Het positivisme is de opvatting dat alleen de empirische wetenschappen geldige kennis opleveren. Kennis kan dus enkel verworven worden door het correct toepassen van de wetenschappelijke methode en hierdoor wordt elke klassieke vorm van metafysica en andere kennisgronden verworpen: kennis is alleen mogelijk aangaande de wereld der verschijnselen.

Potentaat

Autoritair persoon;  Bazig type;  Bazige type;  Dictator;   Dwingeland;   Gekroond hoofd;  Gezaghebber;  Heerschap;  Heerszuchtig iemand;  Machthebber;  Sterk verlangen;  Tiran;  Vorst;  Willekeurig heerser

Potentieel

1) Als mogelijkheid bestaande 2) Beschikbaar vermogen 3) Eventueel 4) In aanleg 5) In aanleg aanwezig 6) Kracht 7) Latent 8) Mogelijk 9) Mogelijk afzetgebied 10) Vermogen 11) Verschrikkelijk 12) Virtualiter

Praetor

Een praetor (tegenwoordig ook gespeld als pretor) was een belangrijk magistraat in het Romeinse Koninkrijk en in de Romeinse Republiek. De naam praetor kan letterlijk vertaald worden als “voorganger” en heeft mogelijk een militaire oorsprong. Praetores waren geen beroepsrechters, maar duidden een iudex of rechter aan, die de rechtszaak behandelde.

Pragmatisch

Praktisch, nuttig en bruikbaar.
1) Algemeen nuttig 2) Didactisch 3) Feitelijk 4) Leerrijke oplossing gevend 5) Nuttig 6) Handelend optreden

Preambule

Inleiding van een verdrag. Hierin worden veelal de doelstelling en overwegingen van de akte beschreven.

Precedent

Een precedent is een voorval waarop men zich kan beroepen als een nieuw dergelijk geval zich voordoet om er hetzelfde gevolg aan te geven.
Om geen precedent te scheppen kan men, wanneer dat gevaar bestaat, een akte of brief laten opstellen waarin de begunstigde erkent dat het verkregen voorrecht een eenmalige toegeving is die tot niets verplicht.

Prefect

Het hoofd van een departement.

Prefecturen

Gebieden onder het bestuurlijk gezag van een prefect.

Prelaat

Titel die verleend wordt aan een bisschop of priester met bijzondere bestuursmacht.

Prerogatieven

Voorrechten die aan bepaalde personen toekomen op basis van hun functie, hoedanigheid of status.

Presbyter

Ouderling, priester.
In de Spaanstalige katholieke kerk wordt het veel gebruikt als ‘paters’ ).

Pretendent

Aanspraakmaker; Aanzoeker; Dinger; Eiser ; Iemand die aanspraak maakt; Iemand die ergens een beroep op doet; Iemand die op iets aanspraak maakt; Infante;  Kandidaat voor huwelijk ; Kroonprins; Kroonprinses; Man die de troon claimt; Minnaar; Opvolger; Pretendente; Prins ; Succeseur ; Troonopvolger

Primaat

Voorrecht om iets als eerste te mogen doen; voorrecht om met uitsluiting van anderen iets te mogen doen of na te laten.
Iets wat op de eerste plaats komt of wat de eerste plaats inneemt.

Primaire sector

De belangrijkste activiteiten van de primaire sector zijn: landbouw, veeteelt, bosbouw, de bijenteelt, aquacultuur, jacht, visserij, houtkap en mijnbouw, zoals zoutwinning, olie- en gaswinning. Meestal worden de primaire producten, gebruikt als grondstof voor de industriële productie.

Primus pilus

Primus pilus (letterlijk “De Eerste Speerman”) was in het Romeinse leger de bevelhebbende centurio van het eerste cohort en de oudste centurio van het hele legioen.

Wanneer de Primus Pilus afzwaaide kreeg hij gegarandeerd toegang tot de klasse van Equites. Hij kreeg 60 keer het basissalaris. Zijn rang is vergelijkbaar met de moderne majoor, maar van de hoogste orde.

Priscillianisme

Het Priscillianisme was een beweging in de christelijke kerk, ontstaan in de 4e eeuw op het Iberisch Schiereiland, die door velen als een ketterij werd beschouwd. De naam van de stroming is afgeleid van Priscillianus van Ávila, een Spaans geestelijke en bisschop.

Proclamatie

1) Aankondiging 2) Afkondiging 3) Bekendmaking 4) Kennisgeving 5) Mededeling 6) Melding 7) Openbaarmaking 8) Openbare aankondiging 9) Openbare bekendmaking 10) Openlijke afkondiging 11) Openlijke bekendmaking 12) Publicatie 13) Verkondiging

Proconsul

In het Romeinse Rijk was een proconsul een magistraat die consul geweest was. De senaat benoemde deze ex-consuls vaak tot gouverneurs van een provincia. Deze proconsuls verrijkten zich vaak schaamteloos ten koste van de plaatselijke bevolking. Ze mochten ook legioenen aanvoeren, totdat Gaius Iulius Caesar Octavianus (Augustus) deze allemaal zelf cumuleerde en delegeerde aan legati Augusti pro praetore.

Procurator

Onder de Romeinse magistraturen was de procurator of procurator de naam die gegeven werd aan hen die een ambt bekleedden, dat gewoonlijk verband hield met financieel beheer. Van degenen die, zoals de procurator Augusti, bevoegd waren voor privé-aangelegenheden, ontwikkelde zij zich tot een steeds grotere macht, vergelijkbaar met die van de landvoogd.

De titel ontstond aan het einde van de Republiek en evolueerde in verschillende vormen tijdens het Empire.

Procureur

Iemand die in burgerlijke zaken de gedingvoerende partijen vertegenwoordigt zonder als raadsman op te treden.
Iemand die de aanklager in een rechtszaak vertegenwoordigt vb: de procureur eiste een hoge gevangenisstraf.

Proletariërs

Rechtsfilosofie: arbeidersklasse; arme bevolkingsgroep die afhankelijk is van diegenen die de productiemiddelen bezitten. Volgens het Marxisme strijdt het proletariaat tegen de klassemaatschappij.
Arbeider zonder eigen bezit uit de armste klasse van de samenleving.

Proletariaat

 Armste klasse van de samenleving van bezitloze arbeiders.

1) Arbeiders 2) Arbeidersklasse 3) Arbeidsklasse 4) Bezitloze klasse 5) Klasse van bezitloze arbeiders 6) Marxistisch begrip 7) Sociale groep 8) Vierde stand

Proletarisch

1. Als iets te maken heeft met de bezitloze arbeidersklasse. Voorbeeld: ‘de revolutionaire proletarische beweging’, proletarisch winkelen. 2. Het deel van de arbeidersklasse dat onderaan de sociale en economische ladder staat.

Promotor

Een promotor is een hoogleraar die de begeleiding verzorgt van een promovendus en diens proefschrift. Als begeleider wordt de promotor zelf ook vaak aangekeken op het werkstuk van zijn-haar leerling. Vaak wordt een deel van de begeleiding door een copromotor verzorgd.

Proost

Een proost (lat: praepositus) is een geestelijk leider van een rooms-katholieke instelling, tegenwoordig vooral in Vlaanderen maar in het verleden ook in Nederland

Proselitisme

Aanduiding voor opdringerige bekeringsijver.

Protagonist

Hoofdrolspeler, Hoofdpersoon (in boek, film e.d.), Held, Persoonsbenaming, Voorstander, Vertolker, Voorvechter.

Protectoraat

Een protectoraat is een staat of territorium, of een deel van een staat, waarover een andere staat gedeeltelijk het gezag voert. Meestal wordt dit geformuleerd als bescherming (protectie) tegen andere agressieve staten. Het kan ook zijn dat het protectoraat de eigen externe belangen (nog) niet zelf voldoende kan behartigen. Meestal heeft het land dat het protectoraat uitoefent bepaalde voordelen bij deze situatie, zoals exploitatierechten van bodemschatten, exclusief recht om handel te drijven met het protectoraat of er militaire steunpunten te vestigen. De interne zaken van het protectoraat worden gewoonlijk geregeld door de inheemse bestuurders en het ‘beschermende’ land beslist alleen over de buitenlandse zaken en betrekkingen.

Proterozoïcum

Het Proterozoïcum beslaat de tijdspanne van 2,5 miljard (Ga) tot ongeveer 541 miljoen jaar (Ma) geleden. Het is onderdeel van het Precambrium en wordt onderverdeeld in drie tijdperken: Neoproterozoïcum, Mesoproterozoïcum en Paleoproterozoïcum.

Protohistorisch

Verwijst naar de periode van het eerste begin van historische geschreven verslagen van een volk in een bepaald gebied.

Protonotarius

Lid van een geestelijk college te Rome.

Providentialisme

Providentialisme is het geloof dat God de ware protagonist en het onderwerp van de geschiedenis is. De mens is alleen zijn object, een instrument in de handen van God.

Qanat

Een qanat (Arabisch: قناة) of karez (Perzisch: كاريز) is een ondergronds aquaduct waarmee grondwater uit de bergen naar lagergelegen gebieden wordt getransporteerd. Een qanat wordt meestal gevoed door een aquifer, een grondwaterhoudende laag. Het verval, het hoogteverschil tussen bron en bestemming, zorgt ervoor dat de zwaartekracht het water naar de uitstroom geleidt.

Quartair

Het geologisch tijdperk Kwartair (in België: Quartair) is in de geologische tijdschaal de jongste periode en in de stratigrafische kolom het bovenste systeem. Het Kwartair beslaat de tijdspanne van 2,58 miljoen jaar geleden (Ma) tot heden en is de jongste, bovenste of laatste onderverdeling van de era Cenozoïcum. Het volgt op het Neogeen en is onderverdeeld in twee tijdvakken of series: het Pleistoceen en het Holoceen.

Zie verder: Wikipedia

Rationalisme

Denkrichting die meent dat men door het gebruik van de ratio (= het verstand) tot kennis van de waarheid kan komen, ook de religieuze waarheid.

1) Denkrichting 2) Denkrichting die alles aanvaardt wat met het verstand kan worden begrepen 3) Filosofisch stelsel 4) Filosofische stroming 5) Godsdienst van de rede 6) Heerschappij van de rede 7) Redegeloof 8) Redelijkheid

[architectuur] – Het rationalisme is een architectuurstroming. Zij gaat uit van het principe dat alle architecturale problemen rationeel zijn op te lossen.

Rectoraal

Van de rector.

Regia Curia

Een groep mensen die ‘het Hof’ vormen, over het algemeen zijn het koninklijke of edellieden. Zij vergezellen gewoonlijk de koning of een edelman, het is een regerend instrument met meer mogelijkheden dan het gerechtshof.  Dit Hof veelal voorgezeten door de koning of de onderkoning kan wetten maken of veranderen, of de koning vervangen bij afwezigheid.

Regicide

Een bewuste moord op een koning.

Regnum

De regeerperiode van een koning

Regulus

Het Latijnse woord heeft meerdere betekenissen, maar een daarvan is dat het een verkleinwoord is van rex, dit is koning; regulus betekend dus eigenlijk koninkje.

Rehabilitatie

1) Eerherstel 2) Herstel 3) Herstel in eer 4) Herstel in eer en goede naam 5) Herstel in vorige staat 6) Herstel van eer 7) Herstelling 8) Rechtsherstel 9) Renovatie 10) Waardeherstel

Rehabiliteren

Te gebruiken voor mensen als herstel van lichamelijke of geestelijke gezondheid of een goede reputatie. Wordt ook gebruikt voor het terugbrengen naar een goede staat van verslechterde voorwerpen, gebouwen, buurten of openbare voorzieningen; dit kan reparatie, renovatie, verbouwing, uitbreiding, vernieuwing of herbouwing inhouden.

Relevantie

1) Belang 2) Betekenis 3) Bruikbaarheid 4) Gewicht

Renegaat

Afvallig.

Resonantie

Resonantie is de eigenschap dat bij bepaalde frequenties de afhankelijke grootheid sterk toeneemt (opslingert) bij gelijkblijvende sturende grootheid. Een ander kenmerk is dat een constructie nog even naklinkt terwijl de bron als verwijderd is. Dit naklinken kan zowel akoestisch als elektrisch.

1) Echo 2) Emotionele meebeleving 3) Galm 4) Geluidsweerkaatsing 5) Het meeklinken van de toon 6) Het meetrillen 7) Klankweerkaatsing 8) Meetrilling 9) Muziekterm 10) Nagalm 11) Naklank 12) Ontvankelijkheid 13) Respons 14) Weergalm 15) Weerkaatsing 16) Weerkaatsing van het geluid 17) Weerklank

Reticulair

Netvormig.

Retrospectie
  • Zich achteraf rekenschap geven van de psychische toestand waarin men tijdens een vroegere periode heeft verkeerd, met name van de processen die zich tijdens die periode rondom het zelf voltrokken hebben en van de gedachten en gevoelens die men daarbij had. (psychologie, sociologie)
  • Terugblik
  • Een onderzoek waarbij personen achteraf onderzocht worden en eventueel gevraagd terug te blikken op hun ervaringen.
  • terugverwijzing. Stijlmiddel waarbij de chronologie (min of meer) doorbroken wordt, door terug te verwijzen naar de dingen die al eerder hebben plaatsgevonden. Een van de drie handelingsaspecten waarvan toneelschrijvers gebruik maken.
Residu,residueel

Overblijfsel, achterblijvend.

Revitaliseren

Opnieuw leven inblazen, opknappen. Revitaliseren van objecten is in de regel een lichtere vorm van herstructureren.

Rigide

Rigide betekent streng of strak als het gaat om regels. Een persoon die rigide handelt, is iemand die star of stug is. Het woord is afgeleid van het Latijnse rigidus, wat stijf betekent. De toepassing van het woord komt vaak voor als het over wetgeving en regels gaat.

Rigiditeit

1) Gestrengheid 2) Hardheid 3) Onverbiddelijkheid 4) Starheid 5) Stijfheid 6) Strakheid 7) Onbuigzaamheid

Rudimentair

1) Grofweg 2) In beginsel aanwezig 3) Niet meer tot ontwikkeling komend 4) Niet tot ontwikkeling gekomen 5) Onontwikkeld 6) Onvolkomen ontwikkeld.
Het begrip rudimentair betekent algemeen gezien dat iets niet langer tot ontwikkeling komt, of weinig tot ontwikkeling is gekomen. Het wordt dus gebruikt om een overblijfsel aan te duiden en niet om een eerste aanleg (basis) aan te duiden.

Ruraal

Landelijk, plattelands, rustiek, met betrekking tot het platteland.

Saliniteit

Saliniteit (Latijn: salinitas, van sal, zout)) is het zoutgehalte van het water in een meer, zee, oceaan of in een bodem.

Voor meer info zie Wikipedia: Saliniteit

Scenografie

Scenografie is het ontwerpen van en beslissen over alle onderdelen van een toneelproductie die de scène maken tot wat ze moet zijn om de correcte sfeer van de voorstelling te bewerkstelligen, dit alles in overleg met de regisseur. De scenografie is het vak van de theatervormgever.

Ontwerp en keuze van rekwisieten, kostumering, decorontwerp, belichting en achtergrondgeluid behoren tot de uitgebreide verantwoordelijkheden van de scenograaf.

Schede (van een vlag)

Zoom van een vlag (of een zeil) waardoor de draad door de schede van een vlag gaat.

Schildhouders
De twee pilaren zijn hier de schildhouders.

Dit zijn de sculpturen (figuren) die aan de zijkant van emblemen of schilden staan opgesteld, of het zijn architecturale delen van gebouwen zoals aan de zijkant van deuren of ramen, maar ook in graven.

Schismatiek

Scheuring makend, scheurmakend

Scholasticus

Letterlijk schoolmeester; beoefenaar van de scholastiek, een methode om op een systematische (vandaar schoolse) wijze de leer van Aristoteles in overeenstemming te brengen met het christelijk geloof.

Scholastiek

Met scholastiek wordt in het algemeen de middeleeuwse filosofie bedoeld (die een sterk metafysisch karakter had) en specifiek de onderwijsmethode die in de 11e eeuw eeuw tot ontwikkeling kwam in de stedelijke scholen en verder uitgebouwd werd in de 12e en 13e eeuw aan de universiteit.

Sclerofiel

Sclerofiel is een vegetatietype die gekenmerkt woord door harde groenblijvende bladeren, korte internodia (de afstand tussen bladeren langs de stam) en bladeren die parallel of schuin georiënteerd staan op het zonlicht. Sclerofiele planten komen voor in delen van de wereld met een mediterraan of subtropisch klimaat met vochtige winters en droge zomers.

Voor meer, ga naar: Wikipedia

Secularisatie

Beschrijft het proces waarbij religie haar invloed op verscheidene sferen van het sociale leven verliest; verwereldlijking; afkalving religie.

Seculier

Niet geestelijk, Niet tot dieren behorend, Onkerkelijk, Seculair, Wereldheer, Wereldlijk.
Wereldlijk, niet tot een orde of congregatie behorend.

Secundaire sector

De secundaire sector is de industriële en nijverheidssector. Voorbeelden zijn autofabrieken, verffabrieken, bouwnijverheid etc.

Sedentair

Met een vaste verblijfplaats of standplaats. Staat in tegenstelling tot een nomadenbestaan.

Sedentarisme

Sedentarisme of sendentarisering (van sedere: zitten) is een levenswijze die wordt bepaald door het verblijf op dezelfde plaats. Dit in tegenstelling tot de nomadische levenswijze waarbij men rondtrekt. Een belangrijke golf van sedentarisme vond tijdens het neolithicum plaats. Tijdens deze neolithische revolutie ging men langzaam over van jagerssamenlevingen en horticulturele samenlevingen naar een agrarische samenleving.

Sediment

1) Afzetsel 2) Afzetting 3) Afzettingsgesteente 4) Bezinksel 5) Bodem 6) Depot 7) Droesem 8) Gesteente door afzetting in water ontstaan 9) Grondsop 10) Neerslag 11) Neerslag (med.) 12) Neerslag (medisch) 13) Overblijfsel 14) Precipitaat 15) Residu 16) Rest, overblijfsel 17) Sedimentair gesteente 18) Steenlaag

Afzetting van materiaal dat door wind, water of ijs getransporteerd is.

Sedimentatie

Sedimentatie, afzetting of accumulatie is het bezinken en ophopen van sedimenten, waarbij sedimentair gesteente ontstaat. In vlakke gebieden stromen rivieren trager. Het water wordt rustig en het meegenomen materiaal zakt naar de bodem. Ook wind en smeltend landijs leggen op een bepaald moment het meegenomen puin neer. Het zinken van verweringsmateriaal als de transportsnelheid van water, ijs of wind afneemt, heet sedimentatie. Meestal gebeurt dit door stromend water in zeeën of rivieren.

Voor meer info lees; Wikipedia

Sefardisch (Joden)

Joden wier voorouders in Spanje of Portugal leefden.

Semantiek

1) Wetenschap die zich bezighoudt met de betekenis van symbolen en in het bijzonder van taal. 2) Leer van de betekenis van woorden. 3) Tak van de taalkunde.

Semi-aride klimaat 

Een gebied met een warm en vrij droog klimaat.

Sensu Lato

Sensu lato (afgekort s.s.) is een Latijnse frase die in het algemeen “in brede zin ” betekent, en het tegengestelde van sensu stricto of stricto sensu (afgekort s.s.) is en “in strikte zin” betekent.

Sensu stricto

Sensu stricto of stricto sensu (afgekort s.s.) is een Latijnse frase die in het algemeen “in strikte zin” betekent, en het tegengestelde van sensu lato (“in brede zin”).

Sinistraal

Sinistraal, ook wel links-lateraal genoemd, is een tektonische beweging die vooral van belang is bij zijschuivingsbreuken. De naam is afgeleid van het Latijnse woord voor “links”; sinister. Bij een sinistrale zijschuiving vindt de beweging langs het breukvlak naar links plaats, gezien vanuit een persoon die staat op de andere kant van de breuk.

Slenk
Schematisch weergave van een Slenk.

Een geologische slenk (of ook wel graben genaamd) is een tektonische vallei ontstaan door twee ruwweg evenwijdige afschuivingsbreuken met een tegenovergestelde hellingsrichting. Als er omgekeerd tussen twee tegenoverliggende afschuivingen een ‘hoog’ ontstaat, spreekt men van een horst.
In een slenk komen vaak vulkanen en meren voor.

Zie Wikipedia.

Sociale geneeskunde

Is het vakgebied binnen de geneeskunde dat zich vooral bezighoudt met preventieve zorg.

Sociale stratificatie

Functioneel mechanisme om de taakverdeling binnen een slavernij het beste te verdelen.

Sociologie

De sociologie bestudeert mensen en hun gedrag in hun sociale omgeving, in relatie tot de heersende moraal en ethiek en in verband met politieke en filosofische gedragscodes.

Sociolinguïstiek

De sociale taalkunde, die de taal vooral beschouwt als een communicatiemiddel tussen mensen onderling en zich dus richt op het verband tussen taal, cultuur en maatschappij.

Sparchbund

Een sprachbund is een geografisch gebied waarin meer dan drie talen met gemeenschappelijke structurele kenmerken voorkomen. Een sprachbund ontstaat niet door toeval of door gemeenschappelijke herkomst, maar door taalcontact in sociale netwerken (handel,godsdienst, herhaaldelijke verhuizingen van een kleine groep binnen een gebied).

Stam

Een stam is in de antropologie een gemeenschap van mensen die groot genoeg is om uit verschillende onderdelen te bestaan, maar waarin de economische situatie nog niet toelaat dat er een elite kan ontstaan. Stammen zijn grotendeels egalitaire groepen die vaak uit meerdere bands bestaan. Stammen zijn meestal niet groter dan enkele duizenden personen. Het begrip stam slaat dus op een bepaalde vorm van politieke organisatie.

Voor meer informatie gaat u naar: Stam

Statio

Statio was de benaming van de halteplaatsen, baanposten of pleisterplaatsen langs de Romeinse heerwegen en vaarwegen. Het Latijnse woord statio, dat het staan of stilstaan betekent, komt terug in afgeleide woorden als station en stationair.

De wegstations waren in het gehele Romeinse Rijk officiële halteplaatsen waar reizigers konden eten, baden, overnachten en waar van paarden kon worden gewisseld. Ook konden er kleine reparaties worden verricht. De stations werden door de Romeinse administratie langs de heerwegen en vaarwegen opgericht op afstanden van 10 Romeinse mijlen van elkaar. Dit door keizer Augustus opgerichte netwerk van weg- en waterwegstations en het hieraan gekoppelde post- en materiaal- en goederenvervoer werd de cursus publicus genoemd. Door dit efficiënte systeem kon 150 kilometer per dag worden afgelegd.

Status

1) Aanzien 2) Achtbaarheid 3) Hoedanigheid 4) Imago 5) Juridische positie 6) Maatschappelijk aanzien 7) Maatschappelijke positie 8) Plaats 9) Positie 10) Prestige 11) Rang 12) Staat 13) Stand 14) Standing 15) Toestand

Stele

Stele (ook stèle en stela; meervoud: stelae of steles) is de archeologische term voor een (meestal uit één stuk steen of hout gehouwen) tablet of pilaar, met daarin een in reliëf gebeeldhouwde voorstelling en/of tekst.
Steles werden onder andere door de oude Egyptenaren, de Perzen, de Grieken en de Romeinen gebruikt om graven en speciale plaatsen te markeren of als monument om de herinnering aan belangrijke gebeurtenissen vast te leggen. Aan het begin van de jaartelling worden ze ook op het Iberisch schiereiland gebruikt.

Zie meer over steles: Wikipedia of Wikipedia. es

Stratigrafie

Beschrijving van aardlagen.
De bestudering van de oorsprong, samenstelling, spreiding en opeenvolging van strata of lagen.
1) Aardwetenschap 2) Geologische hulpwetenschap 3) Lagenbeschrijving 4) Leer van de aardlagen 5) Planigrafie

Studium Generale

In de middeleeuwen werd met Studium Generale een volwaardige universiteit bedoeld waar het onderwijs aan de vier traditionele faculteiten werd ingericht: artes, theologie, rechten en medicijnen.

Subductie

Subductie is het proces waarbij de platen onder elkaar schuiven en waarbij er anderzijds nieuwe oceaanbodems worden aangelegd. In de “subductiezones” komen hevige aardbevingen voor en is er veel vulkanische activiteit, veroorzaakt door de bewegingen van de twee platen. Er zijn drie soorten plaatverschuivingen waarbij van subductie sprake is: oceanische tegen continentale, continentale tegen continentale en oceanische plaat tegen continentale plaat. Bij dergelijke gevallen ontstaan er altijd troggen (inzinking van oceanen), vulkanen (ontstaan uit ruggen ) en gebergtes.

Zie ook: Wikipedia subductie

Substraat

1) Bodem 2) Grondlaag 3) Ondergrond 4) Onderlaag 5) Stof waarop een giststof inwerkt 6) Voedingsbodem

Iets dat de onderliggende laag of substantie vormt voor hetgeen besproken wordt; in biochemie bijvoorbeeld de stof waarop het enzyme inwerkt, in de ecologie de ondergrond waarop een plant of dier gedijt, etc.

[geologie] – Het substraat is in de geomorfologie (landschapskunde) de combinatie van het reliëf en het gesteente in de ondergrond. 

Suffragaan

Of Suffragaanbisschop: bisschop die onder gezag van een aartsbisschop zijn ambt uitoefent.

Sui generis

Sui generis is een Latijnse uitdrukking en betekent “van zijn eigen soort”. Dus een soort op zichzelf zijnde.

Supramediterrane

Supramediterrane , bioklimatologische bodem die kan worden gevonden in elk gebied van het mediterrane klimaat, gelegen tussen de mesomediterrane beneden en de oromediterrane boven. Afhankelijk van de breedtegraad en andere factoren, is de hoogte waarop het wordt gevonden variabel, hoewel het in alle gevallen een bergklimaat is, met frequente vorst in de winter en hoge temperaturen in de zomer. Vegetatie wordt meestal gekenmerkt door naaldbossen of bladverliezende soorten, zoals sommige kersen.

Suzerein

1) Opperheer 2) Opperleenheer 3) Vorst of staat die een protectoraat uitoefent.

In het middeleeuwse, feodale leenstelsel: hoogste heer die zelf geen leenman is van een hoger geplaatste heer; opperleenheer

Suzereiniteit

1) Opperheerschappij 2) Opperleenheerschappij 3) Staatsvorm

Heerschappij of gezagsverhouding uit een feodaal leenstelsel zoals in de middeleeuwen, die berust op een gelofte van trouw en dienst van een leenman aan zijn opperleenheer; leenheerschappij.

Syllabisch schrif

Het syllabisch schrift is een hoofdgroep van het schrift. Bij dit soort schrift wordt voor elke lettergreep een apart symbool gebruikt. Dit soort schrift komt tegenwoordig alleen nog voor in het Cherokee-syllabenschrift, het Oji-Cree syllabenschrift, het Ethiopisch schrift, het syllabische schrift van de Mangyan op de Filipijnen en het Japanse Katakana en Hiragana. Ook diverse Inuit-talen hebben een syllabisch schrift. Vroeger waren schriften van dit type vrij algemeen: zoals de hiërogliefen, het Lineair A en het Lineair B en het schrift van de Maya’s.

Syncretisme

Syncretisme is in de godsdienstwetenschappen een term die verwijst naar het naar elkaar toegroeien van religies, als een poging om uiteenliggende of tegengestelde geloven en religies met elkaar te combineren. Een equivalent woord kan fusie of hybridisatie zijn.

Versmelting van wijsgerige en religieuze opvattingen en meningen van verschillende herkomst, zonder dat de tegenstrijdigheden worden opgeheven en een synthese wordt bereikt

Voor meer zie Wikipedia: Syncretisme

Synthetisch

Kunstmatig gemaakt.

Synthetiseren

1) Kunstmatig bereiden 2) Samenvoegen 3) (afzonderlijke dingen) samenvoegen tot een geheel of met elkaar in verband brengen.

Tangentieel

Betrekking hebbend op een raaklijn; rakend aan. Het begrip wordt gehanteerd voor infrastructuren die twee plaatsen buiten het stadscentrum rechtstreeks met elkaar verbinden, zonder het centrum zelf aan te doen. Tangentieel wordt tegenover radiaal gesteld.

Tartraat

Een tartraat is een zout of ester van wijnsteenzuur C4H6O6. Tartraten worden vaak gebruikt als voedingsadditief en fungeren in die zin dikwijls als antioxidant en-of zuurteregelaar.

Taxonomie

Taxonomie is de wetenschap van het indelen van individuen of objecten in groepen (taxa, enkelvoud taxon). Met de term taxonomie kan zowel de methode worden bedoeld die bij het indelen wordt toegepast, als de hiërarchische ordening die het resultaat ervan is. Synoniem voor taxonomie zijn systematiek en classificatie.

De tak van wetenschap die zich bezig houdt met het vinden, beschrijven, indelen en benoemen van levende wezens.

1) Biologische rangschikking 2) Het indelen van individuen of objecten in groepen 3) De theorie en praktijk van het beschrijven, het benoemen en het classificeren van organismen

Tectoniek

Tektoniek (van het Grieks tektonikós: bouwwerk) is het geheel aan bewegingen en vervormingen (zoals breuken en plooien) in het vaste oppervlak van een planeet (de korst). De term wordt ook gebruikt voor het vakgebied binnen de geologie dat dit proces bestudeert.

Tektoniek bestudeert de processen, mechanismen en krachten die geleid hebben tot vervormingen in de korst. De bestudering van de vervormingen zelf valt onder de structurele geologie. De natuurkundige achtergrond van tektoniek wordt bestudeerd door de continuümmechanica.

Voor meer gaat u naar: Wikipedia.

Tectonisch

Die of dat verband houdt met een verstoring in de ligging van de aardlagen.  Aardverschuivingen betreffend. Verband houdende met aardbeving.

Temporeel

1) Aards 2) Door de tijd bepaald 3) Kortstondig 4) Provisorisch 5) Tijdelijk 6) Tussentijds 7) Voorbijgaand 8) Voorlopig 9) Wereldlijk 10) Zolang

Tendens

1) Bedoeling 2) Beweging 3) Geneigdheid 4) Hang 5) Moraal 6) Neiging 7) Ontwikkelingslijn 8) Pointe 9) Richting 10) Richting naar een doel 11) Stemming 12) Strekking 13) Tendentie 14) Teneur 15) Trend 16) Zin

Terrestrisch

Op het land levend, Aards, Tellurisch, Tot het land behorend, Op of in de grond levend.

Tertiair

Een oude (benaming) onderverdeling van het Cenozoicum is die in Tertiair en Kwartair. Bij een vorige revisie van de geologische tijdschaal is het begrip ‘Tertiair’ verlaten en vervangen door Neogeen en Paleogeen. Ondanks deze verandering wordt het begrip Tertiair nog steeds zeer veel gebruikt.

Tertiaire sector

De tertiaire sector of de dienstensector is de economische sector die activiteiten met betrekking tot diensten die niet materiële goederen,  – producenten kent. Subsectoren zoals handel, communicatie, call center, financiën, toerisme, horeca, recreatie, cultuur, entertainment, het openbaar bestuur en de zogenaamde openbare diensten (gezondheidszorg, onderwijs, de zorg afhankelijkheid).

Terrestrisch
Tertiaire sector

Ook wel dienstensector sector genoemd. Het geheel van de beroepsbevolking dat niet gerekend wordt tot de landbouw, mijnbouw en industrie. Hiertoe behoort de handel, vervoer, horeca, medische oorzieningen, middenstand, onderwijs, enzovoorts.

Theonomie

Moraal of recht berustend op Gods geopenbaarde wil

Thermofiel

Warmteminnend

Thermoluminescentie
  1. Met thermoluminescentie valt de ouderdom van een materiaal te bepalen omdat de blootstelling aan straling gedurende het bestaan ervan spanningen inbouwt in het materiaal.
  2. De uitzending van licht door een stof na verhitting (minder dan rode gloeihitte).
Tiende

Zie:  Diezmo.

Tonicum

Tonicum is de benaming voor een versterkend middel dat het hele lichaam of specifieke delen ervan zou stimuleren en versterken. Allerlei verschillende middelen zijn als tonicum aan de man gebracht, variërend van koffie tot tonic. Veel niet geregistreerde (alternatieve) medicamenten worden wel als tonicum verkocht.

1) Drank 2) Eetlustopwekkend 3) Levenselixer 4) Opwekkend drankje 5) Opwekkend middel 6) Soort drank 7) Tonic 8) Versterkend middel 9) Zenuwsterkend middel

Topisch

Plaatselijk, lokaal ter plaatse.

Topografie

Topografie is afkomstig uit het Grieks en betekent letterlijk plaatsbeschrijving. Topografie houdt zich bezig met het beschrijven van kenmerken van plaatsen, rivieren en gebieden.

Topografie was altijd een belangrijk onderdeel binnen de aardrijkskunde, maar met de komst van computers en atlassen is het met de jaren steeds minder belangrijk geworden. Tegenwoordig worden plaatsen gemakkelijker opgezocht op internet en is parate kennis op dat gebied minder belangrijk. Toch kan topografie heel nuttig zijn want bij topografie ligt de nadruk op relatieve afstanden. Hoe verhoudt de ene plaats zich tot de andere. Hoe verhoudt Delft zich bijvoorbeeld tot Rotterdam? De afstand in kilometers tussen beide plaatsen en de windrichting kunnen daarbij helpen. Maar de afstand tussen twee plaatsen kan ook in tijd, geld en moeite worden uitgedrukt.

Toponiem

1) Geografische naam 2) Plaatsnaam 3) Topografische naam
Naam van een plaats; plaatsnaam. Zowel in toepassing op namen van bv. streken, steden en dorpen, als op namen van gehuchten, stukken grond, of erven.

Toponymie

Plaatsnaam wetenschap. Etymologische studie naar de plaatsnamen in een gebied of taal.

Totemisme

Totemisme (afgeleid van het woord odoodem in de Ojibwe-taal) is een religieuze overtuiging die vaak geassocieerd wordt met sjamanistische religies. Het beschrijft een relatie van een volk of individu met betrekking tot een totem. Het totemisme kwam wereldwijd voor bij jagers en verzamelaars.

Voor meer hierover, zie Wikipedia.

Transcendent

De grens van de zintuiglijke waarneming te boven gaand.

Transcendentie

Overstijging; bovenzinnelijk bewustzijn; het zich boven de dualiteit van het zinnelijke vereenzelvigen met de getuige; keuzevrijheid; het hier en nu bewustzijn. Overstijging is van essentieel belang in de filognosie (liefde voor de kennis) om niet verstrikt te raken in het ego van de maatschappelijke identiteit die bestaat uit iemands burgerlijke status en beroep.
Transcendentie is een filosofisch begrip dat kan gedefinieerd worden als het naar buiten staan of overstijgen van de mens.

Transgressie

Overstroming van een gebied door stijging van de zeespiegel of daling van het land of beide.

Een periode waarin de invloed van de zee in een kustgebied toeneemt. Er wordt dan zand en klei afgezet.

 

Transhumance

Transhumance wil zeggen dat boeren in de zomer met hun vee naar hoger gelegen gebieden trekken in de bergen. Vroeger kwam dit op grotere schaal voor dan tegenwoordig. De reden van deze trek is dat het in de zomer veelal te heet en te droog is in de lagere delen.

Transitie

Overgang, van het ene naar het andere.

Transliteratie

-Conversie waarbij het schrift van een taal zo eenduidig mogelijk wordt omgezet naar een ander schrift.
-Transliteratie is het omzetten van het ene alfabet of schriftsysteem in het andere. In de loop van de tijd zijn er veel transliteratiesystemen bedacht.

Triarchie

Driemanschap, heerschappij van drie personen in een land.

Tribaal

Als iets verband houdt met een of meer volksstammen. Bijvoorbeeld, `een conservatieve, tribale samenleving`, `tribale kunst uit Zuidoost-Azië.

Triennium

Periode van drie jaar.

Troonpretendent

Een troonpretendent is een persoon die aanspraak maakt op de troon van een land die bezet is door een andere vorst, of is afgeschaft. Pretendenten treden vaak op bij wisseling van dynastieën, ofwel omdat de leidende tak van een familie uitsterft en twee takken ruzie maken, ofwel omdat de ene dynastie door de andere vervangen wordt.

Tumulus

1) Aarden grafheuvel 2) Grafheuv 3) Grafheuvel 4) Heuvel 5) Voorhistorische grafheuvel

Typologie

Een typologie is in het algemeen een onderverdeling van een groep personen, beschrijvingen, objecten op basis van (een aantal) kenmerken.
In de bouwkunde is het, bijvoorbeeld, de indeling van gebouwen in soorten met gemeenschappelijke eigenschappen.

Ugaristisch

Het Ugaritisch wordt beschouwd als een Semitische taal en is daarmee verwant aan onder andere het Arabisch, Aramees en Hebreeuws.

https://nl.wikipedia.org/wiki/Ugaritisch

Ultra perifeer gebied   of   Ultraperifere regio

Is een gebiedsdeel van een lidstaat van de Europese Unie waar de EU-wetgeving geldt maar waar het mogelijk is om vanwege de grote afstand tussen deze gebieden en het metropolitane Europa, uitzonderingen te maken in de geldigheid van de wetgeving.

Unitair

Strevend naar eenheid. Gebaseerd op eenheid

Usurpatie

Onrechtmatig in bezit nemen; zich wederrechtelijk of oneigenlijk toeëigenen.

Usurpator

Een usurpator (overweldiger) is een persoon die op een illegale wijze bevoegdheden of bezit overneemt, zoals het onrechtmatig overnemen van een troon of van een ambt in een republiek. Deze illegale daad wordt usurpatie (werkwoord usurperen) genoemd.

Vaccaei

(Oudgrieks: Οὐακκαῖοι) was een machtige Spaanse volksstam in het noordwesten van het Iberische Schiereiland, aan de Duero. Hun hoofdstad was Pallantia (het huidige Palencia). Zij bebouwden de grond in gemeenschap en deelden evenredig de opbrengst. Zij waren zeer krijgshaftig en maakten het de Puniërs (Carthagers) dikwijls zeer lastig.

Vardulos

De Várdulos waren een pre-Romeinse stam die was gevestigd in het noorden van het Iberisch schiereiland in het huidige Spanje , in het oostelijke deel van Baskenland .

Variscische, Varistische of Hercynische orogenese

De Hercynische, Varistische of Variscische orogenese of plooiing was een fase van gebergtevorming (een “orogenese”) gedurende het Laat-Paleozoïcum, die herkend wordt in oudere gesteenten in de ondergrond van Midden- en Zuid-Europa en Noord-Afrika. De actieve orogenese strekte zich uit over een tijdsspanne van ongeveer 90 miljoen jaar, ruwweg van 390 tot 300 miljoen jaar geleden (Ma). De belangrijkste fases waren aan het eind van het Carboon, ongeveer 300 miljoen jaar geleden.

Voor meer ga naar; Wikipedia

Vazal

Een vazal, is in het middeleeuwse, feodale systeem, een man die trouw heeft gezworen aan een heer of koning en daarvoor een leen zoals een grondgebied, heeft ontvangen. De heren of koningen hopen met de belening een groep loyale edelen tot hun beschikking te hebben. De koning beschermt de vazal en in ruil hiervoor is de vazal gehoorzaamheid verschuldigd en dient de vazal de koning met raad en daad bij te staan (krijgsdienst met paard en soldaten).

Verlichting (stroming)

Een filosofische stroming uit de 18e eeuw die gekenmerkt wordt door ongebonden doch vaak klakkeloos gebruik van de rede, een levendige twijfel over autoriteit en de traditionele leerstellingen, een neiging tot individualisme en een nadruk op het idee van de universele vooruitgang van de mens.

Vexillologie

Banistiek of vlaggenkunde, wetenschap die zich bezighoud met vlaggen.
vexillum = vlag / logos = leer

Vicariaat

Bisdom in missiegebied; Pauselijk bestuurscollege; Plaatsvervanging

Viscaris

In het kerkrecht: plaatsvervanger van een bisschop, maar daarnaast de bisschop ook bijstaat in het bestuur van het bisdom.

Vicarius

Vicarius heette de slaaf van een andere slaaf van hogere rang, meermaals vermeld bij Horatius en Cicero. Wanneer toch aan een slaaf door zijn meester het genot van enig vermogen was toegestaan, bijvoorbeeld een deel van zijn verdiensten, hetgeen meermaals het geval was met slaven, die een ambacht beoefenden en op zichzelf woonden, dan kon zulk een slaaf op zijn beurt ook soms weer een slaaf kopen en in zijn dienst gebruiken.

Sinds Diocletianus (Romeins keizer 284)betekende vicarius, gouverneur van een dioecese. Het gehele Romeinse Rijk was namelijk verdeeld in 4 prefecturen, ieder prefectuur in dioecesen, ieder dioecese in provinciën, waarvan de stadhouder Rector (praeses) heette.

Vizier

Een vizier (Arabisch: وزير; wazīr; “lastdrager” of “helper”; van wazara, Turks: vezir), ook gespeld als vazir, vizir, vasir, wazir of vesir is een benaming voor een hooggeplaatste functionaris en (soms religieuze) regeringsadviseur of minister van een heerser zoals een farao, kalief, emir, malik (koning) of sultan. De term bestaat al sinds de oudheid.

Meer weten, ga naar: Wikipedia

Volkeren

Een volk is een groep mensen die samenwonen en dezelfde cultuur hebben. De etnologie is de wetenschap, die zich met het verschijnsel volk, voornamelijk als etniciteit, bezighoudt. Nauw verbonden daarmee is de culturele antropologie, de wetenschap van het sociale gedrag. In moderne geïntegreerde samenlevingen met veel immigranten wordt de definitie van een volk minder duidelijk.

Voor meer informatie gaat u naar: Volkeren

Votief

ex voto, gelofte-offer. In samenstellingen als bv. votiefaltaar, votiefkaars en votiefkerk beduidt votief dat het object geschonken is als inwilliging van een belofte. Simpel gesteld: iemand zei bv. `Als ik hier levend uit kom, dan laat ik een kerk bouwen`, liet hij een votiefkerk bouwen om zijn belofte na te komen.

Vulgair

Alledaags, gering, gemeen, laag. Vulgariteit, gemeenheid, onbeschaafdheid. Vulgata, de eerste en gewone Latijnse bijbelvertaling, waarvan men zich uitsluitend in de Roomse kerk bedient. Vulgeren, vulgeniseren, verspreiden, onder het volk brengen.

Wali

Is een Arabisch woord voor “bewaker, beschermer, helper” etc. Een wali is iemand met autoriteit of voogdij over iemand anders. Volgens fiqh (islamitische jurisprudentie) is een vader bijvoorbeeld de wali van zijn kinderen, in het bijzonder voor zijn dochters bij het huwelijk.

Wāli (Arabisch: والٍ) is een administratieve titel die tijdens verschillende perioden in de Arabische geschiedenis (Ottomaans Rijk, Al-Andalus) werd gebruikt om gouverneurs van administratieve afdelingen aan te wijzen. Het is nog in gebruik in sommige landen die zich oriënteren op de Arabische cultuur, zoals Algerije en Marokko. De afdeling die een wāli regeert wordt wilaya genoemd.

Wilaya

Wilaya is de Arabische naam voor provincies, gebieden of districten in een aantal landen. Elke wilaya wordt bestuurd door een wāli (gouverneur) die wordt aangesteld door de regering.

Xerofiel, Xerophyten

Planten, die alle eigenschappen bezitten welke hen geschikt maken te groeien op plaatsen, waar maar weinig water voorradig is, of het opnemen van water moeilijk is; die eigenschappen zijn o.a. leerachtige bladeren, dichte beharing, lage groei, spoedig verhouten van stengels, omkrullen van bladeren.

Zenit

1) Denkbeeldig punt aan de horizon 2) Denkbeeldige punt aan de hemel 3) Hoogste punt 4) Hoogtepunt 5) Piek 6) Schedelpunt 7) Top 8) Toppunt 9) Toppunt aan de hemel.

Zeeridder
      1. Staat voor een (gefantaseerd) wezen, voorgesteld als een ridder in wapenrusting met de staart van een vis, en als zodanig de tegenhanger van de (zee)meermin; meerman. Afgebeeld op het schilderij van Jeroen Bosch (Tuin der Lusten).
      2. Incidenteel in vertalingen, een niet met zekerheid te identificeren wezens.
      3. Hij die de zee berijdt; in de volgende aanhef steeds in melioratieven zin en/of als eeretitel: held ter zee, zeeheld. Zowel gezegd van iemand die zich dapper gedragen heeft in zeegevechten als van iemand die zich op ontdekkingstochten of anderszins zeer verdienstelijk heeft gemaakt. Verouderde betekenis.
Zeven vrije kunsten

De zeven vrije kunsten, oorspronkelijk bekend onder hun Latijnse naam septem artes liberales, waren zeven vakken die deel uitmaakten van het studieprogramma in antieke en middeleeuwse Europese scholen en met name de universiteiten. De zeven vakken waren Grammatica, Dialectica/ logica, Retorica, Aritmetica, Geometria, Musica en Astronomia. Ze worden ‘vrij’ genoemd (Latijn: liber), omdat zij de opleiding van de vrije mens beogen. In tegenstelling tot andere leerprogramma’s die worden nagestreefd voor economische doeleinden, is het niet hun doel om de student voor te bereiden op het verkrijgen van een inkomen, maar op de uitoefening van de wetenschap in de strikte zin van het woord, dat wil zeggen de combinatie van filosofie en theologie, bekend als scholastiek.

Zoömorf

Met de vorm van een dier.

 

Verwant aan dit onderwerp:

Naar boven
Spaanse Verhalen. spaanseverhalen.com
Laatst bijgewerkt 2020-11-12

{{Bronvermelding Wikipedia|taal=nl|titel=divers|oldid=divers| datum=divers}}
{{Bronvermelding Website Encyclo.nl|https://www.encyclo.nl/| datum=divers}}
{{Bronvermelding Website MWB mijnwoordenboek|https://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek| datum=divers}}
{{Bronvermelding Website Cultureel woordenboek.nl|https://www.cultureelwoordenboek.nl| datum=divers}}
{{Bronvermelding Begrippenbank Bedrijfskunde|https://www.encyclo.nl//Media/Begrippenbank-Bedrijfskunde-Streutker/Begripp| datum=divers}}
{{Bronvermelding Website Woorden.org|https://www.woorden.org/woord/………| datum=divers}

De foto’s/afbeeldingen zijn gelicenseerd onder  Wikimedia Creative Commons: CC BY 1.0 , Naamsvermelding 2.0 Unported CC BY 2.0 , Attribution 2.0 Generic (CC BY 2.0), CC BY 2.5 , CC BY-SA 2.0 , CC BY-SA 2.5, Attribution 3.0 Unported (CC BY 3.0), Attribution-ShareAlike 3.0 Unported (CC BY-SA 3.0), CC BY-SA 4.0 , GNU-licentie voor vrije documentatie , CC0 1.0 Universal, CC BY-SA 1.0 of Publiek Domein, als u op één van de link’s hieronder klikt, krijgt u de volledige informatie van deze foto’s/afbeeldingen te zien.

 

Hans Brongers Buitenfotografie

VOOR DAG EN DAUW IN DE NATUUR

De niet genomen weg

Fietsen, wandelen, foto's, gedachten en meer.

MONTSE ANTARES BLOG CINEMA

BANDAS SONORAS.. SOUNDTRACKS.. Y MÁS

%d bloggers liken dit: